Vechten voor iedere vierkante centimeter

De snelle groei van festivals noodzaakt een professionelere aanpak. Na de Roskilde-doden wordt de veiligheid serieus aangepakt.

HET IS GEDAAN met de spreekwoordelijke love and peace op grote popfestivals. Waar vroeger hippies gelukzalig het terrein op slenterden en slechts hier en daar een relletje ontstond, staat nu een kordon beveiligingspoortjes die piepen voor pistolen of messen. De enige love die er nog te beleven is, is de omhelzing van een fouillerende beveiligingsmedewerker.

En dan de peace. In de goede oude tijd was het publiek een harmonieuze massa waarin het zeer wel mogelijk was de liefde te bedrijven of een picknick te houden – men maakte gewoon even plaats. Nu is het vechten om die vijftig vierkante centimeter modderbad die voor elke festivalbezoeker is berekend.

Een verkwikkend crowdsurfje – het op de hoofden en handen van het publiek naar voren rollen – zit er ook al niet meer in. Crowdsurfen is vorig jaar verboden door Yourope, een bundeling van organisatoren van 21 grote Europese popfestivals. Aanleiding waren de negen doden tijdens het Deense Roskilde-festival in de nacht van 30 juni 2000. De jongeren werden onder de voet gelopen toen crowdsurfers paniek veroorzaakten vlak voor het podium waar rockband Pearl Jam speelde.

Regulering is sinds de Roskilde-doden het motto. En dus wordt het publiek onder controle gehouden met hekwerken die als een kruis van Lotharingen het veld in parten verdelen. Veiligheidspersoneel pikt al te wilde fans uit het publiek en zet ze apart, of verwijdert ze na herhaaldelijk wangedrag zelfs. En de bands ten slotte, tekenen een contract waarin ze beloven het publiek niet aan te zetten tot crowdsurfen of stagediven (vanaf het podium of dranghek in het publiek duiken).

Het Roskilde-drama zou mede veroorzaakt zijn doordat hiërarchie in de organisatie ontbrak en niemand de beslissingsbevoegdheid had de muziek stop te zetten toen de eerste paniek uitbrak. Het Deense beveiligingspersoneel bestond voor een aanzienlijk deel uit vrijwilligers en de dranghekken waren afkomstig uit een voetbalstadion en niet geschikt voor het tegenhouden van wild dansende mensen op een spekgladde modderige ondergrond. Schijnbaar ongemerkt groeiden festivals sneller dan de organisaties aankonden.

Het lijkt er op dat het Roskilde-drama de professionalisering definitief in gang heeft gezet. De popfestivals in het komende seizoen worden beter gemanaged dan ooit. Zo zijn er nu vrijwel overal draaiboeken voor de crowd control (het in bedwang houden van mensenmassa's).

Een essentieel element van de huidige crowd control is de plaatsing van speciale dranghekken, zoals de in Nederland ontworpen Mojo Barriers. Deze dranghekken zijn ontwikkeld door Mojo (de organisator van de meeste Nederlandse popfestivals) en TNO. Patrick Jordan van Mojo Barriers verhuurt ze al tien jaar wereldwijd. De barriers kunnen dankzij hun A-vorm niet kieperen, ze hebben een opstap voor het beveiligingspersoneel dat zo gemakkelijk mensen in nood over het hek kan trekken en ze zijn 1 meter 20 hoog. Wie het echt niet meer ziet zitten, kan er met een beetje goede wil overheen klimmen.

Maar het neerzetten van de speciale hekken alleen is niet voldoende. ,,Crowd control is ook: opdelen van het terrein'', zegt Jordan. ,,Met een kruis of anker van hekken waarbinnen een gang is voor hulpdiensten en security, breek je de zijwaartse druk en de beweging richting podium. Het is ook belangrijk dat de geluidsweergave goed is. Als achterin een tent of terrein geen boxen hangen, dringen mensen massaal naar voren. Dat kan bij Roskilde ook een factor zijn geweest. Daar moet je van tevoren over nadenken.''

Jordan wijst op een dik boek op zijn bureau. Het is de Pop Code, een Brits draaiboek dat voorschrijft waar concerten in Groot-Brittannië aan moeten voldoen. ,,Van de plaatsing van brandblussers tot de maximale druk die een hek moet kunnen hebben, alles staat er in.'' Nederland kent geen van hogerhand opgelegd reglement voor festivals. ,,Groot-Brittannië is hier uniek in. In Nederland heb je ter plaatse eigenlijk alleen te maken met de brandweer die controleert of de nooduitgangen in orde zijn en bouwtoezicht dat hekken nakijkt.''

Toch maakt dat de Nederlandse popfestivals niet tot evenementen waar het wachten is op ongelukken, zegt een woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Jordan beaamt dat. ,,Beveiligingspersoneel moet hier in bezit zijn van een diploma en is goed berekend op grote massa's. Dat scheelt al ontzettend. En een strikt handboek werkt wellicht routine in de hand. In Nederland kijken we bij elk festival apart naar de locatie, het soort publiek, de ondergrond.''

Dat ook de Engelse Pop Code ongelukken niet kan voorkomen, bleek vorig jaar tijdens het Glastonbury's Rock Festival in Somerset, het grootste popevenement in Groot-Brittannië. Het festival is beroemd om de `echte festivalsfeer' en vormt al sinds 1970 een trekpleister voor zowel hippies als yuppies. Vorig jaar haalden tienduizenden bezoekers zonder kaartje afrasteringen neer en stroomden het terrein op, wat grote chaos veroorzaakte. Het festival is dit jaar afgelast in afwachting van nieuw hekwerk dat in 2002 wordt geplaatst.

In Nederland lijkt het crowdsurfverbod zijn vruchten af te werpen. Vorig jaar vielen op Lowlands (bijna 60.000 bezoekers) 1.200 gewonden minder dan het jaar daarvoor. Dankzij het surfverbod, zegt de organisatie. Haro van Vliet, een 37-jarige festivalganger die nog altijd ,,graag een surfje of een stagediveje waagt'', vindt alle veiligheidsmaatregelen echter ,,de doodsteek voor de festivalcultuur''. ,,Een paar jaar geleden vroeg zo'n securitydame bij Pinkpop plots aan me of ik een steekwapen bij me droeg. Ik zeg: dit is een vreedzame bijeenkomst hoor. Ooit wel eens gespuis vrijwillig een dag met een vuilniszak op de kop in de stromende regen zien staan?''