Stop toch met lijden (4)

In de bespreking van James Carrolls Constantine's sword. The church and the Jews (Boeken, 13.4.01) stelt Hendrik Spiering: `Dat in deze religieuze concurrentiestrijd (tussen christenen en joden) de wortels liggen van het antisemitisme, wordt waarschijnlijk nauwelijks nog door iemand betwijfeld.'

Ik wil wel beamen dat de geschiedenis van het christelijk antisemitisme donker is en dat het plaatsvervangend berouw van paus Paulus Johannes II ruimhartiger had gekund. De wortels van het antisemitisme liggen echter niet in de toenmalige christengemeenschappen in Palestina, Klein-Azië, Griekenland of Rome, maar al eerder in het voor-christelijke Alexandrië.

Reeds voor Alexander de Grote waren Griekse, maar ook joodse kolonisten in Egypte actief. In het kielzog van de Griekse kolonisatie vestigden zich ook vele joden in Alexandrië en de Nijldelta met als hoogtepunt de instroom na de revolutie van de Makkabaeën (circa 160 voor Christus) in Palestina.

Hoewel Egypte en met name Alexandrië een smeltkroes was van immigranten uit alle streken van Noord-Afrika, Oost-Europa, Midden-Oosten tot Indiërs toe, is er toch iets mis gegaan, want ten opzichte van de joodse bevolking ontwikkelde zich wrijving en vijandschap zowel bij de oorspronkelijke Egyptische bevolking als bij de Griekse bovenlaag.

In de vroeg-Romeinse periode (circa 40 na Christus) leidde dat tot ernstige uitbarstingen van geweld, plunderingen, brandende synagogen, lynchpartijen door Griekse en Egyptische gilden en cultusclubs.

Tijdens de anti-Romeinse opstand in Judea in 66 na Christus ontstonden ook in Alexandrië rellen, die door de Romeinse troepen de kop werden ingedrukt.

In de verslagen aan de Romeinse keizers proef je de antisemitische gevoelens van de Alexandrijnen.

Als in 15 na Christus een grote joods-godsdienstige opstand in Alexandrië uitbreekt, die zich onder de joden in Egypte, Cyprus en Mesopotamië verspreidt, leidt dit tot zo'n bloedige onderdrukking en zo'n grote materiële schade dat zij zich pas in de derde eeuw enigszins herstellen.

Maar van christenen is dan nog geen sprake. Vanaf het midden van de eerste eeuw wordt soms melding gemaakt van enkele christenen in Egypte maar pas in de vierde eeuw, na keizer Constantijn, gaat de Egyptische bevolking massaal tot het christendom over. Helaas heeft dat geen verandering gebracht in de verhouding tot de joodse bevolkingsgroep.

Vaak is christenen verweten, ook weer door James Carroll, dat in het lijdensverhaal van Jezus Christus antisemitische gevoelens aangewakkerd zouden worden. Ik geloof daar niet in. De lezer leert er juist uit hoe gemakkelijk mensen zich kunnen laten ophitsen om partij te kiezen tegen de zwakke, de onbegrepene.

Nee, antisemitisme komt voort uit een mengsel van nationalisme, racisme, slechte conflictbeheersing, en het ontbreken van gemeenschappelijke normen. Daarin hebben vele opeenvolgende generaties, ook van christenen, gefaald.

    • Theo Vermey