In een kofferbak naar Zakkestan

Het grote publiek was hem misschien al vergeten, maar zelf broedde tekenaar Martin Lodwijk de afgelopen jaren voortdurend op de terugkeer van zijn populaire stripfiguur Agent 327. Regelmatig liet hij in interviews doorschemeren er weer aan te willen beginnen, maar liet dat dan toch achterwege. Achttien jaar heeft het geduurd voordat er weer een nieuw album verscheen van de Nederlandse James Bond, Hendrik IJzerbroot. Toen hem de mogelijkheid werd geboden Agent 327 als dagstrip te maken voor het Algemeen Dagblad, waagde Lodewijk nog één keer een poging. Inmiddels werkt hij gestaag door, is het tweede verhaal al afgerond en loopt het derde ook al weer een tijdje.

Door de langdurige radiostilte is de hernieuwde kennismaking met de wereld van Agent 327 een vreemde gewaarwording. Bij het openslaan van de eerste bladzijde zie je direct dat er niets is veranderd: Lodewijks weergave van het Nederlandse straatbeeld is nog steeds druk en gezellig, de personages gedragen zich hetzelfde en de humor is actueel, persiflerend en draait vooral om woordgrappen. Alsof de strip al die tijd gewoon is doorgegaan.

Omdat er na 18 jaar veel lezers zijn bijgekomen voor wie de strip geen jeugdsentiment is, besteedt Lodewijk veel aandacht aan een hernieuwde introductie van zijn personages. Bij een première van de film `Nul nul zeven: Enough is enough' zien we hoe `Jacques Koterie' de sterren benoemt die achter hem hun entree maken voor Tuschinski: `Oud-burgemeester en ex-minister Steven Specerij in een veel te dure limousine, en wie zien we daar, beste kijkers? Maxima Culpa en Alex Schrander!!!'

Hendrik IJzerbroot bestuurt daar een limousine, aangezien hij al lang geen geheim agent meer is, maar zijn brood verdient als chauffeur. De Zwitserse reuzin met opgerolde vlechtjes, Olga Lawina, heeft een beveiligingsbedrijf opgericht voor mooie, bekende mensen en ronselt haar voormalige collega voor een klus in Zakkestan, een voormalig Sovjet-republiekje dat oud-chefs van de geheime diensten heeft gekidnapt. Zakkestan wil de `neutrale bom' bemachtigen, waarvan alleen die oud-chefs het geheim kennen.

Lawina reanimeert voor die opdracht niet alleen IJzerbroot, maar ook de rest van het team: Barend (pizzakoerier), de Chef (zwerver), Juffrouw Betsy (medewerkster in een relaxhuis dat is gevestigd in de voormalige burelen van de geheime dienst). Als het hele team na deze Blues Brother-achtige inleiding weer verzameld is, regelen ze via een autosloper een transport in de kofferbak van een smokkelauto. Na allerlei klungelige acties en vooral veel schapen (Zakkestan: 35.000 zielen, 6 miljoen schapen) verijdelen ze het plan van Moektar Beg, zoals de leider van Zakkestan heet, en worden de ontvoerde chefs bevrijd.

Met De vergeten bom keert Lodewijk terug naar het oorspronkelijke gegeven van Agent 327 als spion die zich op internationale bedreigingen van de wereldvrede stort. Het is, zoals de openingspagina al duidelijk maakt, opnieuw een echte James Bond-persiflage en minder op Nederland gericht dan veel van de voorgaande delen. Die zullen veel lezers misschien al vergeten zijn, maar eigenlijk is voorkennis niet noodzakelijk, want de strip wordt in sneltreinvaart verteld en staat bol van de actuele woordgrappen en grappige details in de achtergronden.

Lodewijk heeft elke pagina weer ouderwets volgemetseld. Soms wordt het iets te druk en buitelen er te veel snedige verwijzingen door elkaar. Een reden voor het bijzonder hoge graptempo is de wijze van voorpublicatie. In een krantenstrip met twee stroken moet je elke dag leuk zijn en mag de lezer de draad van het verhaal bovendien niet kwijt raken. Dit resulteert in een flinterdun, maar smeuïg verteld humoristisch verhaal. Niets nieuws, want dat was waar Agent 327 om bekend stond, en waardoor het een van de succesvolste Nederlandstalige strips werd.

Martin Lodewijk: Agent 327 dossier 12. De vergeten bom. Meulenhoff, 48 blz, ƒ12,90