Intrigerend koningsdrama in Sofia

Hij wil graag en in de peilingen groeit zijn aanhang, maar de Bulgaarse ex-koning Simeon II mag niet meedoen aan de komende verkiezingen.

Ex-tsaar Simeon II van Bulgarije mag niet meedoen aan de parlementsverkiezingen van 17 juni. Zelfs de rechter lijkt er niet van overtuigd dat de 63-jarige oud-monarch zijn zinnen toch niet stiekem op de Bulgaarse troon heeft gezet. De stadsrechtbank van Sofia weigerde gisteren de registratie van Simeons onlangs opgerichte partij: `Nationale Beweging Simeon II'. Formeel heet het dat de beweging van Simeon op negen punten niet voldoet aan de wettelijke criteria voor erkenning van nieuwe partijen.

Volgens één van de advocaten van de Bulgaarse ex-koning is de rechter vooral gevallen over de statuten van de `Nationale Beweging Simeon II', die bepalen dat Simeon Saxe-Coburgotski – zoals hij in het dagelijks leven heet – binnen de partij het alleenrecht zou hebben om te bepalen wie er op verkiesbare plaatsen komen. Deze statuten zouden de weg openen voor een mogelijk premierschap voor de man die van zijn zesde tot zijn negende jaar over Bulgarije regeerde voor hij door de communisten werd verjaagd.

Onduidelijk is nog of Simeon hoger beroep aantekent. Zijn partij moet zich vóór 2 mei laten registreren voor de verkiezingen. Het is zo goed als zeker dat een appèl niet voor die datum kan worden afgewerkt. Het koningsdrama in Sofia lijkt daarmee een vroegtijdig einde te krijgen. In februari van dit jaar zette het constitutionele hof een streep door de ambitie van Simeon Saxe-Coburgotski om een gooi te doen naar het presidentschap, later dit jaar. De vorst die in 1946 uit Bulgarije verdreven werd nadat het koningschap per – zeer omstreden – referendum door de communisten werd afgeschaft, woont al meer dan vijftig jaar in Spanje. Hij voldoet niet aan de eis dat een Bulgaarse presidentskandidaat ten minste de laatste vijf jaar in het land moet hebben gewoond.

Simeon riep al meteen in februari dat de uitspraak van het constitutionele hof hem niet uit de politiek zou kunnen houden. Op 8 april richtte hij – vier dagen nadat hij naar zijn geboorteland was teruggekeerd – de `Nationale Beweging Simeon II' op en liet zichzelf door een uitbundig congres tot voorzitter kiezen. Hij beloofde de corruptie en vriendjespolitiek aan te zullen pakken en binnen 800 dagen een tastbare verbetering van de levensstandaard teweeg te brengen. Hij onderstreepte met klem dat zijn beweging een nationale volksbeweging moest worden en geen verkapte monarchistische beweging.

In Bulgarije is de koning sindsdien hét onderwerp van gesprek. Overal waar hij verschijnt lopen massa's mensen te hoop. Peilingen gaven de beweging van Simeon een goede kans in de aanstaande verkiezingen. Ook al was er nog altijd geen formeel verkiezingsprogramma, laat staan een kandidatenlijst. De beweging van de ex-koning bleek een welkom politiek alternatief voor zowel ontevreden politici als voor de diep teleurgestelde Bulgaarse kiezer die zich zowel door links (de voormalige communisten) als door centrum-rechts in de steek gelaten voelt.

Na de uitspraak van de rechtbank in Sofia kan Simeon alleen nog meedoen aan de verkiezingen als hij zich aansluit bij een bestaande partij. Analisten in Sofia menen dat de uitspraak van de rechter een politieke bijsmaak heeft. Volgens opinieonderzoeker Kancho Stoichev is de beweging van Simeon om politieke redenen geweerd. ,,Zelfs al kun je de rechtbank niet op procedurefouten betrappen, dan nog maakt het besluit een absurde indruk. Politiek gezien is dit een stap terug in de democratische ontwikkeling van ons land.''