Help, de lezer verzuipt

Karel Glastra van Loon, de winnaar van de Generale Bank Prijs 1999, is een man met een missie. Nog voordat hippe auteurs in Amerika en Engeland zich in het openbaar begonnen af te zetten tegen het relativisme van de jaren negentig, riep hij zichzelf uit tot ,,een schrijver die zich keert tegen de ironie en het cynisme'. In een interview met deze krant bestempelde hij de ironie als een maniertje (,,op een grappige manier niks zeggen') en onderstreepte hij de moraal van zijn succesroman De passievrucht. In een maatschappij waarin de wetenschap – en vooral de gentechnologie – de liefde banaal maakt, ging de hoofdpersoon uit zijn romandebuut op zoek naar de essentie van de liefde. Want als de tijdgeest de romantiek en het engagement schuwt, is hartstocht de enige remedie.

Ook in Glastra van Loons tweede roman, Lisa's adem, draait het om de liefde; op een conventionelere manier dan in zijn voorganger. Zoals de onvruchtbare Armin Minderhout in De passievrucht op zoek ging naar de biologische vader van zijn kind (en dus de minnaar van zijn overleden vrouw), zo zoekt een jongen met de bijnaam Talm in Lisa's adem naar de geheimen die zijn grote liefde voor hem verborgen hield. Lisa is plotseling verdwenen, tijdens een vakantie met haar ouders, en als Talm detectivegewijs alle mensen afgaat die een rol in Lisa's leven hebben gespeeld komt hij erachter hoe verknipt zijn geliefde moet zijn geweest.

Vertelperspectieven

Drie hoofdpersonen telt Lisa's adem, dat daardoor niet bepaald verlegen zit om vertelperspectieven. Behalve met Talm maakt de lezer kennis met Lisa's moeder Sophie, een slachtoffer van de seksuele revolutie dat een geschiedenis van ongelukkige relaties met zich meedraagt; en met Lisa's stiefvader Sebastiaan, die na Lisa's verdwijning `de ketenen' van het burgerdom aflegt en als gentleman-zwerver de straten van Amsterdam afschuimt. Om met `Sir Sebastiaan' in contact te komen daalt Talm zelf ook af in de onderbuik van Amsterdam, zij het met een lifeline van een tas met geld die zich in een kluis op het station bevindt. Geen wonder dat Talm te horen krijgt dat hij alleen maar doet alsof hij een zwerver is: `Je hebt gekeken maar niet gezien, je hebt geluisterd maar niet gehoord,' zegt Sebastiaan tegen hem. `Leven op straat is geen leven. Het is overleven, en dat is iets heel anders.'

Op Sebastiaan zal Talm uiteindelijk wraak nemen – en zo verwordt het mysterie in Lisa's adem tot een murder mystery. Maar net als bij de vaak door Sebastiaan geciteerde Hamlet, de grootste talmer uit de wereldliteratuur, leidt handelend optreden alleen maar tot meer ellende. De lezer had gewaarschuwd moeten zijn door het overigens wezenloze motto dat Glastra aan zijn roman heeft meegegeven: `Schuldgevoel is een hoogst destructieve notie.' Zeker, en een ongeluk zit in een klein hoekje. Van de schrijver die ons de verrassende plot van De passievrucht gaf, mochten we iets beters verwachten.

Lisa's adem is niet alleen een etalage van interessant klinkende oneliners (`een kind dat niet gewenst is, wordt geboren met een gat in zijn hart', `liefde is een tragisch misverstand'), maar ook een catalogus van modieuze thema's: incest, pedofilie, ongewenste intimiteiten, verzet tegen de consumptiemaatschappij, ontluistering van de erfenis van de jaren zestig. Dat zou niets hoeven uitmaken — per slot van rekening put Michel Houellebecq in Elementaire deeltjes uit dezelfde bronnen — als Glastra het allemaal goed had opgeschreven en geïntegreerd. Maar de grote woorden en dito emoties waarmee de personages worden opgescheept, grijpen de lezer niet aan, terwijl de taal (met wurgende verlangens, tergend langzame tongen en personages die `zichzelf in een roes van alcohol verliezen') maar al te vaak een sleetse indruk maakt.

Het is altijd oneerlijk om citaten uit hun verband te rukken — clichés op de juiste plaats kunnen heel effectief zijn, zoals Gerard Reve een leven lang heeft bewezen. Maar Glastra nodigt ertoe uit, al was het alleen maar doordat hij de quasi-diepe uitingen van zijn personages meer dan eens een ereplaatsje aan het eind van een hoofdstuk of een door witregels gescheiden alinea gunt. Zo staat er bij wijze van scharnier tussen twee impressies van het liefdesleven van Talm en Lisa de volgende zin, die zelfs voor analfabeten een déjà vu zal zijn: `Misschien, denkt hij, is dat het geheim van de liefde: als je denkt haar te hebben gevonden, ontglipt ze je; als je denkt haar te hebben verloren, vind je haar.'

Gekunsteld

En dan, het is zoveel erger. Kenmerkte De passievrucht zich door een stijl die je kunt omschrijven als prettig rechttoe-rechtaan, Lisa's adem maakt in de eerste plaats een gekunstelde indruk. Niet alleen door het slecht gedoseerde artistieke gebruik van de voltooid tegenwoordige tijd (`Ze is gekomen. Hij heeft gekeken'), maar ook door Glastra's voorliefde voor herhaling. Opvallend vaak beginnen opeenvolgende zinnen of alinea's met dezelfde woorden; heel poëtisch — talloze redenaars zijn er groot mee geworden — maar niet als de lezer in de overvloed verzuipt. Het is dat Glastra af en toe verrast met een mooie zin of een goedgekozen metafoor, want anders zou je Lisa's adem zonder pardon afdoen als een doktersroman. De hartstocht die volgens Glastra tegenwicht moet bieden aan het alledaags cynisme, is verworden tot holle passie.

Een tweede roman schrijven is altijd moeilijk – zeker als de voorgaande een succes is geworden. P.F.Thomése, Pauline Slot en Abdelkader Benali kunnen erover meepraten – en die verkochten geen tweehonderdduizend exemplaren van hun eersteling. Wie Lisa's adem leest, gaat bijna denken dat Karel Glastra van Loon de uitdaging bij voorbaat niet wilde aangaan. Het liefst, zo luidt de in dit boek verborgen boodschap, had hij die tweede roman gewoon overgeslagen; maar aangezien hij er niet onderuit kon, moest het maar een tussendoortje worden. De belofte zou hij altijd nog bij een derde poging kunnen inlossen.

Karel Glastra van Loon: Lisa's adem. L.J. Veen, 240 blz. ƒ34,90

    • Pieter Steinz