Jeremy Irons

In een reeks profielen van hedendaagse sterren deze week Jeremy Irons, de hautaine Brit die vrouwelijke filmkijkers in katzwijn doet vallen en nu te zien is als boze tovenaar in 'Dungeons & Dragons'.

,,Welke vrouw wil er nou niet door Jeremy Irons worden verleid?'' moet modeontwerpster Donna Karan hebben uitgeroepen toen ze de Britse acteur, samen met het supermodel Milla Jovovich, inhuurde voor haar nieuwste reclamecampagne. Daarmee refererend aan Irons' imago van pin-up voor intelligente vrouwen, dat hem sinds zijn optreden in de televisieserie Brideshead Revisited (1982, naar Evelyn Waugh) aankleeft. En dan te bedenken dat Jeremy John Irons (19 september 1948, Cowes, Isle of Wight) zijn status als romantische hoofdrolspeler te danken heeft aan de rol van Charles Ryder die herinneringen ophaalt aan zijn ambigue vriendschap met Lord Sebastian Flyte en diens geliefde teddybeer Aloysius. Zijn filmhuwelijk met Sebastians zuster Cordelia moet hem hebben gered, want voor een in Marokko aan lager wal geraakte homoseksueel (Irons zou aanvankelijk Sebastian spelen) waren al die vrouwenharten waarschijnlijk niet sneller gaan kloppen.

Irons bekendste uitspraken over acteren staan nogal haaks op elkaar. Enerzijds is hij van mening dat de meeste acteurs zich als kinderen gedragen, terwijl hij liever de volwassene van het gezelschap is. Anderzijds benoemde hij ooit als voornaamste aantrekkingskracht van het acteren het feit dat toneelspelers toch een beetje onaangepaste vagebonden zijn. In zijn rollen laat hij vooral die eerste kant zien. Irons is vooral de understated, elegante en een tikje arrogante intellectueel. Van The French Lieutenant's Woman (Karel Reisz, 1981), tot de titelrol in Un amour de Swann (Volker Schlöndorff, 1984), de Oscarwinnende moordenaar Claus von Bülow in Reversal of Fortune (Barbet Schroeder, 1990), de onverzettelijke landeigenaar Esteban Trueba in de met sterren overladen adaptatie van Isabel Allendes The House of Spirits (Bille August, 1993) of zelfs de perfide Humbert Humbert in een recente verfilming van Lolita (Adrian Lyne, 1997). De film die de meeste bezoekers trok was The Man in the Iron Mask (Randall Wallace, 1998) waarin Irons gestalte gaf aan Aramis, een van de drie musketiers op leeftijd, een buitenkansje voor het pruikendepartement van Hollywood.

De regisseur die het duidelijkste zijn andere, onvoorspelbare kant naar voren wist te halen was de Canadees David Cronenberg. Onder zijn regie speelde Irons de naargeestige tweelingbroers Beverly en Elliot Mantle in Dead Ringers (1988) en een excentrieke interpretatie van het aloude M. Butterfly-thema in de gelijknamige film (1993).

Een leuk familieonderonsje was de Roald Dahl-verfilming Danny the Champion of the World (Gavin Millar, 1989), waarin Irons niet alleen met zijn schoonvader speelde, maar ook met zijn zoon Samuel. De lijzige Irons, volkomen miscast als de onaangepaste vader van Danny, had evenwel de belangrijkste eigenschap met zijn papieren variant gemeen: sprankelende ogen, waarmee hij als verliefde vader voortdurend uit zijn rol valt.

    • Dana Linssen