Jospin kan maar niet populair worden

De spagaat die de Franse premier Jospin nu al vier jaar volhoudt, valt hem steeds zwaarder. De balans van zijn coalitie ziet er gezond uit, maar hij krijgt er nauwelijks krediet voor.

,,Gewoon naasten'', zei Arlette Laguiller, boegbeeld van het extreem-linkse Lutte Ouvrière, deze week op de radio over de bedrijven die winst maken maar niettemin werknemers ontslaan. Danone, Moulinex, Lu, d'accord, zei de interviewer, maar Marks & Spencer? Dat is toch een buitenlands bedrijf? ,,Gewoon naasten'', hield Laguiller vol en, hoewel ze haar leven lang al every inch trotskiste is, stelde ze doodleuk generaal De Gaulle ten voorbeeld, die na de oorlog óók allerlei bedrijven ,,zonder probleem'' nationaliseerde.

Er is niet veel fantasie voor nodig om te bedenken dat een verlicht socialist als de Franse premier Lionel Jospin graag zijn schouders over Laguiller zou ophalen. In principe kan hij dat ook. Lutte Ouvrière maakt geen deel uit van zijn fameuze gauche plurielle, het `meervoudige links' waarmee hij al sinds 1997 de langstzittende regering sinds twintig jaar vormt.

Toch zal Jospin met enige vrees nota hebben genomen van Laguillers visie: extreem-links deed het opmerkelijk goed tijdens de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Het is dan ook niet zonder risico dat een andere extreem-linkse groepering, de Ligue Communiste Révolutionnaire, overweegt een verbond aan te gaan met Lutte Ouvrière. Ook de LCR zal in dat geval de achterban niet adviseren op meervoudig links te stemmen in de tweede ronde van de landelijke verkiezingen, volgend voorjaar. Dat kan, zoals de kaarten nu liggen, vijf procent van het linkse electoraat schelen.

En Jospin heeft al het zo moeilijk. Misschien is het een traditioneel dipje – vorig jaar deze tijd was het niet anders. Maar toen waren er niet net gemeenteraadsverkiezingen gehouden, die nu dan toch hun schaduw vooruitwerpen. De klad zit in la dream team. Weliswaas veroverden de socialisten de rechtse bastions Parijs en Lyon, maar elders verloren zij terrein. Net als de regeringspartner, de Communistische Partij. Die kijkt jaloers naar extreem-links en schiet van de weeromstuit terug in oude reflexen.

Zo zijn de voorgestelde maatregelen tegen bedrijven als Danone in communistische ogen volstrekt onvoldoende. Men eist kortweg een ontslagverbod. De vertrouwde retoriek wordt weer afgestoft, ondanks succesvol economisch beleid, dat de werkloosheid in vier jaar van ruim 12 naar 8,5 procent terugdrong. Er kwamen anderhalf miljoen banen bij, Frankrijk is de economische motor van Europa.

Kennelijk telt dat niet voor de kleine groep linkse diehards. Die missen als het ware het jargon ,,Naasten!'' in plaats van het ,,Privatiseren!'' van Jospin en zien in zijn van het Nederlandse poldermodel afgekeken dialoog slechts geheul met de vijand.

Lu, Danone, Moulinex ,,bewijzen'' hun gelijk. De stakende vroedvrouwen ook trouwens, net als het openbaar vervoer dat voortdurend stilstaat. Wegens ,,sociale conflicten'', zoals de mechanische omroepstem in de overvolle metrostations het uitdrukt, in concreto wil het personeel op 55-jarige leeftijd met pensioen. Ook de gasprijs is deze week omhooggegaan en binnenkort wordt de controversiële 35-urige werkweek voor bedrijven met minder dan twintig werknemers verplicht. En wat te denken van al die overstromingen? Grieven genoeg: nog een wonder dat de animo beperkt bleek, op de Dag van de Arbeid de straat op te gaan. De demonstranten keerden zich bovendien niet zozeer tegen de regering alswel tegen de gewraakte bedrijven.

Het is een kleine pleister op de wonde. De spagaat die Jospin nu al vier jaar volhoudt, begint hem ook om andere redenen steeds zwaarder te vallen. De Mouvement des Citoyens is, sinds het aftreden van voorman Jean-Pierre Chevènement als minister van Binnenlandse Zaken (omdat hij het oneens was met de autonomie-voorstellen voor Corsica) niet alleen voormalig regeringspartner, maar ook zo ongeveer in de oppositie gegaan. Een tour d'horizon, waarvoor Jospin hem en de communist Robert Hue vorige week ontving, kon daar weinig aan veranderen.

Bovendien willen de Groenen, ook lid van meervoudig links, hun relatieve winst bij de raadsverkiezingen in meer landelijke macht omgezet zien. Dat de socialistische minister van Financiën, Laurent Fabius, het vorige week waagde voor te stellen de milieubelasting voor vervuilende bedrijven maar in de koelkast te zetten, was dan ook een uitgelezen aanleiding voor spierballenvertoon.

Dit alles is al zuur genoeg voor iemand die toch heus op een fraaie bilan, een mooie staat van dienst, kan bogen, maar wat Lionel Jospin echt dwarszit, is zijn imago. Hij kan opsommen wat hij wil aan bereikte doelen, het volk houdt meer van de overwegend duimendraaiende Jacques Chirac. Van rechts dus: de vermaledijde gemeenteraadsverkiezingen bewezen het weer eens.

De arme Jospin zit klem tussen dat rechts en extreem-links en consorten, maar meer nog is hij gevangene van zichzelf. Hij neemt de moeite om naar de overstroomde gebieden in noordwest-Frankrijk af te reizen, maar wordt er uitgescholden en weggejaagd. De president daarentegen hoeft alleen maar ,,heel hartelijk'' een delegatie van (uitsluitend rechtse) burgemeesters uit het getroffen gebied op het Élysée te ontvangen – en is de gevierde man. De vooralsnog brandschone rationalist Jospin is afkerig van vertoon van emoties, het door schandalen achtervolgde staatshoofd lééft er van.

Schouderklopjes, camaraderie: dat willen de Fransen, meer nog dan heel vroeg met pensioen. Twee weken geleden onderwierp Jospin zich weer eens aan een televisie-interview, nooit zijn sterkste kant, maar de noodzaak tot damage-control gebood het. Hij zei zich slechts kandidaat te stellen voor de presidentsverkiezingen, volgend jaar, als ,,men dat wenst''. ,,Houd van me, anders doe ik het niet'', maakte het linkse dagblad Libération er de volgende dag van.

Kwaadsappig misschien. Maar er zit iets in.