NMa eist van Schiphol heldere boekhouding

Schiphol moet een transparantere boekhouding voeren als het naar de beurs gaat. De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) concludeert in een onderzoek in opdracht van minister Netelenbos (Verkeer) dat de tarieven die de luchthaven hanteert niet gerelateerd zijn aan de werkelijke kosten die worden gemaakt. De NMa wilde bekijken of de tarieven excessief zijn. Dat wasdoor de ondoorzichtige boekhouding niet mogelijk.

De minister kijkt nu nog toe op het prijsbeleid van de luchthaven. Als Schiphol wordt geprivatiseerd, valt dat beleid onder de mededingingswet. De NMa is dan toezichthouder. Omdat Schiphol een monopolist is, is het van belang dat de tarieven voor luchtvaartmaatschappijen (start- en landingsgelden, parkeergelden en het afhandelen van de passagiers) helder en redelijk zijn. De maatschappijen die Schiphol als thuisbasis hebben (KLM, Martinair en Transavia) deden al eerder hun beklag over het prijsbeleid van Schiphol. Zij vrezen dat de tarieven onevenredig zullen stijgen na de beursgang.

Vanaf 1998 heeft Schiphol tarieven opgesplitst naar luchtvaart- en non-aviation activiteiten. De NMa wil nu dat Schiphol deze kosten verder uitsplitst om het tarievenstelsel transparanter te maken. Bijvoorbeeld naar terminalkosten, start- en landingsgelden en parkeergelden.

Volgens een woordvoerder van het ministerie van Verkeer en Waterstaat is het nu niet duidelijk of Schiphol de investeringen in commerciële activiteiten (winkels en kantoren) doorberekent in de tarieven. Transavia zegt dat het rapport het standpunt van de luchtvaartmaatschappij bevestigt dat de luchtvaartactiviteiten door Schiphol zwaarder belast worden dan de commerciële activiteiten.

Schiphol zegt indien nodig bereid te zijn de boekhouding aan te passen. De NMa moet dan wel precies vertellen hoe dat moet. Volgens de luchthavendirectie is verdere opsplitsing van tarieven niet altijd mogelijk. Het tarievenbeleid zou er ook op gericht zijn de concurrentiepositie en de milieudoelstellingen te handhaven.