De `Muur van Schande' verdeelt Québec

Meer dan twintigduizend demonstranten maken zich in het Canadese Québec op om de top van Amerikaanse regeringsleiders te ontwrichten. Een soort Berlijnse Muur moet hen tegenhouden.

De Muur is terug. Voor even. Ruim elf jaar na de teloorgang van de Berlijnse barrière is er nu een tijdelijke, Canadese versie. Niet om mensen binnen te houden, maar buiten. Buiten de selecte club van de Summit of the Americas, een topontmoeting van 34 staatshoofden en regeringsleiders uit Noord-, Midden- en Zuid-Amerika en het Caraïbisch gebied, dit weekeinde in het Frans-Canadese Québec-Stad. Inzet is de vorming van een reusachtige vrijhandelszone die de Amerika's moet omvatten.

De Canadese muur is eigenlijk half muur, half hek. De bijna vier kilometer lange omheining bestaat uit een betonnen basis van een meter hoog en een hek van nog eens twee. Samen met een oude stadsmuur en een steile rotsoever grendelt de barrière sinds gisteren tien vierkante kilometer van het centrum van Québec hermetisch af voor gewone stervelingen. Binnen de zone moeten 3.000 congresgangers ongestoord kunnen delibereren, eten, drinken en logeren in de tophotels van de stad.

Evenals de Berlijnse Muur is het bouwsel, sinds meer dan twee weken in aanbouw, al beklad met graffiti: ,,Non à l'exploitation'', staat erop, en ,,People before profits''. En ,,Viva Cuba'', het enige land in de regio dat niet voor de top is uitgenodigd.

De barrière, door tegenstanders de `Muur van Schande' genoemd, is de meest omstreden van de draconische veiligheidsmaatregelen die de Canadese autoriteiten hebben getroffen voor de top. Meer dan zesduizend politieagenten zijn in Québec verzameld – veiligheidsdiensten van buitenlandse presidenten, onder wie George W. Bush, niet meegeteld. Voor het geval dat ontoereikend blijkt, staat ook het leger klaar. Een gevangenis nabij Québec is leeggehaald om mogelijk horden arrestanten te dumpen. Straatkeien van de achttiende-eeuwse stadskern zijn verwijderd, zodat er niet mee gegooid kan worden. Deksels van de riolering zijn dichtgelast. Niets is aan het toeval overgelaten.

Doel van de barricadering van oud-Québec, aangemerkt als een monument op de wereld erfgoedlijst van de UNESCO, is herhaling van de `Battle of Seattle' te voorkomen. In die stad, aan de westkust van de VS, slaagden anti-globaliseringsactivisten er eind 1999 tot veler verrassing in een vergadering van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) volkomen te ontwrichten door middel van burgerlijke ongehoorzaamheid en hevige rellen. Er werd voor miljoenen dollars aan schade aangericht. Sindsdien komen op dergelijke ontmoetingen duizenden demonstranten af om te betogen tegen het oprukken van multinationale ondernemingen, dat volgens hen leidt tot uitbuiting van armen in ontwikkelingslanden en tot milieuvervuiling. Ook in Washington en Praag kwam het in dat kader tot ongeregeldheden.

Maar niet alleen de anti-globaliseringsbeweging is volwassen geworden door Seattle. Ook organisatoren van topontmoetingen hebben van het fiasco geleerd. ,,Met het oog op Seattle kunnen we geen enkel risico nemen'', verdedigde de Canadese premier Jean Chrétien de fortificatie van Québec. Een Canadese rechter bepaalde deze week in een kort geding, aangespannen tegen de overheid in naam van burgerlijke vrijheden, dat de muur mocht blijven. De omheining druiste wel in tegen de grondwettelijke rechten van Canadezen, oordeelde hij, maar was niettemin een redelijke maatregel.

Critici beschouwen de omheining echter als een provocatie. De muur om de congreszone, ervaren als een tastbaar symbool van uitsluiting, is een onvermijdelijk doelwit van verzet en burgerlijke ongehoorzaamheid voor de anti-globaliseringsactivisten. Dezer dagen worden er 20.000 tot 30.000 in Québec verwacht. Morgen staat een grote protestmars op het programma. ,,Wanneer je mensen en hun rechten onderdrukt, moet je niet raar staan te kijken als ze terugduwen'', aldus Carol Phillips van Common Frontiers, een coalitie van protestgroepen die vreedzame acties voorstaat.

Toch lijken alleen de meest militante demonstranten hoop te koesteren dat de barrière kan worden neergehaald. Anderen zullen proberen erover heen te klimmen met behulp van ladders of stelten, er golfballen en andere projectielen overheen te werpen of zelfs er en masse tegenaan te plassen.

Bij het plaatsen van de sluitstukken bij doorgangspunten van de muur heerste gistermiddag dan ook een geladen drukte. Bij de oude Porte Saint-Jean had zich een merkwaardige menigte verzameld van politieagenten, bouwvakkers, alternatief geklede jongeren en cameralieden. Tegen de achtergrond van ronkende helikopters en loeiende demonstranten werd de binnen- en buitenkant gescheiden. Aan de buitenkant klonken ondertussen hamers, zagen en boren, want de meeste winkels in de bedrijvige Rue Saint-Jean en omgeving hebben hun ramen alvast laten dichttimmeren. Zij blijven dit weekeinde dicht. McDonald's heeft zelfs zijn logo verwijderd.

Zo wacht Québec nerveus op mogelijk het zwaarste geweld sinds 1759, toen de Britten er de Fransen versloegen. Burgemeester Jean-Paul L'Allier, die de stad in 1998, dus ruim vóór Seattle, beschikbaar stelde voor de top, heeft inmiddels spijt. ,,De volgende keer dat de leiders een gesloten ontmoeting willen houden, moeten ze dat maar in de woestijn doen'', vindt hij.