Bij een roestig nietje

Deze week heeft Antiquariaat Schuhmacher in Amsterdam de catalogus Russian Avant-Garde Books 1912-1932 doen verschijnen, een boekje van 38 pagina's A-4 formaat met 96 nummers, zorgvuldig geïllustreerd in zwart-wit en kleur op de binnenkant en buitenkant van het omslag. Bij de mensen die ervan houden zal het, veronderstel ik, een ontembaar begeren opwekken. Een gevoel dat ik in intensiteit – strikt voor mezelf sprekend – alleen kan vergelijken met wat me als kind overkwam bij het bekijken van de nieuwe Märklin catalogus. Nu vestig ik mijn ogen op nummer 63, A Game in Hell, gedicht van V.Kiebnikov en A.Kruchenykh, geïllustreerd met litho's van Olga Rozanova en Kazimir Malevitch (ik gebruik de spelling van de catalogus). Het boekje is in een oplage van 800 exemplaren verschenen in 1914.

De beschrijving gaat vergezeld van vijf illustraties waarop de duivel in een aantal gedaanten verschijnt en de lezer een kijkje in de hel wordt gegeven. En dan geeft Antiquariaat Schuhmacher nog een kleine bijzonderheid over dit exemplaar. Het is gebrocheerd, de nietjes zijn `een beetje geroest'. Jammer genoeg daarvan geen illustratie, maar goed beschouwd is dat ook niet nodig. Je ziet het voor je: minuscule roodbruine uitwaaieringen op het papier waar 87 jaar geleden iemand het niet-roestvrij metaal in heeft gedreven. Ik vind dat een niet nader onder woorden te brengen raadsel van de geschiedenis: deze litho's en typografie die eruit zien alsof ze vandaag zijn gemaakt, en dan die paar vlekjes oud roest.

In die paar tientallen jaren heeft zich toen van de Russen een geest meester gemaakt, waarom je ze vandaag nog kunt benijden. En vanzelf komen we dan op Vladimir Tatlins Monument voor de Derde Internationale, uit 1919. Iedereen kent het, iedereen heeft er wel eens een foto van gezien, van de konische, spiraalvormige constructie. Zoals je dat ook bij de aanblik van sommige schilderijen of het lezen van bepaalde boeken hebt: je weet het onmiddellijk. Zo hoort kunst te zijn.

Later ben ik er achter gekomen dat er een ingewikkeld verhaal bij hoort. In de constructie waren drie boven elkaar gelegen, met verschillende snelheid draaiende zalen gepland. De benedenste die in één jaar om haar as draaide, voor de wetgevende vergadering. De middelste voor het bestuur, met één omwenteling per maand; en de bovenste, waar o.a. het propagandaministerie huisde, met één omwenteling per dag. Drie verschijningsvormen van de Revolutie. Tatlin wilde zijn constructie hoger maken dan de Eiffeltoren; vierhonderd meter moest zijn draaiende toren worden, de opwaartse spiraal van revolutionair optimisme. Om veel redenen jammer dat het er niet van is gekomen. In Disney Land beweegt ook alles. Daarin ligt tussen Disney en Tatlin de enige overeenkomst.

Zoals we weten: Stalin kon niet tegen dat creatieve tumult. Grote talenten liet hij vervolgen en opsluiten. Verstandige Russische vernieuwers waren toen al naar Parijs verhuisd en de verstandigsten naar New York. Al die kunstenaars waren met hartstocht geëngageerd geweest. Daaruit zou je kunnen leren dat het verbond tussen een scheppende geest en een radicaal-revolutionair machthebber altijd tot mislukken gedoemd is. Het zijn twee grootheden wier absoluut ingestelde geesten elkaar op den duur niet verdragen. Óf de revolutionare politicus past zich aan en wordt liberaal, wat niet zoveel voorkomt; óf de kunstenaar laat zich vleien door zijn aanwezigheid in de schaduw van de macht, doet water in zijn wijn en heeft daarmee al gecapituleerd. Dat zie je meer gebeuren. Tatlin is in de Sovjet-Unie gebleven; hij is 68 jaar geworden en in een Moskous bejaardentehuis gestorven.

In het Amsterdamse Stedelijk Museum is nog korte tijd een deel van de collectie Nikolaj Chardzjiëv, verzamelaar van de Russische avant-garde, te zien. Haast u! Van 26 tot 28 april wordt in de Amsterdamse RAI de Antiquarenbeurs gehouden. Daar liggen de boeken en boekjes van deze avant-garde, behalve zichtbaar ook tastbaar, en als je genoeg hebt gespaard, kun je er een kopen. Dat vind ik van zulke beurzen het ongelofelijke dat toch waar is. Je kunt het verleden van je verlangen aanraken, althans een bewijsstuk ervan. Sommigen kunnen het ook laten inpakken en mee naar huis nemen. Met het roest van de nietjes en al.