Haal oorlog in de tuin

Woeste natuur is in Nederland al honderden jaren geleden verdwenen. Gelukkig maar, want ons cultuurlandschap is een stuk gevarieerder en vriendelijker dan die woeste natuur van een paar eeuwen terug. Maar ook het cultuurlandschap verdwijnt. Het veelbesproken Groene Hart van ons land mag dan wel groen zijn, maar veel meer dan gras is er niet te zien. Waarschijnlijk zou daar meer variatie te vinden zijn als de groene monocultuur werd opgedeeld in honderdduizenden kavels vol huisjes, boompjes en beestjes. Het aantal planten- en dierensoorten zou op slag vertienvoudigen. Naarmate Nederland wordt volgebouwd, zie je in de tuin een tegenbeweging ontstaan. In de tuin, aan deze kant van de heg of de schutting, wordt geprobeerd om te herscheppen wat aan gene zijde verdwenen is.

Het is nog geen twintig jaar geleden dat we in onze gazons de madeliefjes met onkruidverdelgers bespoten – nu worden ze gezaaid. En ook de insecten zijn opgewaardeerd. Het is nog niet zo ver dat we luizen in onze klimrozen uitzetten, maar het lieveheersbeestje, een groot liefhebber van luizen, is al per kilo te koop. De tuinier heeft een dubbele moraal, wat de fauna van zijn tuin betreft. Hij scheidt dieren in jagers en prooien. Jagers worden gekoesterd, slachtoffers verfoeid. De egel wordt verwend met blikjes kattenvoer en schoteltjes melk, terwijl de belangrijkste prooi van de egel, de slak, met slakkengif om zeep wordt geholpen. En als je de gifstrooier erop wijst dat hij met zijn slakkenkorrels indirect de egel doodt, dan kijkt hij je niet-begrijpend aan. Het verband tussen egel en slak ontgaat hem.

Doordat velen de natuur alleen nog kennen uit Verkade albums of televisie-uitzendingen van de EO, zijn we het zicht op het verband tussen flora en fauna kwijtgeraakt. We zijn gefixeerd geraakt op de mens; we weten alles van onze eigen menselijke in vitro fertilisatie, maar vraag niemand hoe een kip of een koolwitje wordt bevrucht. We zijn in staat om in onze tuin de vlinder te koesteren en de rups te verdelgen. In dat licht bezien is het geen overbodige luxe om de tuin zo in te richten dat we voor onszelf en onze kinderen de gelegenheid scheppen om het reilen en zeilen van de fauna eens van dichtbij te bekijken.

Het is niet moeilijk om een tuin fauna-vriendelijk in te richten. U hoeft daarvoor niets te doen, maar alleen veel na te laten. U gooit het snoeihout niet in de groene container, maar op een hoop. Als u geluk heeft zullen zich onder die takkenhoop bunzingen, wezels, of hermelijnen vestigen. Als u pech heeft ratten of muizen. U laat afgevallen blad tussen uw borderplanten liggen. In de strooisellaag die door verterend blad ontstaat vestigen zich tientallen verschillende dieren – van pissebed en duizendpoot tot spitsmuis. En u laat bladluizen, witte vlieg, spuugbeestjes en andere sapzuigers met rust en wacht gelaten tot mezen, roodborsten en winterkoningen zich melden om u van de gehate insecten af te helpen. Kortom: laissez faire, laissez aller. Hoe rommeliger uw tuin, hoe rijker de fauna.

Die ontspannen houding vraagt een bepaalde karaktervastheid en ik kan me voorstellen dat u het dierenleven van uw tuin liever op een door u aangewezen plaats concentreert. Voor u is de beestentoren bedacht. De basis van de beestentoren wordt gevormd door de onderaardse egelburcht, gemaakt van een oude metselkuip. Daarop staat een gezellig hommelhome, vervaardigd uit gestapelde bakstenen of stoeptegels. Dan volgt een flatwoning voor solitaire bijen van riet en schijven hout. Het dak van de bijenafdeling wordt gevormd door de traditionele vogelvoederplank en de faunatoren wordt bekroond door een vleermuiszolder, gedekt met een traditioneel rieten dakje. Decoratief en instructief. En een recept voor moord en doodslag want de bewoners van de toren zullen geheid slaags raken. Wedden dat uw kleine Quirine en Diederik er de spelcomputer voor laten staan?

Een tekening met bouwbeschrijving van de beestentoren is te bestellen bij natuurontwikkelaar Hans Carlier door ƒ15 te storten op giro 4280940 tnv. Projekt Aarde, Tuinen van Overvloed, Stokebrand 233, 7206 EE Zutphen.