Tussen plank en plons

De wereld van de satellietcommunicatie is het toneel van dramatische verschuivingen. Toen de massale, mondiale doorbraak van internet zich medio jaren negentig begon af te tekenen, brak ook het inzicht door dat de bekabeling van deze planeet tekort schoot. Een procent of negentig van de huishoudens had geen enkele kabel naar het huis. Alleen draadloze technieken konden daar op korte termijn verandering in brengen. De in brede kring gekoesterde verwachting dat de telecommunicatie en internet in het bijzonder, wonderen zou doen voor de economische ontwikkeling droeg verder bij aan de totstandkoming van grootscheepse plannen voor internet per satelliet.

In december 1997, toen deze plannengolf ongeveer zijn hoogste punt had bereikt, was er in Londen een drukbezocht congres over Multimedia via Satellite, waar elke twijfel werd weggenomen door een lijst met meer dan vijftig projecten – allemaal met eigen, speciale multimediasatellieten, en kosten van een half tot tien miljard dollar. Zelfs Irak had een plan, Babylonsat geheten.

Geostationaire satellieten waren veruit favoriet; constellaties van laagbanige kunstmanen (technisch ingewikkeld, duur) zouden alleen gebruikt worden bij enkele gedurfde plannen als Teledesic (288 satellieten, tien miljard dollar) en Sky Bridge (80 satellieten, zeven miljard dollar). Het voordeel van laagbanig (700 tot 1800 kilometer) is een veel kortere responstijd dan bij geostationair (35.786 kilometer), waardoor het internetprotocol effectiever werkt. Ook betekent laagbanig werelddekking, wat prachtig aansloot op de retoriek ter ondersteuning van ontwikkelingslanden. De directeur van Teledesic mocht er graag op wijzen dat hij in het hartje van Manhattan dezelfde capaciteit kon bieden als in Midden Mali.

De wereld is drie jaar verder en bijna alle vijftig internet-per-satelliet-plannen armer. Teledesic (te bouwen door Boeing) leidt een papieren bestaan en is uitgesteld tot 2005. Sky Bridge (Alcatel) kondigde onlangs aan nog dit jaar met internet per satelliet te komen, maar via geleasde capaciteit op bestaande satellieten. Er liggen nog maar twee plannen echt op schema, beide geostationair en beide goeddeels gefinancierd door een grote, succesrijke satellietbouwer: SpaceWay van voorheen Hughes (overgenomen door Boeing) en AstroLink van Lockheed Martin.

Het probleem blijft de financiering, en dat komt door het spectaculaire floppen van vier laagbanige systemen – drie in bedrijf en één in aanbouw – voor telefonie en smalbandig dataverkeer. Iridium, Orbcomm en ICO gingen failliet, Globalstar dreigt bouwer annex hoofdinvesteerder Space Systems Loral, een van 's werelds grootste satellietbouwers, de diepte in te trekken.

Technisch werkt het geweldig, de marketing liet het echter volledig afweten. In totaal ging zo'n vijftien miljard dollar verloren, en nu is er haast geen investeerder meer te vinden voor de internet per satelliet.

De impasse is voor sommigen een gouden kans. Een paar zeer succesvolle aanbieders van satelliettelevisie, met grote, eigen satellietvloten en veel geld achter de hand, zijn inmiddels onderweg naar de internet per satelliet vijver. Dezer maanden zweven ze tussen plank en plons. Nu al bieden Eutelsat en SES/Astra snelle duplex internetverbindingen via hun huidige, voor dit doel suboptimale satellieten. Duplex staat toe dat de ontvanger ook opdrachten naar de satelliet kan zenden. Zo leren ze de markt kennen zonder veel te hoeven investeren. Dat laatste gaan ze wel doen. Allemaal hebben ze voor internet geoptimaliseerde kunstmanen in aanbouw.

Eutelsat directeur-generaal Giuliano Berretta, net door het vakblad Via Satellite uitgeroepen tot Satellite Executive of the Year 2000, signaleerde onlangs: ,,Een jaar geleden nog waren eigenaren van geostationaire satellieten vooral bezig met omroep. Nu evolueren we naar een versmelting van telecom, multicasting en multimedia.''

(www.teledesic.com; www.spaceway.com; www.astrolink.com; www.skybridgesatellite.com; www.eutelsat.com en www.ses-astra.com)