Bloedgeld met een fout karma

Het is alweer drieënhalf jaar geleden dat antikraakwachten op een verlaten Amsterdamse zolder per toeval het Liro-archief ontdekten. In eerste instantie werd weinig waarde gehecht aan de duizenden kaartjes met beschrijvingen van persoonlijke eigendommen: horloges, vulpenhouders, kleding, serviezen en kunstwerken. Maar gaandeweg werd duidelijk dat het ging om bezittingen van joden die tijdens de oorlog door de Duitsers waren geconfisqueerd en ondergebracht bij de Duitse roofbank Lippmann-Rosenthal (Liro). Naam en adres van de rechtmatige eigenaren werd zonder gêne vermeld. Soms luidde het adres kortweg: Kamp Westerbork.

De vondst van het Liro-archief vormde de aanzet tot wat later het naoorlogs rechtsherstel van niet alleen joden, maar ook zigeuners en Indische Nederlanders is gaan heten. Maar liefst vier regeringscommissies kwamen er aan te pas om na te gaan wat er was gebeurd met het geroofde bezit en in hoeverre ambtenaren, banken, verzekeraars en handelaren zich ten koste van de Nederlandse joden hadden verrijkt. Over de moeizame onderhandelingen en de daaruit voortvloeiende financiële genoegdoening – 400 miljoen voor de joodse gemeenschap, 250 miljoen voor de Indische gemeenschap en 30 miljoen voor de Sinti en Roma – is veel gesproken en geschreven. Maar hoe hebben de duizenden oorlogsslachtoffers en hun nabestaanden het geld uiteindelijk besteed?

Documentairemaker Nathan Plas probeert een antwoord te vinden op die vraag. Zo gaat hij te rade bij zijn vader, die in de oorlog als kleuter ondergedoken zat en na ruim een halve eeuw bericht kreeg dat hij in aanmerking kwam voor een vergoeding van 14.000 gulden. Omdat het geld zijn leed niet kan verzachten, en hij het bovendien ,,niet echt nodig heeft'' besluit hij het te verdelen onder zijn drie kinderen. Zoon Nathan wil het alleen uitgeven aan een ,,passende bestemming''. Een reisje naar Ibiza ziet hij niet zitten, daarvoor is deze gift te beladen. Maar wat dan wel?

Berthe Meijer, die Bergen-Belsen overleefde, maar wier beide ouders werden vermoord, bedacht een wel heel bijzondere bestemming voor wat zij ,,geld met een fout karma'' noemt: de aanleg van een riool in haar Franse zomerhuisje. Meijer: ,,Ik wilde het geld niet aan mijn kinderen geven, want het blijft bloedgeld. Maar toch mochten zij er wel plezier van hebben.'' Ze grinnikt: ,,En dus trok ik het spreekwoordelijk door de plee.'' Maar na de euforie volgt even later ook de pijn. ,,Tijdens al die onderhandelingen ging het enkel om dat geld; ik heb nooit een exposé over gevoel gehoord. Die tegoeden zijn niet uit liefde door de Nederlandse samenleving bijeengebracht.''

Nicoline Wolf van het Joods Maatschappelijk Werk hoefde niet lang na te denken. ,,Zie het als een erfenis, die je anders was nagelaten door die neef of nicht die nooit is teruggekomen.'' Plas' verzoek om suggesties voor een passende bestemming begroet zij met een mengeling van irritatie en verwondering: Ibiza of een keuken, je krijgt er toch toch je familie niet mee terug, lijkt zij te denken. Uiteindelijk wordt het een piano, volgens de documentairemaker het symbool van ,,leven, muziek en vrijheid''.

Leed per saldo, morgen, NCRV, 747am, 16.02-16.45u.

    • Danielle Pinedo