Regeren over het graf

De comissie Moltmaker ontwierp als onderdeel van een nieuw successierecht een fiscaalvriendelijke familiestichting. Wie wil er straks zo'n eigen `trust'?

KKLEINERE GEZINNEN en grotere nalatenschappen doen successierekeningen tegenwoordig vaker oplopen tot recordhoogten. Per erfgenaam wordt immers gemiddeld een groter bedrag vererfd. Wie anno 2001 meer dan 1,7 miljoen gulden krijgt, valt in het hoogste successietarief. Voor kinderen is dat nu nog 27 procent, voor broers en zussen 53 procent, terwijl vreemden, zoals vrienden of neven en nichten,

maximaal 68 procent belasting afdragen.

Successieplanning biedt soms verlichting. Je bestemt je nalatenschap dan zó dat de fiscus minimaal vat heeft op de overdracht. Meervoudige miljonairs lachen echter om die trucs. Veel voordeliger kun je je geld domweg laten emigreren naar een fiscaalvriendelijker plek, zoals een buitenlandse trust of de Nederlands-Antilliaanse Stichting Particulier Fonds. Desnoods verkassen de rijken ook zelf naar fiscaal gastvrijere naties als België, Zwitserland of Andorra.

Om kapitaalvlucht in te dammen, ontwierp de commissie-Moltmaker vorig voorjaar, als onderdeel van een Successiewetsvoorstel, een fiscaalvriendelijke familiestichting. Zo'n `doelvermogen' is een soort trust waarin je je vermogen maximaal 60 jaar mag laten schuilen. Over geld dat er in gaat, betaalt de stichting 10 procent belasting en over het vermogen zelf vermogensrendementsheffing. Bij uitkering doet de fiscus alsof de oprichter zelf geld schenkt of nalaat. Zo kun je successievoordelen behalen, bijvoorbeeld door uitbetalingen aan (klein)kinderen te spreiden over meer jaren of door hele generaties over te slaan. Ook kun je versnippering of verspilling van familievermogen tegengaan of geld bestemmen voor noodgevallen, zoals de verzorging van een (geestelijk) gehandicapt of drugsverslaafd kind. Fiscaal ben je dan veel gunstiger uit dan met een gewone stichting.

Is de familiestichting het fiscale wonder waarop vermogenden al jaren wachten? De meningen blijken verdeeld.

Louter positief over de familiestichting is prof.dr. Hans Stubbé. Deze bijzonder hoogleraar belastingrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam was lid van de commissie-Moltmaker en is vennoot van het Haagse FBN Belastingadviseurs en Estate Planners. Stubbé hoopt dat de familiestichting straks de goedkeuring krijgt van het parlement. ,,Het is een welkom extra instrument voor estate planning'', zegt hij. ,,Tegen betaling van slechts 10 procent mag je de overgang van vermogen in stukken knippen en spreiden in de tijd. Zo verdien je die 10 procent snel terug. Dat geldt extra voor verkrijgingen door vrienden, neven en nichten, want daarvoor gelden de hoogste tarieven. En als je 60 jaar helemaal niets uitkeert, bespaar je zelfs twee of drie generaties elk tarief.''

Het mooie van de familiestichting, vindt Stubbé, is dat je qua uitkeringen alles kunt bepalen wat je wilt. ,,Je kunt het bestuur bijvoorbeeld opdragen geld aan te wenden voor een geestelijk gehandicapt kind voorzover dat nodig is. Je voorkomt dan dat vermogen bij dat kind later weer duur moet overerven naar broers en zussen. En intussen is het geld goed beheerd.'' De familiestichting kan ook uitkomst bieden voor ouderen. ,,Als je kinderen al boven de zestig zijn en niet zitten te wachten op extra vermogen, dan kun je via een familiestichting eenvoudig generaties overslaan.''

Stubbé denkt dat ook zeer rijken hun heil zullen zoeken in de familiestichting. ,,Het is goedkoop en comfortabel als je je stichtingsbestuurders dicht bij huis kunt laten vergaderen in plaats van op de Kaaiman-eilanden. En richt je de stichting al op tijdens je leven, dan kun je zelf vast in het bestuur gaan zitten en zorgen dat alles goed loopt. Zo zie je je persoonlijke wensen helemaal vervuld.''

Minder positief over de familiestichting oordeelt prof.mr. M.J.A. van Mourik, notaris te Nijmegen en hoogleraar erfrecht aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. ,,Ik wil waarschuwen voor euforie'', ontnuchtert hij. ,,De familiestichting heeft merkwaardige kanten, en je kunt vrijwel altijd zonder.'' Van Mourik betwijfelt of de familiestichting kapitaalvlucht gaat voorkomen. ,,Mensen met 150 of 200 miljoen gulden zijn straks nog steeds voordeliger af in het buitenland, terwijl mensen met 10 miljoen gulden die 10 procent veel geld vinden.'' Volgens de Nijmeegse notaris wordt de familiestichting vooral een instrument om over je graf te regeren. ,,Daaraan heb ik principieel een grote hekel. De erflater hoopt dat zijn nazaten nog lang denken `goh, die lieve nobele oom van ons'. Dat irreële streven naar eeuwigheid werkt niet. Ook bij mij thuis op zolder liggen nog vijf portretten van voorouders te verstoffen. Niemand wil ze hebben.''

Geld goed beheerd en fiscaal gunstig in de familie houden, kan volgens Van Mourik ook nu al. Zo kun je via een fideï commis regelen dat een kind erft, maar dat het geld bij overlijden van dat kind weer teruggaat naar de oorspronkelijke erfenis. Een gehandicapt kind heeft volgens Van Mourik geen behoefte aan een familiestichting, maar aan een goede bewindvoerder. En versnippering van familievermogen bereikt Van Mourik nu door certificering. ,,Je stopt een schilderijencollectie of een aandelenpakket van 30 miljoen gulden in een stichting, terwijl je het economisch eigendom in de vorm van verhandelbare certificaten laat vererven.'' Ik-opa- en turbotestamenten blijven volgens Van Mourik een voordelig alternatief voor de familiestichting. En voor families die een landgoed intact willen houden, wijst hij op de NSW-landgoed BV. Van Mourik: ,,Stel je het landgoed grotendeels open voor publiek, dan betaal je helemaal geen successierecht.''

Van Mourik voorziet ook regelrechte problemen. ,,De familiestichting doorkruist de legitieme portie van kinderen. Ook vrees ik dat allerlei banken zich gaan opwerpen als vermogensbeheerder om een slaatje uit familiestichtingen te slaan. Trouwens, als een vader zijn kinderen 10 miljoen gulden nalaat via een zware stichting, dan krijg je toch één grote ruzie? Kinderen betalen liever een paar centen belasting, waarna ze vrij over het geld mogen beschikken.''

    • Erica Verdegaal