Nader tot U

Welke letter wordt het? Sinds begin dit jaar woedt in economenkringen een discussie over de vorm van het huidige conjuncturele dal in de VS. Het discours heeft wel wat van een aflevering van Sesamstraat. Letters spelen de hoofdrol.

Nog steeds wordt, zoals deze week door zowel de Europese Commissie als het IMF, officieel gehoopt op V: een abrupte daling van de economische groei, die ook snel weer over zal zijn. De renteverlagingen die de Amerikaanse centrale bank inmiddels heeft doorgevoerd, hebben de rente nu 2 procentpunten omlaag gebracht tot 4,5 procent. En meer stappen zijn impliciet toegezegd. Alles om de opgaande lijn van de V-conjunctuur te pakken.

Critici van een dergelijk vertoon van monetair activisme antwoorden met W. De snelle renteverlagingen pompen de beurzen en wellicht de economie wel op, maar de structurele problemen van de VS worden er niet door opgelost: overinvesteringen, een particulier spaartekort dat sinds de jaren dertig niet is vertoond, en een formidabel gat op de betalingsbalans van 4,3 procent van het bbp. Zodat snel na het gefabriceerde herstel een nieuwe terugval komt.

De echte pessimisten gaan intussen voor L: een langdurige periode van ondermaatse economische groei. Zij wijzen op Japan, dat tot de dag van vandaag

kampt met de gevolgen van speculatie, overinvesteringen en verzuurde bankleningen uit de jaren tachtig.

De V's en de W's zien zich gesterkt door de Amerikaanse economische groei over het eerste kwartaal, die gisteren een verrassend hoge 2 procent bleek. Heeft het herstel van de economie werkelijk al ingezet? Te vroeg juichen kan ook. Er is nog een vierde letter in het spel: de U. Die staat voor een minder diepe, maar langduriger terugval dan bij V.

De bbp-verrassing van gisteren geeft beperkte informatie over de rest van het jaar. Drie voorlopende indicatoren gaven deze week een minder rooskleurig beeld. Dinsdag bleek het consumentenvertrouwen over april te zijn gedaald naar het diepste punt in vier jaar, woensdag vielen de orders voor duurzame consumptiegoederen tegen, en donderdag bracht het hoogste aantal werkloosheidsclaims sinds 1996. En de brede inflatiemaatstaf van het bbp blijkt in het eerste kwartaal omhoog te zijn geschoten van 1,9 procent naar 3,3 procent hetgeen de centrale bank terughoudender kan maken bij verdere renteverlagingen. Voorzichtigheid is dus geboden bij het verwelkomen van het bbp-cijfer van gisteren. Zodat de diagnose voorlopig moet blijven luiden: nader tot U.

    • Maarten Schinkel