Op de schop

MET ZIJN POGING om hervorming van de Europese landbouwpolitiek bij zijn EU-collega's bespreekbaar te maken, heeft minister Brinkhorst samen met de Britse minister Brown gisteren een dapper maar riskant initiatief genomen. De bewindslieden willen aan de mogelijke hervorming een conferentie wijden. Het Verenigd Koninkrijk en Nederland worden beide geplaagd door het mond- en klauwzeervirus. Vers in het geheugen liggen de gekkekoeienziekte en de varkenspest. Het openbare leven in delen van deze twee landen is door de MKZ-epidemie ontregeld. Boeren zijn ontredderd. Op het platteland voltrekt zich een drama. Maar het staat vast dat weinig hetzelfde zal zijn als vóór de uitbraak van het mond- en klauwzeer.

Geen wonder dat op het hoogtepunt van zo'n crisis andermaal geluiden opgaan om het beleid te veranderen – het Europese beleid wel te verstaan. Want wat de landbouw betreft begint en eindigt alles in Brussel. Hervorming van de Europese landbouwpolitiek is als het veranderen van de Europese Unie zèlf. Het is het stoppen en op een andere koers brengen van – ja, van de Titanic. Doorvaren betekent de ondergang. Koerswijziging vergt de allergrootste krachtsinspanning en stuurmanskunst.

MINISTER BRINKHORST (D66) heeft sinds zijn aantreden duidelijk laten merken voor landbouwhervorming te zijn. Hij heeft werk gemaakt van `vergroening' van zijn vanouds traditioneel denkende ministerie. Hij is voorstander van een duurzame veehouderij, waarin het meer gaat om kwaliteit en minder om massa. En hij ziet duidelijk dat het huidige Europese landbouwbeleid zijn grenzen heeft bereikt. Het is een beleid dat sinds jaar en dag het aanbod centraal stelt, en niet de vraag. Een beleid van subsidies, van opkoop- en opslagregelingen en van markt- en prijsregulering. De boeren en de lidstaten zijn eraan gewend geraakt. Financiële steun, in wat voor vorm dan ook, werkt verslavend.

De drie opeenvolgende plagen hebben op navrante wijze onderstreept dat hieraan iets moet gebeuren. Maar een aanbodgerichte landbouweconomie met boterbergen, melkplassen en vleesoverschotten omzetten in een marktconforme is niet alleen een technisch ingewikkelde operatie. In zowel Frankrijk en Duitsland als Nederland zijn volgend jaar verkiezingen. Niet iedere kiezer zit te wachten op een cultuuromslag in de landbouw – al was het maar omdat de schoorsteen moet roken. In Duitsland pleit de groene minister van Landbouw, Künast, voor een beleid waarin de consument centraal staat en dat kleinschalig en milieuvriendelijk is. Ze zal ongetwijfeld de grootschalig werkende boeren in het oosten op haar pad vinden. Die hebben de Europese vetpotten nog maar net ontdekt; handhaving van de status quo is hùn belang. Frankrijk kampt met een leeglopend platteland en een boerenbevolking die bewezen heeft tot het uiterste te gaan om haar financiële belangen te verdedigen. In Nederland zit de boer weliswaar in de `duivelskring' (Brinkhorst) van een aanbodgericht proces, maar wie zegt dat hij daar uit wil, alle ellende van dit moment ten spijt? De afstand Kootwijkerbroek-Brussel bedraagt in deze crisis lichtjaren. Maar onder normale omstandigheden ligt Brussel dichter bij huis en weten de boeren heel goed waar ze hun welvaart aan te danken hebben.

KORTOM, OM TEGEN verkiezingstijd te gaan praten over ingrijpende hervormingen in de landbouw en vervolgens met de bijbehorende en onvermijdelijke slecht-nieuwsboodschappen te komen, is vragen om problemen. Regeringsleiders, die internationaal denken, maar nationaal door hun kiezers worden afgerekend, zullen zo'n politiek mijnenveld uit lijfsbehoud liever mijden.

Toch moet het landbouwbeleid in Europa, door Brinkhorst deze week `stalinistisch' genoemd, veranderen. De vraag van de consument dient centraal te staan en niet het aanbod van de boer. Om dat te betalen kunnen de opkoop- en opslagregelingen op de helling. De dierdichtheid moet omlaag. Het praktisch ongecontroleerde gezeul met dieren kriskras door de Unie dient te worden aangepakt. Ook het non-vaccinatiebeleid moet onder de loep. De mond- en klauwzeercrisis is een waterscheiding die de Europese autoriteiten moeten benutten om vaart te zetten achter initiatieven zoals dat van Brinkhorst en Brown. Een gemakkelijke gang zal het niet worden. Maar hij verdient alle steun.