Hoofddoek en spijkerbroek 1

De hoofddoek van Fatima en de nette jurk van Máxima worden in één adem genoemd met de spijkerbroek.

Het lijkt op een poging om vooral bij progressief Nederland begrip te kweken voor in aantal en invloed toenemende praktiserende islamieten en voor een continuering van een monarchie waarvan vooral de invloed buiten en boven de wet lijkt te staan. Moslims hebben de vrijheid in dit land om te vergelijken en buiten de islam over de islam na te denken, beweert Pim van Harten (NRC Handelsblad, 14 april).

In hoeverre daar ook gebruik van wordt gemaakt is voor mij twijfelachtig. Ook heb ik ernstige twijfels over de vrije keus van de in Amsterdam rondlopende gesluierde vrouwen en van de vele jonge meisjes op zwarte scholen die zweten onder hun nylon hoofddoekjes tijdens een proefwerk.

Wat de monarchie aangaat verbaas ik me elke keer weer hoe onmogelijk het is in dit land om de onzichtbare macht en invloed ervan bespreekbaar te maken en te reguleren, zoals men toch binnen een parlementaire democratie zou verwachten.

Dat een allochtone dame het nu via de `mannelijke koninklijke bloedlijn' op een dag tot koningin zal schoppen kan ik met de beste wil van de wereld niet zien als een progressieve daad die past binnen onze moderne samenleving. Voor mij zijn de hoofddoek en het koningshuis geladen symbolen. De spijkerbroek is daarentegen een daadwerkelijk symbool van vrijheid.