Vaccinmakers meer welkom in Brussel

Wat hebben vleesvervangers, vaccinfabrikanten en de minister van Landbouw met elkaar te maken? Allemaal profiteren ze op een of andere manier van de MKZ-crisis. Deel 3 van een serie: de hoop van de vaccinproducenten.

Tijdens de varkenspestepidemie in 1997 zeiden critici van het Europese landbouwbeleid dat het een schande was dat er meer dan een miljoen dieren werden afgemaakt, terwijl er een vaccin tegen varkenspest bestaat. Nu, tijdens de mond- en klauwzeeruitbraak zijn de kritische geluiden luider. Waarschijnlijk omdat niet alleen varkens maar ook koeien, schapen en geiten - beesten met een hogere aaibaarheidsfactor - worden gedood en vernietigd.

Directeur international marketing Piet Nelis van diergeneesmiddelenfabrikant Intervet in Boxmeer (in grootte de derde diergeneesmiddelenfabrikanten ter wereld en onderdeel van de farmadivisie van AkzoNobel) ziet voor zijn bedrijf nu nog geen positieve effecten van de MKZ-crisis. Maar hij houdt er rekening mee dat deze veeziekte-uitbraak in de EU op den duur een soortgelijke uitwerking heeft als de varkenspest-epidemie uit 1997. Binnenkort neemt de EU namelijk waarschijnlijk een richtlijn aan die bij soortgelijke epidemieën alsnog vaccinatie toestaat. De epidemie heeft immers ,,tot hoge economische kosten en verliezen voor de EU, de aangesloten landen en de betrokken varkensboeren'', geleid, alsdus de ontwerp-richtlijn. De schade ,,is veroorzaakt door het doden en vernietigen van een zeer groot aantal dieren, wat ook ethisch discutabel is.''

De ontwerp-richtlijn staat voortaan vaccinatie toe bij een snel om zich heen grijpende epidemie in een dicht met varkens bevolkt gebied waar de vernietigingscapaciteit tekort schiet. Vaccinatie was tot nu toe bij varkenspest onbespreekbaar.

Een markervaccin zou de oplossing brengen. Een bijpassende test kan dan aantonen of een dier gevaccineerd is of een echte infectie heeft doorgemaakt, van grote betekenis voor de exportbelangen van de veesector. Met de klassieke varkenspestvaccins is dat onderscheid niet mogelijk. Intervet produceert een markervaccin dat inmiddels in de EU is geregistreerd. Wanneer dat mag worden gebruikt is het niet langer nodig om gevaccineerde dieren te doden en vernietigen, omdat dan steeds is na te gaan of een groep dieren van een bedrijf in contact is geweest met het virus. Als dat zo is moeten ze alsnog worden vernietigd, want dan vormen ze altijd een bedreiging voor ongevaccineerde dieren. Ze kunnen, ook al is de kans nog zo klein, het virus toch nog steeds bij zich dragen.

Nelis: ,,Bij mond- en klauwzeer zijn de traditionele vaccins al markervaccins. Bij een geschikte test, die wij in ontwikkeling hebben, kunnen we onderscheid maken tussen dieren die zijn gevaccineerd en dieren die besmet zijn geweest met het echte MKZ-virus. De verantwoordelijkheid van de industrie is om markervaccins en de testkit te leveren. De overheid moet een grootschalig testprogramma introduceren.''

De MKZ-test mag niet meer dan 1 of 2 euro (2,50 tot 5 gulden) kosten, aldus Nelis, maar hoe groot de steekproef van de jaarlijks in Nederland geslachte 20 miljoen dieren (voornamelijk varkens) moet zijn om eventueel aanwezig MKZ-virus op te sporen is nog onbekend. Het vaccineren van de bijna vier miljoen melkkoeien kost naar schatting 40 tot 80 miljoen gulden per jaar. Behalve de vaccinfabrikant zal ook de dierenarts daar het nodige aan verdienen.

Bij MKZ is het idee om niet te wachten op een uitbraak, stelt Nelis, maar om alle runderen te gaan vaccineren. Per bedrijf kan dan met een test worden vastgesteld of het MKZ-virus er is geweest. ,,Het is een systeem om MKZ uit te roeien, terwijl ook export naar niet-vaccinerende MKZ-vrije landen mogelijk moet zijn.''

In Nederland zijn de afgelopen weken 140.000 tests op mond- en klauwzeer uitgevoerd. De tests voor onderzoeksinstituut ID-Lelystad zijn voor een deel afkomstig van het Britse Institute for Animal Health in Pirbright, Surrey. Dit Britse overheidslab is een internationaal referentielab voor mond- en klauwzeer. De tests worden tegen een niet-commerciële prijs geleverd. Een ander deel van de tests maakt ID-Lelystad zelf uit basischemicaliën. Ook het ministeriële onderzoeksinstituut verdient daar nauwelijks aan. ,,We hadden dit werk zelfs liever niet gedaan'', reageert woordvoerder Balk. ,,Het ministerie staat toe dat we bij zulke crises extra personeel krijgen, maar dat is tijdelijk.''

De delen 1 en 2 verschenen in de kranten van 1 en 2 mei.