`Soms kijk ik dagen niet naar de koers'

Uitgever VNU neemt binnenkort afscheid van de Libelle en de Margriet, de wortels van het het bedrijf. Maar de nieuwe voorzitter Rob van den Bergh, die vorig jaar Joep Brentjens opvolgde, moet eerst nog een koper vinden. ,,We hebben het economisch klimaat niet mee.''

Rob van den Bergh heeft zijn eerste jaar als bestuursvoorzitter van VNU er bijna opzitten. ,,Het is wel even wennen. Je moet wat meer eelt op je ziel krijgen, zei mijn voorganger. Nou, dat eelt zit er nog niet. Tegenwind voor je bedrijf wordt breed uitgemeten in de media. Dat publicitaire gedeelte bevalt mij niet echt.''

De 51-jarige Van den Bergh, jurist van oorsprong, werkt op de achtste etage van VNU's hoofdkantoor in Haarlem. Met uitzicht op de nieuwbouw van Schalkwijk. Een derde van zijn tijd is hij op reis in het buitenland en moeten zijn drie jonge kinderen (tussen acht en twaalf jaar) het zonder hun vader stellen. ,,Maar in het weekeinde werk ik niet. Pas op zondagavond weer een beetje.''

De tegenwind waait vooral op de beurs, waar VNU inmiddels een kwart van zijn waarde heeft verloren sinds december 2000. In die maand maakte VNU de overname bekend van ACNielsen, een Amerikaans marktonderzoeksbureau, voor zo'n 6 miljard gulden. Een emissie (500 miljoen euro) en de verkoop van de tijdschriftentak en de educatieve uitgeverij moesten genoeg opbrengen om de transactie te financieren. Het is alsof beleggers, die nooit overlopen van enthousiasme bij emissie-aankondigingen, ook twijfelen over de hoogte van de opbrengst van de aangekondigde verkoop van de tijdschriftengroep met titels als Libelle en Margriet. De koersval heeft VNU er inmiddels toe gedwongen af te zien van de voorgenomen aandelenemissie en te kiezen voor een lening.

Zoals ondernemers vaker doen wanneer het minder gaat met de koers, wijst ook Van den Bergh op de ongrijpbaarheid van de markt. ,,We zorgen voor een goed en regelmatig contact met beleggers en analisten. Meer kunnen we niet doen. Het aandeel is belangrijk, ook als betaalmiddel voor acquisities, maar de koers is niet het enige dat van belang is voor een onderneming. Het gaat ook om de prestaties van het bedrijf. Soms kijk ik dagen niet naar de koers. Wel als ik naar de droppot loop op de gang. Dan kijk ik even naar het scherm.''

Pijnlijk is dat de verkoop van de publiekstijdschriften, ooit de belangrijkste pijler van de uitgever, eigenlijk op een slecht moment komt. De economische groei in Europa neemt af en bladenmakers zien daardoor hun advertentieinkomsten teruglopen. Onhandig voor VNU dat op een maximale verkoopprijs niet meer hoeft te rekenen. Analisten hadden aanvankelijk ingeschat dat de deal zo'n 3,5 à 4 miljard gulden zou kunnen opleveren. ,,Het economische klimaat helpt ons niet'', erkent Van den Bergh. Zelfs de uitgesproken wens om de divisie als geheel te verkopen is wellicht niet te vervullen. ,,De timing van de veiling werkt niet in ons voordeel, maar we hebben veel vertrouwen in een goede afloop. Ik kan niet uitsluiten dat we de tijdschriftendivisie in onderdelen verkopen, maar dat is niet ons streven.''

Van den Bergh, die zijn carrière in 1980 bij VNU begon als uitgever van weekblad Intermediair, was ooit zelf twee jaar de directievoorzitter van de bladengroep. ,,De tijdschiften zijn de wortels van dit bedrijf. Als we heel groot willen worden, moeten we ons beperken tot marketing- en businessinformatie en de Gouden Gidsen. Kijk maar naar alle grote AEX-fondsen: ze richten zich op een beperkt aantal dingen. En de bedrijven die begin jaren negentig geen harde keuzes hebben durven maken, staan er nu ook duidelijk minder goed voor.''

Ook het argument dat de tijdschriften een stabiele kasstroom leveren en juist daardoor aantrekkelijk blijven, vindt Van den Bergh niet overtuigend. ,,Je kan niet één groep alleen maar houden om de cash.'' Bovendien heeft VNU de opbrengst nodig, erkent hij. ,,Je kan ook niet te veel aandelen uitgeven. Het beursklimaat staat dat niet toe.''

De kritiek dat VNU met de verkoop van de Libelle het `Nederlandse cultureel erfgoed' gaat verkwanselen aan een grote buitenlandse uitgever, ontlokt bij Van den Bergh enig cynisme: ,,Eindelijk werden onze bladen gewaardeerd.''

Met de verkoop van de publiekstijdschiften rondt VNU de transformatie af van een traditionele uitgever tot een media- en informatieconcern. ,,Er zat niet echt een masterplan achter. Daarmee zou ik ons te veel eer doen toekomen.'' De herstructurering begon in 1993 met de verkoop van de drukkerijen. Vervolgens werden ook de belangen in televisie (de RTL-zenders, in 1998), de kranten (in 2000) en de tijdschiften (dit jaar) verkocht. Daarvoor in de plaats kwamen drie miljardenovernames: de Gouden Gids voor ruim 4 miljard gulden en de zusterbedrijven Nielsen Media (meet kijkcijfers in de VS), en ACNielsen (meet afzet van consumentenproducten). De twee Nielsens kostten ieder zo'n 6 miljard gulden. De basis voor dat drietal werd gelegd door Van den Bergh die als bestuurslid in 1994 en 1995 twee jaar in de Verenigde Staten woonde en daar de markt verkende.

Een Amerikaans salaris heeft hij daar niet aan overgehouden – Van den Bergh ontving vorig jaar 850.000 gulden aan salaris (exclusief bonus en opties). Zijn Amerikaanse collega in de raad van bestuur verdiende het dubbele. ,,Ik klaag nergens over, maar Amerikaanse beleggers begrijpen daar niets van'', zegt Van den Bergh. ,,Die willen juist een grotere financiële betrokkenheid van de top. We verwachten in Nederland geen Amerikaanse toestanden, waarbij bestuurders tientallen miljoenen mee naar huis nemen, maar de beloningen zullen wel naar elkaar toegroeien. Ook wij zullen ons geleidelijk moeten aanpassen.''

    • Philip de Wit
    • Remmelt Otten