De hypnose van een bokser

Nog twee weken en dan kiest Italië zijn parlement, maar bovenal zijn premier. Forza Italia gaat op die toer met zijn slogan: Berlusconi presidente. Hoe een bankierszoon zijn publiek leerde bespelen op een cruiseschip en het Italiaanse volk heeft betoverd. `Hij is een clown, een enorme leugenaar.'

De jongen lag al geruime tijd in coma. Niets hielp. Zijn ouders praatten zachtjes tegen hem. Ze pakten zijn hand, streelden over zijn haar. Maar er kwam geen reactie. Tot de artsen suggereerden zijn lievelingsmuziek te laten horen of de stem van een dierbaar iemand. Berlusconi, dacht de vader. Zijn zoon was een tifoso van AC Milan, een trouw supporter. De vader nam een cassette op met de stem van Berlusconi en speelde die af naast het ziekbed. Keer op keer. En kijk, na een paar dagen bewoog de jongen zijn vingers en opende hij zijn ogen.

Het is een van de legendes die de ronde doen over Silvio Berlusconi. Een betrekkelijk kleine man die opgehoogde maatschoenen draagt, zijn foto's laat retoucheren om zijn kalende schedel te verbergen, en graag controleert hoe de camera hem in beeld brengt omdat hij vindt dat hij lelijke oren heeft. Maar dat is allemaal ijdelheid – irrelevant in wezen.

Berlusconi is een fenomeen dat Italië heeft gehypnotiseerd. Hij wordt bewonderd als de man die alles wat hij aanraakt in goud verandert. De projectontwikkelaar, tv-directeur, zakenman, clubpresident en politicus die overal succes in heeft. Ik ben de beste, roept hij, tot vreugde van zijn aanhang. ,,Er is geen politiek personage dat zich met mij kan meten.'' En als hij wordt omschreven als een eigentijdse versie van Napoleon, wuift hij dat grootmoedig weg. Met een dankbare glimlach.

Maar hij wordt ook verguisd. Hij is de man die politiek heeft gereduceerd tot banale marketing, een ouderwetse padrone (baas) die schaamteloos alle macht naar zich toe wil trekken en vindt dat hij boven de wet staat. In de woorden van ex-premier Massimo D'Alema: ,,Hij doet me denken aan Kim Il Sung. (...) Het is een clown, een enorme leugenaar. (...) Hij is een barbaar, een bokser die zonder op de regels te letten zijn tegenstander in de onderbuik slaat. (...) Hij verstopt zich onder een twee vingers dikke laag make-up om niet te blozen over de dingen die hij zegt.''

Over twee weken, op 13 mei, mogen de kiezers het zeggen. Dan kiest Italië een nieuw parlement. Die verkiezingen zijn door Berlusconi veranderd in een referendum voor of tegen zijn eigen persoon. Silvio Berlusconi is het issue van deze campagne, meer dan belastingen, buitenlanders of criminaliteit. Als hij wint zoals de opiniepeilingen voorspellen, komt dat doordat er zoveel mensen geloven in zijn beloftes van een liberale revolutie. Als hij verliest, komt dat doordat linkse kiezers hem koste wat het kost de voet dwars willen zetten en daarom toch gaan stemmen – ondanks de teleurstelling over de vier centrum-linkse regeringen van de afgelopen vijf jaren.

Met een jarenlang voorbereide campagne heeft Berlusconi hiernaartoe gewerkt. Hij was zeven maanden premier, in 1994, maar werd toen door zijn bondgenoten van de Lega Nord ten val gebracht. In 1996 verloor hij de verkiezingsstrijd van Romano Prodi, die de bonte mengeling centrum-linkse partijen bij elkaar wist te brengen onder het symbool van de olijftak. Toen begon wat Berlusconi nu noemt ,,de barre tocht door de woestijn''. De jaren van oppositie. En, zoals hij achteraf onthulde, de jaren van zijn strijd tegen prostaatkanker in 1997 en 1998.

Berlusconi heeft deze tijd gebruikt om zijn virtuele, op tv gebaseerde partij, Forza Italia, overal in het land lokaal wortel te laten schieten en alle kiesdistricten grondig door te lichten. En hij is begonnen met een reclamebombardement voor het merk Berlusconi. Want daar gaat het om. De kandidaten van centrum-rechts hebben het consigne meegekregen om op hun verkiezingsaffiches geen foto's van zichzelf te zetten, maar alleen die van Berlusconi – de eigen naam mag nog wel. En tijdens de peptalk voor kandidaten kregen ze een politieke catechismus mee waarin het meer over de uitzonderlijke kwaliteiten van de oppositieleider ging dan over zijn programma. Vertrouw deze man, is de boodschap, hij is het beste wat Italië kan overkomen. En de slogan: Berlusconi presidente. Waarbij presidente slaat op voorzitter van de ministerraad.

Tegen deze achtergrond heeft Berlusconi een debat met zijn tegenstander afgewezen. Hij voelt zich ver verheven boven Francesco Rutelli, ex-burgemeester van Rome en lijsttrekker van de centrum-linkse coalitie. Rutelli is volgens Berlusconi niet meer dan een buikspreekpop van de Linkse Democraten, de grootste coalitiepartij. De vraag op 13 mei is niet: Rutelli of Berlusconi, maar de vraag is: pro of contra Berlusconi. Veel mensen roepen dat het eigenlijk niet kan, een open confrontatie met je tegenstander afwijzen. Maar tot nu toe is Berlusconi ermee weggekomen.

Bankierszoon

De 64-jarige Berlusconi, zoon van een bankemployé, is een typisch Italiaans fenomeen. In geen enkel ander democratisch land zou iemand met zo'n economische macht een hoofdrol kunnen spelen in de politiek. Nergens anders zou iemand met zo'n controle over de media een gooi kunnen doen naar het premierschap. Berlusconi is eigenaar van de drie commerciële tv-zenders, waardoor hij als premier verantwoordelijk zou zijn voor het verlenen van concessies aan zijn eigen bedrijf. Hij bezit verder een uitgebreid netwerk van financiële instellingen en heeft ook de grootste uitgeverij van het land in handen, met één van de twee grootste opiniebladen. Als linkse politici daar een boek uitgeven, wordt de winst uiteindelijk bijgeschreven op de bankrekening van Berlusconi.

Hoe kan dat? Voor een deel heeft dit te maken met de kwaliteiten van Berlusconi. Hij is een buitengewoon effectief communicator, weet goed in te spelen op verlangens van de kiezers, en kan uitstekend managen en organiseren. Bovendien heeft hij handig geprofiteerd van een aantal lacunes in de Italiaanse politieke cultuur en wetgeving, en van de bijzondere situatie die ontstond na de ineenstorting van het oude politieke bestel in 1992.

Berlusconi is in januari 1994, na een betrekkelijk korte aanloop, de politiek ingestapt. Hij voelde zich bedreigd. Jarenlang was de socialistische leider Bettino Craxi zijn vriend en politieke beschermheer geweest, maar die kwam ten val door de smeergeldschandalen. Het corruptie-onderzoek Schone Handen had alles op losse schroeven gezet. Links stond op winst, en Berlusconi vreesde dat zijn tv-imperium eraan zou gaan. Met steun van Craxi en van de christen-democraten was in 1990 bij wet de tv-macht verdeeld tussen de staatsomroep Rai en de zenders van Berlusconi. Openbreken van het bestel zou zijn Fininvest-groep, die toen diep in de schulden zat, mogelijk niet overleven.

Aanvankelijk waren de linkse partijen zelfverzekerd. Berlusconi werd beschouwd als een blaaskaak die zich had gecompromitteerd met corrupte politici. Maar zij onderschatten de hang naar politieke vernieuwing en hadden niet in de gaten dat zij door sommigen als een deel van het oude bestel werden beschouwd en daarmee deel uitmaakten van het probleem. Berlusconi won de verkiezingen in 1994, struikelde na een paar maanden over zijn bondgenoten van de Lega Nord, en was daarvan nog niet hersteld toen er in 1996 opnieuw werd gekozen. In de jaren daarna heeft de centrum-linkse regering geen enkele poging ondernomen om iets te doen tegen de belangenverstrengeling van Berlusconi als ondernemer, mediamagnaat en politicus. Pas sinds het begin van de verkiezingscampagne hebben de politieke tegenstanders van Berlusconi het probleem weer benoemd.

Dat zal de aanhangers van Berlusconi een zorg zijn. Heeft hij niet gezegd dat hij zich al jaren niet meer bemoeit met zijn enorme imperium en alles overlaat aan zijn managers? Bovendien: wie al rijk is, hoeft niet meer te stelen. Als hij premier wordt, verzekert Berlusconi, zal hij bij iedere kabinetsvergadering opstaan zodra er zaken aan de orde komen die zijn belangen raken. Dat betekent dat hij het grootste deel van de tijd op de gang zou moeten wachten. Italië heeft geen traditie van machtenscheiding. Veel Berlusconi-aanhangers redeneren: geen probleem. Zolang hij goed voor zichzelf, zorgt hij ook goed voor zijn kiezers.

Suffig

Zijn verleden als ondernemer met visie speelt Berlusconi bewust uit. Hij hekelt het teatrino van de politiek als een plaats waar je tijd verliest met eindeloos geklets. Daartegenover stelt hij de cultuur van het doen. Hij presenteert zich als de ondernemer die moderne woonwijken heeft gebouwd bij Milaan, die met succes de dominerende positie van de suffige en verpolitiseerde staatsomroep Rai heeft aangevallen, die met een eigenzinnige keuze voor trainer en spelers AC Milan aan de wereldtop heeft gebracht. En nu belooft hij de ingrijpende modernisering van Italië. Minder belastingen, minder bureaucratie, minder wetten. Meer wegen, bruggen en metro's.

Dit in veel opzichten klassiek-rechtse economische programma wordt op een bijzonder populistische manier aan de man gebracht. Het advies van de mensen die de reclame verzorgen op zijn commerciële zenders, is daarbij belangrijk. Maar het is ook een talent van Berlusconi. Hij weet mensen te raken. In kleine groepen is hij beminnelijk, vol anekdotes en persoonlijke aandacht. Voor grote gezelschappen praat hij met simpele concepten, vaak voor de vuist weg, levendig en onderhoudend, als je het allemaal gelooft. Want Berlusconi is buitengewoon handig in het naar zich toe draaien van feiten. Zijn tegenstanders hebben al snel afgeleerd hem af te doen als een gladde verkoper, en erkennen dat ze iets kunnen leren van de manier waarop Berlusconi omgaat met mensen.

In zijn studietijd heeft Berlusconi als zanger op een cruiseschip gewerkt. Daar heeft hij geleerd om zijn publiek te bespelen. In wezen is hij die entertainer gebleven. ,,Ik zorg voor jou'', is zijn vaste refrein. Tegen de vereniging van huisvrouwen zegt hij dat ook hij de huiskamer heeft afgestoft en boodschappen heeft gedaan. Bij boeren herinnert hij zich hoe hij als kleine jongen ,,op het land heeft gewerkt'' – dorpelingen herinneren zich alleen dat hij wel eens verse melk ging halen. De sportbobo's vertelt hij dat de passie voor sport in zijn bloed zit, want als jongen naaide hij al leren voetballen dicht. En de kleine winkeliers horen hoe hij als beginnend aannemer zelf een tapijt ging ophalen dat was gebruikt op een jaarbeurs en dat hij gratis kon krijgen. Op elke bijeenkomst brengt hij die ene boodschap: `Ik ken jullie problemen, ik zal ze oplossen'.

Bij dat alles heeft Berlusconi een uitstraling waarin veel Italianen zich herkennen. Hij is niet bang grapjes over zichzelf te maken. Hij presenteert zich als de eenvoudige jongen uit de middenklasse die het door hard werken helemaal zelf heeft gemaakt – heel wat anders dan zo'n andere icoon van de Italiaanse economie, de aristocratische Fiat-topman Gianni Agnelli. Die heeft het allemaal van zijn vader gekregen. Berlusconi staat, met een geschat vermogen van ongeveer 32 miljard gulden, veertiende op de ranglijst van de rijksten der aarde, samengesteld door het tijdschrift Forbes.

Een ander herkenbaar en door velen gewaardeerd aspect van Berlusconi is zijn clan-gevoel. Veel van zijn naaste medewerkers zijn jeugdvrienden die decennialang met hem zijn opgetrokken. Trouwe vrienden als advocaat Cesare Previti en Marcello DellUtri, die problemen met de justitie hebben op verdenking van respectievelijk corruptie en maffiabanden, hebben een zekere kandidatuur aangeboden gekregen. Daardoor kunnen ze zich beroepen op parlementaire onschendbaarheid. Berlusconi domineert de rechtse coalitie zo sterk dat hij de bezwaren daartegen van zijn bondgenoten van tafel kan vegen. Hij laat zijn moeder regelmatig opdraven en bewierookt haar dan. En als hem gevraagd wordt waarom hij zes villa's op Sardinië heeft, antwoordt hij: ,,Ik heb vijf kinderen om voor te zorgen.''

Corruptie

Een van zijn vaste thema's is het verzet tegen het communisme. De Italiaanse communisten mogen in 1991 hun naam hebben gewijzigd, de substantie bleef hetzelfde, beweert Berlusconi. De linkse democraten, zoals de partij nu heet, zijn volgens hem nog steeds niet te vertrouwen. De communistische economische ideeën over bijvoorbeeld sociale zekerheid en de rol van de staat belemmeren volgens hem het particuliere initiatief waarbij hij voorbijgaat aan de liberalisering en de privatisering van de afgelopen jaren onder een centrum-linkse coalitie. Hoe belachelijk Berlusconi's uithalen naar het communisme ook klinken, vaak sluiten ze aan bij de brede kritiek op een log en bureaucratisch staatsapparaat. Wat overigens niet goed past in dit beeld, zijn de enorme winsten die zijn Fininvest-groep juist de afgelopen vijf jaar heeft behaald. Maar daarover zwijgt hij.

Dat het communisme, wat Berlusconi overal ziet, een stokpaardje is geworden, komt vooral door de justitiële zaken tegen hem. Berlusconi is verschillende malen aangeklaagd: wegens corruptie, financiële fraude en omkoping van rechters. Hij is daarbij soms veroordeeld, soms vrijgesproken, en een paar keer vrijuit gegaan omdat de zaak zolang was opgehouden dat zij was verjaard.

Al die onderzoeken tegen hem zijn volgens hem een opzetje van de communisten. Berlusconi en zijn politieke vrienden hebben jarenlang een spervuur van kritiek geleverd op justitie. Twee jaar geleden zei hij: ,,Het politieke gebruik van het recht door een beperkte groep rechters is een waar kankergezwel die moet worden verwijderd uit het lichaam van de democratie. Berlusconi's totale afwijzing van alle onderzoeken tegen hem staat in schril contrast met de houding van oud-premier Giulio Andreotti, die zich moest verweren tegen beschuldigingen van banden met de maffia. Ook Andreotti had kritiek op het openbaar ministerie, maar hij heeft nooit de legitimiteit van de rechters aangevochten. Berlusconi doet dat wel. Hij vindt ook dat het parlement in de toekomst de hoofdlijnen van het vervolgingsbeleid voor het openbaar ministerie moet bepalen. En dat leidt weer tot verwijten dat Berlusconi de magistratuur naar het pijpen van de politieke machthebbers wil laten dansen.

Zoals veel Italianen hun schouders ophalen over zijn belangenverstrengeling, zo maken ze zich ook niet druk over zijn problemen met de justitie. Sommigen geven Berlusconi gelijk als hij praat over politieke vervolging. Anderen redeneren dat hij alleen maar heeft gedaan wat iedereen deed. In ieder geval zijn de vraagtekens hierbij grotendeels van tafel verdwenen.

Berlusconi is daar buitengewoon bedreven in. Er zijn boeken vol geschreven over duistere affaires in het verleden van Berlusconi. Waar komt zijn beginkapitaal vandaan? Is het waar dat maffiageld hierbij een rol heeft gespeeld? In hoeverre hebben Berlusconi en Craxi elkaar wederzijds bevoordeeld? Wat is de achtergrond van het enorme belastingvoordeel dat Fininvest onder de korte regering van Berlusconi kreeg in 1994? Het zijn bijna allemaal vraagtekens, zonder duidelijke antwoorden. Maar het tekent Berlusconi dat hij in de meeste gevallen weigert er over te praten. Wie die vragen opwerpt, bedrijft politieke propaganda. En daarop hoef je niet te antwoorden.

Feiten in een voor hem gunstig licht zetten, problemen verzwijgen, vaste refreinen tot vervelens toe herhalen, Berlusconi is er buitengewoon handig in. De 91-jarige journalist Indro Montanelli, die rechts denkt maar links stemt uit protest tegen Berlusconi, heeft enige tijd met hem samengewerkt, als hoofdredacteur van Il Giornale. Die krant was toen eigendom van Silvio Berlusconi. Montanelli, die zegt Berlusconi als ondernemer te hebben bewonderd, liep weg toen de nieuwbakken politicus zijn krant inzette als wapen in de politieke strijd. ,,Je kan je geen voorstelling maken van zijn vermogen om te liegen, zegt Montanelli. ,,Terwijl hij jou overtuigt, overtuigt hij zichzelf ook. Hij is een briljante verkoper, en hij wil de Italianen doen geloven dat hij beloftes kan waarmaken die onhoudbaar zijn.

In een klein groepje vertelt Berlusconi soms dat hij de politiek eigenlijk niet leuk vindt. Te veel tijd die verloren gaat met het zoeken naar compromissen. Te veel intriges. Maar dan gaat hij verder met te zeggen dat hij de enige is met genoeg visie, enthousiasme en daadkracht om het land echt te moderniseren. Het is zijn geschenk aan de natie dat hij, de rijkste man van het land, iemand die alles al heeft, bereid is premier te worden. Eindelijk een doener aan de macht. Het is een simplistisch schema dat, na jaren van politieke verwarring, voor veel Italiaanse kiezers grote aantrekkingskracht heeft.

    • Marc Leijendekker