`Landbouw over dertig jaar voor helft biologisch'

De landbouw moet over dertig jaar voor de helft biologisch zijn. Daartoe moet het rijk, als compensatie voor inkomstenderving tijdens de omschakeling naar biologische landbouw, jaarlijks vijftig miljoen gulden uittrekken. Dat staat in een rapport van de Stichting Natuur en Milieu, dat op hoofdlijnen wordt onderschreven door onder meer de Dierenbescherming, de twaalf provinciale milieufederaties, Vereniging Milieudefensie, de vereniging van recreatieondernemers Recron en de Waddenvereniging. Om ,,harmonie'' tussen een duurzame landbouw en een gezonde natuur te bereiken, zal de productie in de landbouw met dertig tot zeventig procent moeten inkrimpen, stelt Natuur en Milieu in het rapport `Op groene gronden', dat gisteren is aangeboden aan minister Brinkhorst (Landbouw). De bewindsman kreeg tevens een `Manifest voor het houden van vee', waarin een aantal natuurorganisaties en burgers vragen om plannen voor extensivering van de veehouderij. De minister heeft eerder verklaard dat hij streeft naar tien procent biologische landbouw in 2004.

Volgens Natuur en Milieu moet de veestapel in de melkveehouderij twintig tot dertig procent kleiner worden, in de varkenshouderij vijftig tot zestig procent en in de pluimveesector vijftig tot zeventig procent. Tevens worden technische en systeeminnovaties ingezet. ,,Dan worden de meren en plassen weer helder en wordt het grondwater weer schoon. Vee krijgt een dierwaardiger bestaan. En milieuvriendelijke, grondgebonden boeren en tuinders krijgen een eerlijke prijs voor een duurzaam product.''

Duurzaam geproduceerd voedsel zou goedkoper moeten worden dan niet-duurzaam geproduceerde producten. Voor landschapspremies aan boeren die bijdragen aan verfraaiing van de omgeving moet volgens het rapport jaarlijks een half miljard gulden worden uitgetrokken.

Ook moet er drie- tot vierhonderd miljoen gulden bij om vijftien procent van de mest van veebedrijven bij natuurgebieden uit de markt te halen.