Taiwan wil zelf Chinese zeeblokkade kunnen breken

De Amerikaanse wapenverkoop aan Taiwan is in militair opzicht bedoeld om een zeeblokkade door China tegen te gaan. De VS gaan met de levering van onderzeeërs verder dan tot nu toe.

De Verenigde Staten bezorgen Taiwan een instant pakket `blokkade breken'. Zo kan de samenstelling van de wapenleveranties aan de eilandstaat het beste worden omschreven. Een zeeblokkade van Taiwan door China wordt naast raketaanvallen als de belangrijkste militaire dreiging gezien. China is militair niet bij machte om de 160 kilometer brede zeestraat met een invasieleger over te steken. Maar aangezien China beschikt over een stuk of vijftig onderzeeërs is het beter in staat om de maritieme toevoerlijnen van de eilandstaat af te snijden. Wanneer Taiwan zelfstandig in staat is een Chinese blokkade te breken, is Amerikaans militair ingrijpen ook minder waarschijnlijk.

De vier Kidd-klasse torpedobootjagers, die in het Amerikaanse pakket zitten, zijn ontworpen om onderzeeërs te bestrijden, terwijl de schepen ook nog zijn uitgerust met een capabele luchtafweer. Het dozijn maritieme patrouillevliegtuigen van het type Orion dat door de VS is toegezegd, is eveneens ontworpen voor de jacht op onderzeeboten. De Orions moeten worden uitgerust met Mk-48 torpedo's. Ook staan helikopters van het type Sea Dragon op de lijst, vliegende mijnenvegers die met een slepende `bezem' zeemijnen vroegtijdig kunnen laten ontploffen. Veel Chinese onderzeeboten zijn uitgerust om in Taiwanese wateren mijnen te leggen.

De acht dieselelektrisch aangedreven onderzeeboten die de VS Taiwan zullen helpen aanschaffen, vormen nog het meest potente wapen om een zeeblokkade te breken. Het beste anti-onderzeebootwapen is een andere onderzeeboot. De Chinese onderzeeboten zijn, op een handvol Russische Kilo-klasse-boten na, verouderd en lawaaierig waardoor ze betrekkelijk eenvoudig zijn op te sporen.

Hoe de VS kunnen helpen bij de koop van onderzeeërs blijft vooralsnog een raadsel. Amerikaanse werven bouwen zelf uitsluitend nucleair aangedreven onderzeeërs. Ze zouden dus een buitenlands ontwerp in licentie moeten produceren. Weliswaar bouwt de Amerikaanse Ingalls-werf voor Egypte twee onderzeeboten van de Nederlandse Moray-klasse. Maar de kans dat de Nederlandse regering toestemming geeft voor de levering van boten aan Taiwan lijkt verwaarloosbaar. Dit zou de relatie met China te veel op het spel zetten. Een andere optie is de licentiebouw van Duitse onderzeeërs, maar ook dat land zal zich tweemaal bedenken voordat het de handelsbetrekkingen met de Chinese markt van 1,2 miljard consumenten in gevaar brengt.

Levering van onderzeeboten door de VS zou een waterscheiding betekenen in het Amerikaanse beleid inzake wapenleveranties aan Taiwan. De VS hebben China altijd beloofd af te zien van offenieve wapensystemen. Onderzeeërs bevinden zich echter in een schemergebied tussen defensief en offensief. Zo zouden Taiwanese onderzeeboten zélf Chinese havensteden kunnen blokkeren of schepen langs de hele Chinese kust kunnen torpederen.

Het afzien van de leverantie van vier Arleigh Burke-klasse destroyers uitgerust met het Aegis-systeem tegen raketaanvallen – door de VS gepresenteerd als bewijs van terughoudendheid – is een loos gebaar. Behalve dat dit systeem met een miljard dollar per stuk peperduur is en dat de schepen pas in 2010 kunnen worden geleverd, heeft Taiwan ze niet nodig.

In een rapport aan het Congres stelde het Pentagon vorig jaar zélf al dat de Chinese raketdreiging net zo goed kon worden gepareerd met een bescheiden aantal op land gestationeerde batterijen antiraketraketten, bijvoorbeeld van het type Patriot, PAC-3. Groot voordeel van deze raketten ten opzichte van de Aegis-schepen is dat hun ontwikkeling grotendeels is afgerond. PAC-3 raketten hebben al meermalen doelraketten succesvol onderschept. Mocht tussen China en Taiwan de spanning oplopen, dan kunnen de Patriotbatterijen vanuit de VS worden ingevlogen. Niet voor niets staat op de lijst met leveranties ook een ,,technische briefing'' over de PAC-3 aan Taiwanees legerpersoneel.

    • Menno Steketee