Openheid over belangenconflicten onder accountants

Openheid openbaart soms opmerkelijke feiten. Feiten die vragen oproepen over de onafhankelijkheid van de registeraccountants die de jaarrekeningen van (grote) bedrijven controleren en, na akkoord, van een zogeheten goedkeurende verklaring voorzien.

De vragen hangen samen met de gedaantewisseling van de accountantskantoren. Zij hebben zich de afgelopen vijftien jaar omgevormd tot ware conglomeraten, van consultants tot en met juristen. Juist in dat advieswerk zit de omzetgroei en het profijt.

Geldt ook hier: geld telt? Het is niet denkbeeldig dat accountantsfirma's hun oren wel eens laten hangen naar de wensen van hun opdrachtgevers. Binnen de ruime Nederlandse boekhoudkundige regels hebben bedrijven de nodige vrijheid. Hoe strikt stellen de accountants zich op, als zij akkoord moeten gaan met jaarrekeningen die op of net over het randje zijn?

Als ware professionals moeten zij de rug recht houden. Maar de geldstromen naar de adviespraktijk zijn formidabel. De Amerikaanse beurscommissie, de Securities & Exchange Commission (SEC), dwong daarover vorig jaar openheid af. De SEC hamert in het belang van beleggers op de onafhankelijke taak van accountants en wilde eerst het controlewerk afsplitsen van de adviesactiviteiten. Dat lukte niet, maar meer openheid kwam er wel.

Ook enkele (semi-)Nederlandse ondernemingen volgen de Amerikaanse openheid. Kabel- en internetbedrijf UPC, dat in New York en Amsterdam is genoteerd, betaalde accountants Arthur Andersen 1,8 miljoen euro voor de controle en aanverwant werk, 2,7 miljoen voor divers advieswerk (fiscaal, fusies en desinvesteringen) en 38,9 miljoen voor het ontwerp en de implementatie van financiële informatiesystemen. Dat laatste bedrag is de stand van zaken tot 7 augustus vorig jaar, toen Arthur Andersen zijn adviesbedrijf afstootte.

Shell betaalde afgelopen jaar KPMG en PricewaterhouseCoopers 17 miljoen dollar voor de accountantscontrole en 47 miljoen dollar voor overige diensten. In 1999 kostte de controle 18 miljoen en betaalde Shell 30 miljoen dollar voor andere dienstverlening.

Unilever betaalde PricewaterhouseCoopers 14 miljoen euro voor de controle van de jaarrekening, 10 miljoen voor gerelateerde werkzaamheden en 46 miljoen voor algemene en belastingadviezen. In deze laatste categorie zit de grootste groei. In 1999 was het 32 miljoen euro, in 1998 27 miljoen.

De Wall Street Journal zette de beschikbare cijfers van 307 van de grootste Amerikaanse bedrijven onlangs op een rij en concludeerde dat zij hun accountants tweeëneenhalf keer zoveel betalen voor advieswerk als voor boekencontroles: 2,65 miljard dollar tegenover 909 miljoen.

Zouden de verhoudingen bij grote Nederlandse concerns heel anders liggen? ,,De accountantscontrole dreigt alleen nog maar te fungeren als breekijzer om heel dure adviseurs het huis in te kruien – actuarissen, management consultants, wervings- en selectiespecialisten, juristen en fiscalisten'', klaagde bestuursvoorzitter J. Janssen van bouwbedrijf Heijmans vorig jaar tegen het blad Effect.

De roep om openheid over potentiële belangentegenstellingen binnen de accountantsfirma's en tussen accountants en hun opdrachtgevers klinkt in Nederland niet luid. Terwijl een goedkeurende verklaring van een accountant onder een jaarrekening een semi-publiek fiat is, waarop beleggers, werknemers en klanten moeten kunnen vertrouwen.

Deze week constateerde voorzitter H. Willems van de Ondernemingskamer van het Amsterdamse Gerechtshof dat er aan het toezicht op de jaarrekeningen nog wel wat kan verbeteren. De Ondernemingskamer is 30 jaar geleden opgericht als gespecialiseerde rechter. Maar het openbaar ministerie heeft al jaren geen tijd en geen deskundigheid om zaken aan te brengen. Terwijl er in de financiële rapportage van ondernemingen ,,zeker wat te verbeteren'' valt, zei hij in Het Financieele Dagblad.

De Kamerfracties van de PvdA en GroenLinks maakten vorig jaar rumoer bij de wijziging van de accountantswet, maar de lobby van de rekenmeesters ziet niets in splitsing van advies- en controlewerk. De regering ook niet, maar wil wel een vorm van onafhankelijk toezicht. ,,Beurswaakhond'' Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) zei deze week de jaarverslaggeving wel te willen gaan toetsen.

Klachten over belangenconflicten van en binnen accountantsfirma's hebben tot nog toe maatschappelijk weinig weerklank. In Nederland genieten commissarissen, bestuurders en accountants van oudsher vertrouwen.

Men kent elkaar. Men regelt het zelf wel. Sociale structuren waren bindende elementen. Misslagen konden in eigen kring worden afgehandeld. Daar lag het vertrouwen, niet in (door wet- en regelgeving afgedwongen) openbaarheid, zoals in de Verenigde Staten. Daar kennen zakenpartners elkaar doorgaans niet. Dat noopt tot expliciete verantwoording over potentiële belangenconflicten om zo het vertrouwen te schragen.

Zakendoen op internationale schaal zal aan de Hollandse knusheid met horten en stoten een einde maken. Amerikaanse toestanden kunnen soms geen kwaad.