Interesse in baanatletiek sterk gedaald

De belangstelling voor baanatletiek is de laatste tien jaar drastisch afgenomen. Onder de smalle en matig presterende top blijken de atleten in groten getale af te haken. Van aanwas is nauwelijks sprake. De Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie (KNAU) noemt de daling van een aantal beoefenaren alarmerend.

De balans per 31 december 2000 laat – gemeten over de laatste 10 jaar – in verschillende categorieën een terugloop tot maximaal 40 procent zien. Het aantal mannelijke baanatleten is in die periode afgenomen tot 5.300, een teruggang van 36 procent. De KNAU telt nog maar 1.600 vrouwelijke baanatleten, een afname van 22 procent. Conclusie: gemiddeld zijn nog maar zes vrouwen lid van een vereniging.

De cijfers werden gisteren tijdens een persconferentie van de atletiekunie in IJsselstein bekendgemaakt. Bij de jeugd zijn de cijfers nog lager dan bij de senioren. Eind vorig jaar waren er nog maar 1.300 geregistreerde A-junioren. Een afname van 40 procent. De 265 verenigingen tellen gemiddeld nog maar vijf A-junioren, jongens en meisjes inbegrepen. Het aantal B-junioren is afgenomen tot 2.100, een teruggang van 35 procent. Het aantal C- en D-junioren is stabiel.

De cijfers geven zelfs nog een vertekend beeld, omdat de KNAU bij de mannen en de vrouwen ook de wegatleten met een wedstrijdlicentie heeft meegeteld.

De KNAU heeft in samenwerking met NOC*NSF een ledenonderzoek gehouden, om de oorzaak te achterhalen. De belangrijkste conclusie is, dat binnen de baanatletiek nauwelijks ruimte is voor de recreatieve sporter. De prestatiecultuur van de baanatletiek blijkt velen tegen te staan. Er is weinig gelegenheid voor sociale contacten en er wordt amper voorzien in de sterke behoefte aan gezelligheid en sfeer. Daarnaast is de vrees voor blessures groot. Overigens wordt in grote atletieklanden als Groot-Brittannië en Duitsland eenzelfde ontwikkeling gesignaleerd.

Volgens KNAU-bestuurslid W. Slootbeek staat de toekomst van de baanatletiek in Nederland op het spel, wanneer geen halt wordt toegeroepen aan de dramatische ledenterugloop. Volgens het bestuurslid regio- en verenigingszaken zijn ,,te hoge doelstellingen'' onder meer oorzaak van de sterk afnemende interesse voor atletiek.

Slootbeek noemde de terugloop gisteren ,,superslecht voor het imago'' van de sport. ,,Wie wil er nu lid zijn van een club losers? De verhouding kosten-beoefenaars groeit scheef, de baanatletiek voor een kleine groep is onbetaalbaar. Verenigingen zullen op een gegeven moment wel moeten zeggen: nu is het mooi geweest.''

Om de leegloop tegen te gaan, wil de atletiekunie enkelel maatregelen nemen. De herinvoering van schoolatletiek staat weer hoog op de prioriteitenlijst. Eerder moest een schoolproject worden gestaakt omdat een sponsor afhaakte. Verder is er een club van KNAU All-Stars opgericht. Die (ex)-topsporters moeten de baanatletiek in de regio's promoten. Tot de All-Stars behoren onder anderen: Patrick van Balkom, Nelli Cooman, Rob Druppers, Esther Goossens, Lieja Koeman, Robin Korving, Han Kulker, Ellen van Langen, Frans Maas en Kamiel Maase.

Daarnaast gaat de KNAU de nationale baankampioenschappen aantrekkelijker maken voor deelnemers en publiek. Het programma wordt ingekort met vooral finales en er wordt overwogen om met een zwaailicht de aandacht te vestigen op een belangrijk moment. Verder wordt gedacht aan muziek tijdens de wedstrijd en een ontmoetingsplaats voor kinderen met hun `helden'.

In weerwil van de afnemende belangstelling voor baanatletiek is het ledental van de KNAU met 1,5 procent gestegen tot circa 89.000. Die groei dankt de atletiekunie nagenoeg aan de loopsport. Er blijkt vooral interesse voor lopen, echter steeds minder voor atletiek.