WIELERMONUMENT OP WITLEREN BANK

Peter Post, ooit zesdaagsekeizer en uniek ploegleider, is als adviseur betrokken bij wielerploeg Domo-Farm Frites. Koersen bezoekt hij nauwelijks meer. Met zijn afstandsbediening heeft Post de wielerwereld binnen bereik.

De meest succesvolle ploegleider in de wielerhistorie laat zich al jaren zo min mogelijk zien in het peloton. Peter Post wil zijn opvolgers niet voor de voeten lopen. Ze mochten eens denken dat hij alles beter weet.

Post wordt nog veelvuldig aangesproken. Overal stuitte de voormalige zesdaagsekeizer deze week op enthousiasme over Parijs-Roubaix. ,,Bij mensen die je nooit over wielrennen hoort, hooguit over de cols in de Tour de France. Vooral in winkels. Mensen die zeggen dat ze hun stoel voor de tv die middag dat Knaven won niet uit zijn geweest. Dan zie je wat de mensen willen: heroïek'', zegt hij in zijn bungalow in Amstelveen. Daar begint voor hem de dag met Het Nieuwsblad, een Belgische krant vol wielerverhalen.

Van een afnemende populariteit van de wielersport is volgens Post geen sprake. Ook dopingaffaires hebben geen nadelig effect op de belangstelling voor het cyclisme, meent de man die ooit tegenover Theo Koomen toegaf ook wel eens wat ,,te hebben gepakt'', naar eigen zeggen uit nieuwsgierigheid. ,,Renners die positief waren, werden het populairst. Die gingen in criteriums veel geld verdienen. Theunisse werd negen maanden geschorst en kreeg nog een vet contract bij TVM. Dat verbaasde me. Jongens die zich netjes gedragen hadden, moesten bedelen om een contract. Maar ik was blij dat ik van hem af was.''

Thuis zit Post op de eerste rang. Het witlederen bankstel neemt bijna de halve huiskamer in beslag. Verder een reusachtige tv en op de raamlijst een bronzen versie van het hoofd van Post, maar zonder littekens. Aan de muur litho's uit vervlogen wielerdagen. Buiten timmeren bouwvakkers op het terras aan een uitbreiding van de keuken. Het aangrenzende strookje grond van twaalf vierkante meter heeft Post van de gemeente niet mogen inlijven. ,,Ze wilden voor mij geen uitzondering maken'', zucht de ploegleider in ruste.

De 67-jarige Post zat zondag ook voor de tv, afgestemd op een Belgische zender. ,,Op het laatst ben ik overgeschakeld naar Nederland.'' De behoefte erbij te zijn heeft hij al lang niet meer. Nadat hij de `Hel van het Noorden' in 1964 dankzij harde wind in de rug in een recordtijd won, ging hij er slechts één keer als toeschouwer kijken. ,,Niet omdat ik vind dat vroeger alles beter was. Want dat is niet zo.'' Met een wijds armgebaar naar de tv: ,,Maar hier zie je het allemaal gewoon veel beter.''

,,Het spannendste was dat Domo-Farm Frites nog door 't ijs dreigde te zakken'', zegt Post over de finale van Parijs-Roubaix. ,,Museeuw rijdt lek, Peeters was gelost, Vainsteins was niet zo goed meer. Het zag er naar uit dat Knaven zou overblijven met Hincapie en Dierckxsens. Als Museeuw niet terugkomt... Maar hoe het dan weer omdraait in één keer.''

Domo-Farm Frites is ook een beetje van Post. ,,Ik waak nog steeds over de belangen van Farm Frites in die combinatie. Eén keer in de maand komen we bij elkaar.'' Als adviseur van Farm Frites, dat geen eigen ploeg meer op de been kon houden, zorgde Post er voor dat het bedrijf als subsponsor kon aansluiten bij het initiatief van de Belgische manager Patrick Lefevere. Een aantal renners van Farm Frites ging mee naar België, onder wie Knaven. Die stap in zijn carrière leverde de 30-jarige renner zondag zijn mooiste overwinning op.

Meteen na afloop belde Post Lefevere om hem geluk te wensen met het eerste grote succes. ,,Het werd ook tijd'', zegt Post over die lang verwachte zege. ,,Domo is een ploeg voor het voorjaar.'' Lefevere heeft wel wat weg van Post. Bij Mapei leidde de Belg jarenlang een ploeg die het `totaalwielrennen' van TI Raleigh uit de jaren '70 en '80 beheerste. Post heeft respect voor Lefevere. ,,Iemand die zich aan afspraken houdt. Met veel zaken zitten we op dezelfde lijn: netheid, orde, discipline.''

Voor Tourwinnaars als Lance Armstrong en diens landgenoot Greg LeMond, die afgelopen week Nederland aandeed, heeft Post minder goede woorden over. ,,LeMond reed altijd weinig wedstrijden. Na de Tour was ie weg. Maar als je de Tour rijdt, kun je toch ook andere wedstrijden rijden? Stel je voor dat elke klassiekerrenner zou zeggen, `ik rijd geen Ronde van Italië, geen Ronde van Spanje, geen Ronde van Frankrijk', dan zou je in de Tour de France met twintig renners aan de start staan. Ik vind het gek dat Armstrong niet de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik rijdt, maar een wedstrijdje in Frankrijk. Slecht voor de wielersport. Die renners moet je toch kunnen zien? Zo ben ik een fan van Jan Ullrich, maar ik begrijp er niks van dat ie geen klassiekers rijdt.

,,Nee, dan Michael Boogerd. Geweldig. Een man die van zijn sport houdt. Altijd enthousiast. Boogerd heeft niet het talent van Joop Zoetemelk. Dat was een aparte man, maar een geweldige renner. Die moest je aan z'n lot overlaten. Joop deed maar drie dingen: slapen, eten en fietsen. Boogerd is een goede renner, die zich goed ontwikkeld heeft. Ook verstandig dat hij zich niet meer alleen op de Tour richt. Moet je ook niet doen als je niet kan tijdrijden. En met de klimmers kan hij mee, maar hij kan er niet van wegrijden. Boogerd rijdt nu een goed programma. Elke overwinning is er één, alles telt.''

Zelf fietst Post nog met grote regelmaat. Langs de Amstel en in de Haarlemmermeer kan het je gebeuren dat hij je passeert. Bij de voordeur ligt zijn helm. Die draagt Post als hij in groepsverband fietst. Vorig jaar, op Hemelvaartsdag, ging hij nog onderuit in België, in een groep van zestig renners. Hij begrijpt nog niet hoe het kon gebeuren. Hij scheurde een lies-aanhechting, zat een paar weken in een rolstoel en kon pas na maanden weer zonder krukken lopen.

Na een operatieve ingreep aan zijn zitvlak, in maart 1970 in Duitsland, balanceerde Post als gevolg van inwendige bloedingen op het randje van de dood. Ruim twintig kilo lichter verliet hij het ziekenhuis. Hij vocht zich terug en bereikte opnieuw de top, precies zoals Johan Museeuw wat de afgelopen jaren tot tweemaal toe deed. Post zag Museeuw in het ziekenhuis, tijdens de periode waarin hij Farm Frites aan Domo probeerde te koppelen. ,,Ik weet wat er voor komt kijken om terug te komen'', zegt Post, ,,zeker als het je een paar keer achter elkaar overkomt. Ik heb het onmenselijk gevonden voor hem, de laatste keer. Ik heb 'm zien liggen met die poot, en toen dacht ik ai, ai, ai. Nou dat weer. Dat zag ik helemaal niet meer zitten. Ik dacht, het gaat toch niet gebeuren dat die man nog een keer terugkomt? Museeuw zei vroeger altijd: `ik rij tot m'n 32ste jaar en geen dag langer'. En nou komt ie verdomme na al die ongelukken nog terug!'' Museeuw is nu 35. ,,Wat dat is? Geen afscheid willen nemen, houden van de sport. Er bezeten van zijn.''

Boogerd (28) wil niet lang fietsen. Post: ,,Daar geloof ik niks van. Die houdt van die fiets. Over vijf jaar rijdt ie nog. En hij heeft nog gelijk ook.''

Een zakelijke tegenslag beleefde Post in 1973, ruim een jaar nadat hij als gevolg van een val in de Zesdaagse van Rotterdam zijn glansrijke carrière (490 overwinningen sinds 1952) had moesen beëindigen. Zijn goed draaiende bowling annex kippenrestaurant in Amstelveen ging in vlammen op, nadat kortsluiting was ontstaan in een grill met zestig kippen. Tot die 29ste april in '73 was Bowling Peter Post een favoriete bestemming van velen, waaronder voetbalclubs. Post herinnert zich hoe de ploegen van Feyenoord en DWS onder zijn dak voorbesprekingen hielden. Op zondagavond kon je er Cruijff aantreffen.

,,Ik had een portier bij de deur, zo druk was het. Als er in het weekend twee naar buiten gingen, kwamen er weer drie in.'' Financieel was die brand een strop voor Post. ,,Al m'n geld zat erin. Als die bowling niet was afgefikt had ik er waarschijnlijk nog gezeten. Zou ik ook geen ploegleider zijn geworden.''

Een paar maanden na de brand werd Post de architect van een nieuwe wielerploeg, TI Raleigh, een team dat eigenlijk in een museum thuishoort. In 1961 was hij als eens gelegenheidsploegleider geweest, bij Hoover in Olympia's Tour voor amateurs. Met succes: een van zijn mannen, Mik Snijder, zegevierde en Hoover won ook het ploegenklassement.

De lijst van renners die vanaf het seizoen 1974 in het zwart-rood-gele tricot van TI Raleigh rondreden, is indrukwekkend. Raas, Kuiper, Zoetemelk, Knetemann, Lubberding, Pronk, Oosterbosch, Leo van Vliet, Van der Velde, Priem, Tabak, Schuiten, Van den Hoek en Karstens. Met als kroon op het totaalwielrennen-concept van Post: de Tourzege in 1980 van Zoetemelk. En wat was Kuiper daar in '77 dicht bij geweest. Verschil met Thevenet: 48 seconden. ,,Met wat meer initiatief had ie makkelijk kunnen winnen'', zegt Post nu.

Erik Dekker liet zich na de zege van Knaven in Parijs-Roubaix ontvallen dat dit, en daartoe rekende hij ook zichzelf, misschien wel de sterkste generatie Nederlandse renners sinds TI Raleigh is. Maar wat Post betreft, gaat Dekker daarmee te makkelijk voorbij aan de kwaliteiten van een andere generatie, met mannen als Adrie van der Poel, Gert-Jan Theunisse, Steven Rooks, Erik Breukink, Jean-Paul van Poppel en Frans Maassen. ,,Dat waren toch geweldige wielrenners. In de breedte hebben we zulke renners nu niet. Aan de andere kant is het zo dat we vergeleken bij landen als Italië, Spanje en Frankrijk verhoudingsgewijs veel goeie renners hebben. Deze maand winnen we bijna drie klassiekers! Oké, twee daarvan verliezen we met een banddikte verschil.''

Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc maakt in de ogen van Post een blunder door in de Tour met tien Franse (van de in totaal twintig) ploegen te starten, in een periode waarin het Franse wielrenner op een dieptepunt verkeert. ,,Echt belachelijk. Het is niet goed voor het wielrennen dat ploegen met goede renners straks thuis moeten blijven.'' Post over Franse coureurs, met uitzondering van Charly Mottet: ,,Niks mee te doen. Geen mentaliteit.''

Als Post wordt gevraagd een Tourploeg mag samenstellen, komt hij na lang nadenken tot namen als Ullrich, Zabel, Boogerd en Dekker. Amerikanen ontbreken. ,,Ik denk dat je als ploegleider invloed hebt op een renner als Ullrich. Niet op Armstrong. Die bepaalt alles zelf. Amerikanen passen niet in de cultuur van de wielersport. Met dat onbehouwen gedrag. En ze nemen altijd hun familie mee.''

Ook voor Fransen is geen plaats in de Tourploeg van Post. ,,Echt niet.''

Over de Tour als wedstrijd zul je van Post geen kwaad woord horen, maar als het over Frankrijk gaat, schaart hij zich met plezier achter de recente kritiek van minister Jorritsma op dat land. ,,Het is mijn cultuur niet, ik kom er niet graag. Ze passen zich niet aan, bij hen is toch alles het beste.''

Wie morgen Luik-Bastenaken-Luik wint? Post, gekscherend: ,,Frank Vandenbroucke!'' De Belg die twee jaar geleden de klassieker op zijn naam schreef, reed pas deze maand z'n eerste koers. Post verwacht veel van de ploeg van Giancarlo Ferretti, Fassa Bortolo. Hij ziet uit naar de Waalse klassieker. ,,De finale, die laatste vijftien kilometer. Prachtig!''

    • Jaap Bloembergen
    • Ward op den Brouw