Justitie bulkt van bewijs in Dover-zaak

De behandeling van de Doverzaak bij de Rotterdamse rechtbank is afgerond met hoge eisen tegen acht verdachten. Advocaten hebben zich volgens het openbaar ministerie ,,infaam'' gedragen.

Voordat officier van justitie J. Klunder deze week zijn eisen bekendmaakte tegen de verdachten in de Dover-zaak, sprak hij een streng woord aan het adres van enkele advocaten. Zonder P. Doedens en J. Boone met name te noemen hekelde Klunder dat zij de laatste driekwart jaar in de media de theorie uitventten dat het Dovertransport is doorgelaten, zodat 58 illegale Chinezen door toedoen van de staat zouden zijn overleden.

Het is ,,infaam'' maandenlang zulke beschuldigingen te uiten, aldus Klunder, zonder ooit enig bewijs te leveren. ,,Er wordt bijna de suggestie gewekt dat hun cliënten ook slachtoffer zijn.'' En die cliënten, de twee belangrijkste verdachten Gürsel Ö. en Haci D., maakten het intussen bijna even bont, zei Klunder later. Terwijl hun advocaten luidruchtig hun theorietjes verspreidden, deden de hoofdverdachten er in de verhoorkamer het zwijgen toe, ook over hun (Chinese) opdrachtgevers. ,,Een herhaling van het drama laat deze verdachten kennelijk onverschillig'', aldus Klunder.

De uithaal van de officier van justitie is tekenend voor de frustratie die bij het openbaar ministerie (OM) sinds het Doverdrama is gegroeid. Terwijl het OM, conform de wensen van super-PG De Wijkerslooth, bijna alle publiciteit over justitieonderzoek uit de weg ging en binnenskamers tegen bijna alle verdachten een sterke zaak opbouwde, kantelde het beeld. De verdachten werden aanklagers, de aanklagers verdachten – althans in de (internationale) media: geen andere Nederlandse strafzaak trok het laatste jaar zoveel aandacht van buitenlandse journalisten.

Probleem was dat het onderzoek naar de Dover-verdachten ook reden tot argwaan gaf. De politie schaduwde hoofdverdachte Gürsel Ö. al maanden voordat de lijken in Dover werden gevonden. Achteraf had men vrijwel alle belangrijke verdachten tijdig in beeld, maar bleef ingrijpen uit omdat men veronderstelde dat Ö. per zeiljacht Koerden smokkelde. Geen zeiljacht dook op in de observaties. Ook signaleerde men intieme contacten van Ö met een Chinese vrouw die eerder betrokken was in een gruwelijke moord- annex mensensmokkelzaak, zonder op het idee te komen dat Ö. mogelijk Chinezen wilde smokkelen. En er waren meer ongerijmdheden: een onder Ö.'s auto geplakte peilzender werkte niet goed en de observaties van Ö. waren precies in het fatale weekeinde gestaakt.

Het OM en de politie konden er maar één lezing tegenover stellen: dat sprake was van toeval (en sulligheid, maar dat wilde niemand hardop zeggen). Zo verloor het OM de slag in de publiciteit.

Maar niet in de rechtzaal, waar de Doverzaak deze week dan eindelijk werd afgewikkeld. Want als deze week iets duidelijk werd is dat het OM tegen de meeste verdachten bulkt van het bewijs. Typerend was dat Doedens in zijn pleidooi van twee uur geen seconde inruimde om de aanklacht van mensensmokkel tegen Gürsel Ö. te weerleggen.

De negen verdachten zijn grofweg in drie groepen te verdelen. In Gürsel Ö. en zijn rechterhand Haci D. ziet Klunder de onderaannemers in Nederland van de `slangenkoppen', Chinese maffiosi die de internationale smokkel in handen hebben. Gürsel en Haci organiseerden de laatste etappe, van Rotterdam naar Dover. Voor het uitvoerende werk plukten ze mensen uit brede delen van de maatschappij. Drie zakenlieden voor technische en administratieve steun, twee chauffeurs (Lammert N. en de in Engeland berechte Perry W.) om naar Dover te rijden, en twee twintigers voor kleine klusjes. De negende verdachte, katvanger Van der S., valt buiten dit schema: hij liet voor een paar centen een transportbedrijf op zijn naam zetten en had verder geen betrokkenheid.

De verdachten kregen zware eisen te horen. Twintig jaar cel voor Gürsel, achttien voor Haci, vijftien voor Lammert. Tegen de overige verdachten werden straffen van tussen de zes en tien jaar gevorderd (behalve Van der S.: een half jaar). Die eisen vallen zo hoog uit omdat alle acht verdachten, behalve mensensmokkel en criminele samenzwering, ook doodslag ten laste is gelegd. Klunder beredeneert dat de acht bekend waren met het risico van verstikking als zestig Chinezen in een koelcontainer worden vervoerd. Eerder was een rit van dezelfde hoofdverdachten misgelopen wegens bijna-verstikking van vijftig Chinezen. Het is een redenering, geen onweerlegbaar bewijs: daar komt dus altijd hoger beroep van, welke uitspraak rechtbankpresident J. Silvis 11 mei ook doet.

Opvallend was gisteren dat Doedens de harde kritiek van Klunder uiterst mild beantwoordde. Boone signaleerde nog steeds een ,,doofpot''. Ook Doedens wilde zijn argwaan over het onderzoek niet loslaten, hij zag ,,te veel toevalligheden'', en het zou fijn zijn als de rechtbank nader onderzoek zou toestaan. Maar officier Klunder had zijn werk ,,volledig oprecht en integer gedaan'', zei Doedens. De magistraat kon een kleine glimlach niet onderdrukken.

    • Tom-Jan Meeus