Rechtbank geeft Koerden ongelijk

De asielaanvragen van drie Koerdische hongerstakers hoeven niet opnieuw te worden beoordeeld. De spoedprocedure die hun advocaat had aangespannen, werd door de president van de Haagse vreemdelingenkamer vanmorgen niet ontvankelijk verklaard.

De uitspraak betekent dat de hongerstakers hun actie zullen voortzetten, zegt Ahmed Pourri van de vluchtelingenorganisatie Prime. ,,Twee van hen willen ook weer in dorststaking gaan.'' De vijf Koerden uit Noord-Irak zijn al ruim elf weken in hongerstaking, uit protest tegen het aflopen van hun asielprocedure en het beëindigen van de opvang in Nederland.

Namens drie hongerstakers eiste advocate G. Later gisteren heropening van hun afgewezen asielaanvraag. Volgens haar is het niet mogelijk terug te keren naar Noord-Irak. Het zou behalve onveilig ook onbereikbaar zijn. Staatssecretatis van Justitie Kalsbeek erkende dit probleem onlangs in de Tweede Kamer.

Volgens de president van de Haagse vreemdelingenkamer impliceert dit dat de hongerstakers niet op korte termijn met uitzetting worden bedreigd, waardoor van spoedeisend belang geen sprake is. Nader onderzoek zou volgens de rechtbank ook niet bijdragen aan een beoordeling van de zaak. De rechtbank probeerde tijdens de zitting te bemiddelen en suggereerde in de uitspraak dat de hongerstakers een beroep doen op hun `medische noodsituatie' om te zorgen dat ze in de opvang blijven.

De rechtszaak kan gevolgen hebben voor maximaal 9.000 Koerden uit Noord-Irak die de afgelopen jaren asiel hebben aangevraagd in Nederland. Sinds Noord-Irak `veilig' is verklaard, lopen steeds meer asielaanvragen af. Naar verwachting zullen het komende jaar enkele duizenden Noord-Irakese Koerden op straat komen te staan en gemaand worden terug te keren.