Buitenlands eigendom pers beperkt

De Doema, de Russische Tweede Kamer, heeft gisteren een wetsvoorstel aangenomen om het buitenlandse aandeel in Russische media te beperken tot minder dan vijftig procent. Vóór stemden 323 afgevaardigden, tegen 22. De mediawet heeft de steun van de communisten, de nationalisten en Eenheid, de partij van het Kremlin. De opsteller, Aleksander Tsjoejev van Eenheid, noemde buitenlandse mediabaronnen een bedreiging voor de vrije pers, het morele peil en de `informatieveiligheid' van Rusland, een term die door president Poetin in het leven is geroepen. De rechtse fractie van Jabloko stemde als enige tegen, omdat het meent dat mediawet leidt tot ,,totale staatscontrole''. Een afgevaardigde van Eenheid antwoordde: ,,Beter onze staat dan een buitenlandse. Zonder deze restricties kiezen Ted Turner en Rupert Murdoch voortaan ons parlement en onze president.''

Buitenlanders die nu een belang van meer dan 50 procent in Russische media in bezitten, moeten binnen een jaar hun zaken regelen. Dat zou dan gelden voor onder meer de uitgever Independent Media, voor 90 procent in Nederlandse handen, de Scandinavische Modern Times Group, die een belang van 75 procent heeft in tv-kanaal Scania, en Story-First Communication, voor 75 procent eigenaar van tv-kanaal CTC.

Het wetsvoorstel komt nog tweemaal in de Doema, daarna in de Federatieraad – de Eerste Kamer– en vervolgens moet de president de wet ondertekenen.

Rusland heeft nauwelijks regelgeving tegen buitenlands eigenaarschap of monopolievorming in de media. Men spiegelt zich graag aan Amerika, waar buitenlanders een aandeel van maximaal 25 procent mogen hebben in elektronische media.