STE kijkt minder naar voorkennis

De Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) heeft vorig jaar minder onderzoeken naar handel met voorkennis uitgevoerd. Het aantal aangiften (10) bij justitie daalde slechts licht in vergelijking met 1999. De beurswaakhond heeft naar eigen zeggen bewust het accent gelegd op minder maar diepgaandere onderzoeken naar voorkennis.

Dat blijkt uit het vanochtend gepresenteerde jaarverslag van de STE. In totaal deed de STE 45 onderzoeken naar voorkennis, terwijl dat er in 1999 nog 72 waren. Het aantal aangiften bestond in 1999 uit 13 dossiers. ,,Wij zijn kritischer geworden op het doen van aangiften. Alleen bij een redelijk vermoeden van schuld volgt een aangifte'', aldus Arthur Docters van Leeuwen, voorzitter van de STE, in een toelichting.

De STE heeft vorig jaar ook gebruik gemaakt van zijn bevoegdheid om boetes uit te delen aan instellingen en personen. De STE heeft momenteel één zogegenoemd boetevoorstel in behandeling ten aanzien van een persoon die vorig jaar met voorkennis had gehandeld. Docters van Leeuwen: ,,Boetes worden bijvoorbeeld gegeven als de overtreding niet al te opzettelijk is gepleegd.''

Tot succesvolle afrondingen hebben de voorkennis-aangiften bij het openbaar ministerie vooralsnog niet echt geleid. Slechts twee aangiften van de STE kregen vorig jaar een gevolg. Daarbij ging het om een zaak tegen twee directeuren van het beursfonds Flexovit International. Een directeur werd schuldig bevonden aan handel met voorwetenschap. De betrokken directeur is daar tegen in hoger beroep gegaan.

Het aantal personeelsleden van de STE is vorig jaar toegenomen van 90 tot 139. Voor de beurswaakhond is de capaciteitsuitbreiding noodzakelijk omdat het binnenkort ook verantwoordelijk wordt voor het toezicht op naleving van de fusiecode (voorheen in handen van de Sociaal Economische Raad). Ook het toezicht op de financiële verslaggeving komt in de toekomst onder de hoede van de STE.