Openbaar ministerie slaat terug naar politiek

Minister Korthals heeft er al eerder voor gepleit: de politiek moet zich niet met strafzaken bemoeien. Nu krijgt hij steun van het OM.

Het is ,,zeer onwaarschijnlijk'' dat de Tweede Kamer gelijk had toen ze unaniem concludeerde dat criminelen met hulp van corrupte overheidsdienaren 15.000 kilo cocaïne hebben ingevoerd.

Dit zegt de scheidend procureur-generaal Tom van Daalen in een afscheidsinterview met het personeelsblad van het openbaar ministerie, Opportuun. De topman van het OM is vanmiddag wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd uitgezwaaid als lid van het college van procureurs-generaal.

Van Daalen deed zijn werk als magistraat doorgaans in grote anonimiteit. Maar in het vraaggesprek bijt Van Daalen ongebruikelijk fel van zich af. Hij vindt ,,de neiging van de politiek om zich met lopende, met name grote, strafzaken te bemoeien heel zorgwekkend''. De Tweede Kamer zou meer ,,vertrouwen'' moeten hebben dat justitie haar ,,uiterste best doet om zaken verantwoord te doen''.

In 1999 onderschreef de Tweede Kamer eensgezind een rapport van de Kamercomissie-Kalsbeek, die een onderzoek had ingesteld naar de erfenis van de IRT-affaire. In het rapport-Kalsbeek stond dat de IRT-affaire – het door politieagenten begin jaren negentig in samenwerking met criminelen op de markt brengen van honderdduizenden kilo's softdrugs – nog veel omvangrijker was. Door hulp van corrupte opsporingsambtenaren zouden criminelen ook grote partijen cocaïne hebben weten in te voeren. Justitie kreeg de opdracht dit uit te zoeken.

Volgens Van Daalen – voor wie geen opvolger zal worden aangesteld – klopt er niets van het rapport-Kalsbeek. ,,Wij hebben bij dit onderzoek alles op alles gezet en elke losliggende tegel opgelicht. We hebben echter niet kunnen vaststellen dat er zoiets heeft plaatsgehad. Sterker, op sommige punten hebben we moeten concluderen dat het zeer onwaarschijnlijk is dat zoiets is gebeurd'', aldus Van Daalen.

Hij vindt het verspilde moeite dat justitie en politie nog steeds zoveel tijd moeten besteden aan het uitzoeken van de IRT-affaire. ,,Ik vind de vraag op zijn plaats, of het verantwoord is om zoveel mankracht te steken in oude zaken met een onzekere uitkomst. Terwijl er grote drugszaken en criminele organisaties zijn die op ontmanteling wachten en waar we gewoon niet aan toe komen omdat we met een gigantisch capaciteitstekort zitten op het gebied van de recherche.''

De uitlatingen van Van Daalen zijn pikant omdat er vanuit de Tweede Kamer herhaaldelijk twijfel is uitgesproken over de vraag of er door justitie wel serieus onderzoek is gedaan naar de uitkomsten van de commissie-Kalsbeek. Onlangs vorderde het OM vrijspraak tegen drugsverdachte Kris J., die ervan werd beschuldigd als IRT-informant te hebben geholpen bij drugsimporten. Justitie zei geen bewijs te hebben kunnen vinden.

In het vraaggesprek zegt Van Daalen ook ,,buitengewoon ongelukkig'' te zijn met het wetsvoorstel `deals met criminelen' waarin staat dat aan klikkende boeven eenderde deel van hun straf kan worden kwijtgescholden. Een dergelijke beloning is voor grote criminelen niet interessant, meent Van Daalen. ,,Ik sluit zelfs niet uit dat je onder hele bijzondere omstandigheden moet kunnen seponeren.'' Verdachten zouden dan vrijuit gaan in ruil voor informatie.

Van Daalen vertolkt met zijn uitlatingen de kritiek die onder veel officieren van justitie leeft. Binnen het OM leeft het gevoel dat de bemoeienis van de politiek ertoe leidt dat strafzaken niet tot een succes kunnen worden gebracht. Recent is dat gebeurd in de strafzaak tegen wapenverdachte Mink K. In deze zaak bepaalde het hof vorige week dat justitie de vervolging moet staken, mede omdat via de comissie-Kalsbeek bekend zou zijn geworden dat Mink K. ook informant was van het OM.

De vice-voorzitter van de commissie-Kalsbeek, A. Rouvoet (ChristenUnie), zei vanochtend aanvankelijk de uitlatingen van Van Daalen ,,te vreselijk'' te vinden voor een reactie. Later belde hij terug met de aankondiging dat hij minister Korthals waarschijnlijk morgen al in een mondeling overleg zal vragen of de bewindsman de uitlatingen van Van Daalen onderschrijft. In het overleg wordt ook de strafzaak Mink K. behandeld.

De hoogste baas van het OM, J. de Wijkerslooth, wil volgens zijn woordvoerder niet zeggen of hij de opinie van Van Daalen deelt. ,,Het college van procureurs-generaal heeft over dit soort zaken geen mening'', aldus de woordvoerder.