Hier heeft gewoond

Achter en naast het poortje tussen Klein en Groot Lombardje in Den Bosch staan twee oude huisjes – niet meer dan een paar vierkante meter met vliering – die begin jaren tachtig zijn gerestaureerd en samengevoegd tot één woning. Voorheen werden ze apart bewoond. De meest markante Bosschenaar die hier zijn bivak had opgeslagen, was ongetwijfeld Janus Borghs, bijgenaamd de Veurste.

Iedereen kende Janus, want hij was een in het oog lopende straatfiguur, die voorop ging bij carnavalsoptochten en processies. Geliefd, maar ook wel gevreesd, omdat hij onschuldige, meest vrouwelijke passanten de stuipen op het lijf kon jagen door dreigend zijn stok te heffen. Geruime tijd kwam hij aan de kost als bloemenverkoper, maar hij moest die nering stoppen door gebrek aan klandizie. ,,De bloemenstalletjes bij benzinestations hebben mijn handel kapotgemaakt'', gaf hij eens als verklaring.

Borghs had een bijzondere verering voor Maria en koningsgezind was hij ook. Op hoogtijdagen van Oranje droeg hij een sjerp en oranje rozet met in de oorlogsjaren een subtiele variant: de eerste letters van Juliana en Bernhard, die toevallig zijn eigen initialen waren.

Na de oorlog deed Borghs nog een gooi naar het raadslidmaatschap, maar dat liep op een mislukking uit. Zo miste Den Bosch zijn eigen Hadjememaar, wat volgens Janus de schuld was van frauduleuze ambtenaren, die een aantal op hem uitgebrachte stemmen hadden verdonkeremaand. Om die reden heeft hij ook nooit meer een stemlokaal bezocht.

Op carnavalsmaandag 1978 zakte Janus, uitbundig feestend, op straat in elkaar en vanaf dat moment bleef hij met rugklachten lopen. Op 5 oktober 1981, een dag voor hij 67 zou worden, vond men hem dood in zijn huisje, dat was behangen met kruisbeelden en schilderijen van religieuze aard.

De gedenksteen in het poortje – nu eens niet voor een prominente, maar volkse figuur – verwijst onder meer naar zijn bloemenhandel, zijn trouwe metgezel Tippie en zijn scheefgetrokken oog. De letters J.V.S aan het slot zijn van Jan van Sleeuwen, voormalig docent aan het St. Janslyceum in Den Bosch, die de tekst heeft bedacht.

Paul Kriele. `Stadsgezichten', 1988.