Tweede Kamer betwijfelt onafhankelijkheid COT

Een meerderheid van de Tweede Kamer twijfelt aan de onafhankelijkheid van het Crisis Onderzoek Team (COT) van de Leidse professor U. Rosenthal in de MKZ-crisis.

Het commerciële advies- en onderzoeksbureau is deze maand door het ministerie van Landbouw (LNV) gevraagd onderzoek te doen naar het optreden van het departement in de MKZ-crisis. Sinds 1998 is het COT als adviseur betrokken bij het crisisbestendig maken van het ministerie en het uitvoeren van MKZ-oefeningen.

Gisteren zei minister Brinkhorst in de Kamer dat hij niet twijfelt aan de onafhankelijkheid van het COT. De Kamer is niet tevreden met dat antwoord en zal de minister in schriftelijke en mondelinge vragen opheldering vragen over de in 1998 gemaakte afspraken tussen LNV en COT, en over de opdrachten aan het COT.

Kamerlid Waalkens (PvdA): ,,Ik heb alle reden om te twijfelen aan de onafhankelijkheid van het COT. Ze hebben de crisisstaf van Landbouw getraind en twee mond- en klauwzeeroefeningen gedaan. Moet uitgerekend die club dan het crisisbeleid beoordelen?'' Atsma (CDA): ,,Als je zelf de draaiboeken voor de crisis hebt opgesteld, hoe kun je daarna dan je opdrachtgever beoordelen?'' Oplaat (VVD): ,,Ze hadden inderdaad beter een ander bureau kunnen vragen.'' Woordvoerders van PvdA, CDA, VVD, SP en GroenLinks zeggen niet op de hoogte te zijn van het bestaan van het in 1998 afgesloten meerjarige adviescontract tussen LNV en COT. Het contract bevat een clausule waarin beide partijen zich verplichten geen melding te maken van het bestaan van de overeenkomst. De opdracht aan het COT blijkt in 1998 te zijn gegeven in strijd met Europese aanbestedingsregels. In het meerjarig contract dat LNV in 1998 sloot met het COT staat dat voor het COT gekozen is omdat ,,uit marktoriënterend onderzoek gebleken is dat in Nederland alleen het COT hiertoe in staat is''. Kamerlid Atsma: ,,Dat is natuurlijk volstrekte nonsens. Andere instituten kunnen dat ook.''