Twee supersterren en een pistool

Brad Pitt en Julia Roberts, zo'n beetje de twee grootste filmsterren van dit moment, staan in The Mexican voor het eerst samen voor de camera. Ze hebben min of meer gelijkwaardige hoofdrollen, en toch spelen ze maar in een paar scènes samen. Het grootste gedeelte van de film bestaat namelijk uit een parallelmontage van beider afzonderlijke avonturen, waarbij ze grotendeels vergeefs trachten elkaar aan de telefoon te krijgen. Het gekunstelde scenario van de nog niet erg bekende J.H. Wyman draagt minder de signatuur van de eveneens beginnende regisseur Gore Verbinski (Mouse Hunt) dan die van producent Lawrence Bender (Pulp Fiction). `The Mexican' is geen persoon, maar een pistool, en de ernaar vernoemde film hangt van de Tarantineske gimmicks aan elkaar: twee supersterren op zoek naar elkaar; een andere, niet op de credits vermelde grote ster als deus ex machina; het exploiteren van de gevaarlijke magie die het leven ten zuiden van de grens kenmerkt (vergelijkbaar met de Mexicaanse vampieren in Benders From Dusk till Dawn); een hommage aan de spaghettiwestern door de muziek van Alan Silvestri, die Ennio Morricone persifleert; en bovenal, het optimaal exploiteren van de in Analyze This voor het eerst toegepaste vondst, dat de omgangsvormen tussen gangsters zich goed lenen voor psychologisch gebabbel. Per slot van rekening gaat het zowel bij de therapeut als in de wereld van de georganiseerde misdaad om de vraag wie je wel en niet vertrouwen kunt.

Pitt is een brekebeen en een gangster tegen wil en dank, sinds hij een keer per ongeluk de arrestatie van een crimineel kopstuk heeft veroorzaakt. Sindsdien kan hij kiezen tussen de kogel of het opknappen van goed betaalde vuile klusjes. Zijn verloofde Roberts stelt ook ultimata. Als Pitt niet eindelijk begint om de in groepstherapie vastgestelde lessen in positieve gevoelens op hun relatie toe te passen, zal ze hem verlaten. Maar de arm van de maffia reikt ver: ook al heeft Roberts het uitgemaakt, ze wordt toch in gijzeling genomen door een bullebak (James Gandolfini) om te verzekeren dat Pitt zijn opdracht naar behoren vervult.

De scènes waarin Roberts haar psychologische prietpraat met verbazend succes op Gandolfini loslaat, behoren tot de schaarse hoogtepunten van The Mexican. De komische mogelijkheden van die ene vondst worden eindeloos uitgemolken, terwijl het gestoethaspel van Pitt in het land van de besnorde macho's weinig effect sorteert.

Zo laveert The Mexican met weinig overtuiging tussen verschillende genres door. Alleen door de meesterhand van een regisseur die iets van de genrewetten begrijpt, zoals Quentin Tarantino of Robert Rodriguez, zou het hoge spel dat producent Bender met de verwachtingen van de kijker speelt kunnen lonen. Verbinski is meer de regisseur van dienst, die in zijn commercialverleden wel geleerd heeft hoe je mooie en modieuze plaatjes kunt creëren, maar niet hoe die zinvol in te passen in een consistente film.

Tragisch genoeg staan dergelijke tekortkomingen het succes van een formulefilm als The Mexican geenszins in de weg. Het Amerikaanse publiek kwam al in grote drommen af op de koppeling van Roberts aan Pitt, en hier zal het niet anders gaan.

The Mexican. Regie: Gore Verbinski. Met: Brad Pitt, Julia Roberts, James Gandolfini, Bob Balaban, Gene Hackman, J.K. Simmons, David Krumholtz, Richard Coca, Sherman Augustus, Michael Cerveris. In: 88 theaters.

    • Hans Beerekamp