Fel debat over toekomst boek

In Felix Meritis werd afgelopen vrijdagavond gediscussieerd over de vernietigende greep die de commercie op de wereld van het boek dreigt te krijgen. ,,Het debat gaat tussen de barbaren en de beschaving.''

`Het soort schrijver dat de commerciële regels van de boekenmarkt niet accepteert, is voorbestemd uit te sterven', schrijft Dubravka Ugrešic in haar nieuwe essaybundel Verboden te lezen. `De wereld van de literaire commercie wordt beheerst door boekproducenten. En boeken produceren is nog altijd niet hetzelfde als het produceren van literatuur.'

Ugrešic neemt in haar boek stelling tegen wat zij beschouwt als de verloedering van de lees- en uitgeefcultuur, waarbij het meer om kwantiteit dan om kwaliteit lijkt te gaan en het succes van een boek wordt bepaald door de mediaoptredens van de schrijver. Vrijdagavond werd hierover gediscussieerd in Felix Meritis in Amsterdam, door Ugrešic en de publicisten Rudy Kousbroek, H.J.A. Hofland, Paul Scheffer en Michaël Zeeman.

Zeeman verwees in zijn openingstoespraak naar het debat, vorig jaar in NRC Handelsblad in gang gezet door Hofland en Kousbroek, over de bedreiging die marktdenken en massacultuur vormen voor de `hoge cultuur'. Ook de uit het voormalig Joegoslavië afkomstige en nu in Amsterdam woonachtige Ugrešic zei in haar inleiding dat je niet kunt praten over de veranderingen in de boekenwereld zonder de rest van de wereld erbij te betrekken: het verdwijnen van universele waarden en utopieën, de nieuwe media, consumentisme, globalisering. Ugrešic gaf toe dat het onderwerp van de discussie `uitgebreid, complex en vaag' was, en sprak de hoop uit dat de avond niet in de polarisatie tussen pessimisten en optimisten zou eindigen.

Als onderdeel van een humoristisch betoog over de `visuele gemeenplaats' demonstreerde H.J.A. Hofland met armgebaren de verschillende vormen van vreugdebetoon op het voetbalveld, van het voorzichtig juichen in de jaren vijftig tot het latere `kindjewiegen' en de extatische knieval. Deze ontwikkeling laat volgens Hofland de inflatie zien waaraan alle visuele gemeenplaatsen onderhevig zijn, waardoor in een door beelden gedomineerde cultuur steeds naar de overtreffende trap moet worden gezocht.

Rudy Kousbroek herhaalde enkele stellingen uit zijn geruchtmakende, tegen de dominerende Amerikaanse cultuur gerichte artikel dat in het Cultureel Supplement verscheen. ,,Een van de zwakheden van de Amerikanen is dat ze geloven in de goedheid van de rijken'', zei Kousbroek. Hij verwees naar de kritische reactie die hij van de jonge Arnon Grunberg ontving: ,,Hij denkt dat het debat over jong en oud gaat. Hij heeft het mis. Het debat gaat tussen de barbaren en de beschaving.'' Ook een oudere collega kreeg er van langs: ,,Sommige schrijvers menen dat marktwaarde de graadmeter is voor kwaliteit – is Harry Mulisch in de zaal?''

Zeeman en Scheffer bestreden de sombere diagnose van de anderen: Jackie Collins is toch nog niet doorgedrongen tot de canon van de Amerikaanse literatuur, en er worden toch nog steeds een heleboel mooie en minder goed verkopende boeken uitgegeven door kwaliteitsuitgeverijen? Volgens Kousbroek ging het vooral om wat je niet ziet: de boeken die al na enkele weken uit de schappen verdwenen zijn, de schrijvers die niet meer uitgegeven worden, het winstbejag dat onze cultuur is binnengeslopen en dreigt te overheersen.

Het deed Scheffer denken aan de film Invasion of the Bodysnatchers, zo'n onzichtbaar gevaar waar maar enkelen van op de hoogte zijn. Kousbroek, geïrriteerd: ,,Je gedraagt je alsof je niet weet wat er aan de hand is. De grote pessimist, dat is Paul Scheffer. Wij zijn de optimisten, want wij geloven in het belang van goede literatuur.''

Vanaf dat moment raakte het debat steeds meer verward en gepolariseerd. Ugrešic zat erbij alsof ze er eigenlijk niet bij hoorde, en Kousbroek viel voortdurend Scheffer aan, die daar schouder-ophalend op reageerde. Voorbeelden en tegenvoorbeelden werden heen en weer gekaatst. Het publiek gniffelde. ,,Het wordt een beetje belachelijk'', merkte Zeeman terecht op. Gelukkig hadden Kousbroek en Hofland op de vraag wat je kunt doen om de verloedering tegen te gaan een eensluidend, zij het wat ouderwets antwoord: protesteren.

    • Martijn Meijer