Pansorizang en klassenstrijd

Zuid-Koreaanse films worden zelden in Nederland uitgebracht. Van de nieuwe generatie filmers was Jang Sun Woo's Lies afgelopen jaar te zien, terwijl van veteraan Im Kwon Taek – die zo'n honderd films maakte – Sopyonje in 1993 werd gedistribueerd. Im Kwon Taek draait al veertig jaar mee in het vak, eerst als maker van Koreaanse genrefilms, daarna als artistiek bevlogen filmmaker en hoeder van Koreaanse tradities. Één van die tradities is de pansori muziekvorm, waarin een percussionist en zanger oude legendes en mythische verhalen ten gehore brengen. Het is een specifieke zangkunst waarbij de zanger een karakteristiek vibrato produceert vanuit de onderbuik, begeleid door de dubbele trom. Korea's beroemdste pansorivoorstelling is Chunhyang, een 18de eeuws liefdesverhaal dat zich afspeelt in een feodaal tijdperk. De klassieke legende van Chunhyang is al veertien keer gefilmd: waaronder een stille film, de eerste Koreaanse geluidsfilm en een populaire jaren vijftig versie.

Im Kwon Taek heeft zich de afgelopen tien jaar opgeworpen als een soort antropoloog die Koreaanse cultureel erfgoed in zijn films vastlegt. Zo vormde de pansori ook de grondvorm voor Sopyonje en legde Im oude begrafenisrituelen vast in Festival (1996). In zijn visie op de Chunhyang-legende wisselt hij beelden van de pansorivoorstelling af met het tonen van het verhaal zelf, waarbij op sommige momenten de emotionele voordracht van de pansorizanger gelijkloopt met de hartverscheurende uitroepen van de hoofdpersoon in het verhaal, een spaarzaam gebruikt maar krachtig expressief middel.

Naast een ode aan de pansori vertelkunst is Chunhyang vooral het verhaal van twee geliefden die klassenverschillen en flink wat tegenslag moeten overwinnen. Gouverneurszoon Mongryong is verliefd op de onwettige dochter van een courtisane. Hij belooft haar eeuwige trouw maar moet zijn studie afmaken aan het hof. In de tussentijd valt Chunhyang in handen van de wrede gouverneur Byun die haar beschouwt en wil gebruiken als courtisane, iets wat zij weigert uit trouw aan Mongryong. Het is deze trouw die het verhaal zijn liefdesaspect geeft, postfeministisch door Im naar deze eeuw vertaald door Chunhyang het recht op haar eigen handelen te laten opeisen, ongeacht haar status.

Im Kwon Taek filmt het verhaal in heldere, verzadigde kleuren met veel aandacht voor kostuums en achtergronden. De stilering van de theatrale pansoriscènes wordt afgewisseld door scènes gefilmd op natuurlijke locaties.

De belangrijkste verhalende sequenties worden benadrukt door ze te filmen in langere shots met een langzaam bewegende camera. Ondanks de pracht en praal van de kostuums en locaties heeft een aantal scènes nog steeds een rauwe impact, vooral die waarin Chunhyang haar menselijkheid en waardigheid wil behouden. In die scènes klinkt een boosheid over klassenongelijkheid door die de film bijzonder krachtig maakt, zowel esthetisch als inhoudelijk.

Chunhyang. Regie: Im Kwon Taek. Met: Lee Hyo Jung, Cho Seung Woo, Lee Jung Hun, Kim Sung Nyu en Kim Hak Yong. In: Filmmuseum, Amsterdam; Lux, Nijmegen.