AALY Trio speelt rauw en krachtig

Sinds de jazz geïnfecteerd raakte met het postmodernisme-virus en flink begon uit te dijen, zijn de hoogtijdagen der stijlvasten geteld. Hen rest slechts het reservaat van het genre, de hoofdrol is nu definitief weggelegd voor de alchemisten en de bruggenbouwers.

Rietblazer Ken Vandermark behoort tot die laatste categorie. Hij speelt net zo lief met R&B groepen als met rock- of jazzformaties en vormt in zijn thuisstad Chicago de schakel tussen oude zwarte helden en jonge blanke avant-gardisten. Zijn speelstijl verenigt rauwe freejazz-uithalen, jaren veertig honks en knorrende funk. Vandermark is een muzikale spons die desalniettemin een herkenbaar eigen karakter heeft dat boven alles gekenmerkt wordt door een onstuimige energie en een massief geluid.

Naast al die dingen is de Amerikaanse blazer de rechterhersenhelft van het AALY Trio. De linkerhelft wordt gevormd door saxofonist Mats Gustafsson, die in alle opzichten Vandermarks Zweedse zielsverwant is.

Gustafsson betoonde zich gisteren op het SJU Jazzpodium een gepassioneerd krachtblazer met gevoel voor nuance. Zijn acrobatisch getuimel van onwaarschijnlijk hoog tot buiktrillend laag was even indrukwekkend als zijn knallende `slaptongue' en sonore misthoorngeluid. Maar het mooiste was wel hoe hij door via de sax in te ademen een storm liet waaien en kleppengekletter tot dramatisch middel wist te verheffen.

Het ritmetandem deed in luidruchtigheid en inventiviteit niet onder voor de frontline. Drummer Kjell Nordeson drapeerde een golvend ritmetapijt met extreem veel noten over het totaalgeluid. En Peter Janson plukte als een bezetene aan zijn snaren of masseerde een waterval aan glissandi uit de hals van zijn bas.

Toch stelden zij zich ondanks hun vele decibellen dienstbaar op. Hun rol beperkte zich vooral tot het geven van voorzetten en rugdekking aan de saxofonisten.

Je zou denken dat met twee hardblazers van dit formaat op hetzelfde podium een `battle' bijna onvermijdelijk is. Maar Vandermark en Gustafsson lieten elkaar juist de ruimte, kennen elkaar te goed om de ander de loef af te willen steken met een macho staaltje machtvertoon. Uiteraard werd er wel gesoleerd tot het zweet op de voorhoofden parelde en voor de aankondigingen enkel nog gehijg restte, maar structuur gaat bij het AALY Trio altijd boven egotripperij.

Hoe anarchistisch, explosief of zelfs stuurloos de improvisaties soms op eerste gehoor ook klonken, de melodie lag altijd zo voor het oprapen. Na een kolkende portie rauwe energie verenigden de voormannen steevast hun krachten voor een unisono geblazen weemoedig stukje fanfare à la Albert Ayler, een dansant volksmuziekje of een complex thema in onregelmatig Balkanritme.

Concert: AALY trio & Ken Vandermark. Gehoord: 3/5 in SJU Jazzpodium, Utrecht. Herh: 4/5 in BIMhuis, Amsterdam.