Moedertje

Mama gaat dood. Ze kreunt van de pijn, krijgt geen lucht, ziet en hoort niets meer en weegt niet zwaarder dan een half gevulde vuilniszak. Maar nog erger dan haar aanstaande crematie in het helse vuur van de dichtstbijzijnde afvalverwerkinginstallatie, is de onverschilligheid waarmee haar overlijden gepaard gaat. Bizar toch dat moedertje aller sporten in alle stilte als een waakvlammetje naar haar einde toe fladdert. Dat in Nederland de baanatletiek op sterven na dood is zal de gemiddelde passant, de overheid, de NOS en de hele sportjournalistiek worst wezen. Niemand lijkt te beseffen dat met de extreme marginalisering van de baanatletiek straks een geschiedenis en een cultuur van duizenden jaren verloren zal gaan.

Nog even de cijfers. In krap tien jaar heeft de KNAU gemiddeld een derde van haar leden verloren. Bij de junioren A bereikt de teruggang zelfs een duizelingwekkende 40%. Er zijn in Nederland nog maar 5.300 mannen en 1.600 vrouwen, onder wie een flink contingent veteranen, die op 31 december 2000 een baanlicentie hadden aangevraagd. Probeer maar een tribune langs een atletiekbaan te vinden. Die is er niet, want er komt toch geen publiek. En al die kunststofbanen die in de jaren tachtig enthousiast werden aangelegd zien er in de regel steeds belabberder uit. Slecht onderhouden worden ze steeds minder bezocht.

De KNAU mag zich vanzelfsprekend als eerste op het hoofd krabben en afvragen wat men in al die jaren fout heeft gedaan. Er moet in het beleid dat tot dit faillissement heeft geresulteerd toch iets faliekant zijn misgegaan en daarvan zou de Atletiek Unie zich in alle eerlijkheid rekenschap moeten geven. Het ontbreken in Nederland van bijvoorbeeld schoolatletiek sinds decennia is werkelijk te gek voor woorden. Zoals het vreemd aandoet dat men in de voorgaande jaren nogal zwakjes heeft gereageerd op tal van alarmerende signalen.

Maar ik koester weinig illusie als ik lees wat de KNAU voor armoedige maatregelen voorstelt om uit het dal te kruipen. Minder op prestaties en meer op gezelligheid gerichte verenigingen (mosselavonden en sjoelbakkentoernooien in de sportkantines?), verhoging van de contributies zodat met betere accommodaties nieuwe leden worden aangetrokken (laat die paar duizenden overlevenden nog maar extra bloeden voor het feit dat ze met zo weinig zijn). En het meest inventief: tijdens baankampioenschappen zullen zwaailichten en discodreunen de grafstemming opvrolijken en het publiek aantrekken. Je zou ook iedere honderdmeterloper op een fluitje kunnen laten blazen tijdens het sprinten, beste KNAU.

Zeker niet alles kan op het conto van de Atletiek Unie worden geschreven om het sensationele stervensbed van moedertje te verklaren. Op televisie is atletiek een schaars product. Het sportbeleid van de NOS, toch een publieke omroep, is zuiver financieel en op reclame-inkomsten gestoeld. Daarom wordt de kijker dagelijks op een voetbaldiarree getrakteerd. De meest onbeduidende wedstrijdjes, de meest nietszeggende uitspraakjes van onbeholpen ballentrappers en de geringste stemverheffing van de bondscoach kunnen bij de NOS op een zee van zendtijd rekenen. Sport op tv is een eendimensionale brij geworden die ooit, hopelijk, tot een dodelijke indigestie zal leiden.

Maar wat daadwerkelijk moedertje in een mum van tijd in een anorexiapatiënt heeft veranderd, zijn die miljoenen geperverteerde vaders die de sportcarrière van hun kroost als een aandelenportefeuille zijn gaan beheren. Men brengt het liefst zijn oogappel naar de voetbal- of tennisverenigingen (respectievelijk 1 miljoen en 750.000 leden) in de hoop hem in luttele jaren tot een goed renderende Van Nistelrooij of Kraijcek te zien uitgroeien. In die hebberige samenleving tellen alleen de sportpremies en bonussen, terwijl bij atletiek in Nederland hooguit nog een zakje pinda's valt te verdienen. Geef moedertje dan maar gelijk een Drionpilletje.

    • Sylvain Ephimenco