KRANT & LEZER (3 / 7)

De 61-jarige Kees Haak is als lezersredacteur pas enkele weken in dienst van het Rotterdams Dagblad (oplage circa 101.000). Hij kan nog niet zoveel kwijt over zijn functie, die hij twee dagen in de week uitoefent. Het moet nog wat gaan leven voor de abonnees.

Zijn eerste observaties leren dat de lezer van het Rotterdams Dagblad zich ergert aan slordigheden, spelfouten en aan het gebruik van Engelse woorden waarvoor normale Nederlandse woorden bestaan. Natuurlijk kan de lezer, als hij niet meteen de Nederlandse vertaling van assessment paraat heeft, zijn woordenboek raadplegen. ,,Maar de Rotterdammer wil gewoon in Hollandse taal lezen wat ermee wordt bedoeld. Hij zegt: daar heb ik mijn krant voor.''

De afgelopen 18 jaar was Haak docent journalistieke technieken en vaardigheden aan de Academie voor Journalistiek in Tilburg. Daarvoor werkte hij als journalist bij Het Vrije Volk, de Haagsche Courant en het Economisch Dagblad.

In zijn docententijd verdiepte hij zich al in het fenomeen `ombudsman' en had hij contact met de Organization of News Ombudsmen in Amerika. Zijn onafhankelijkheid is vastgelegd in een door de hoofdredactie en redactieraad goedgekeurd statuut.

Haak is zeer te spreken over zijn eerste contacten met de Rotterdamse lezers. ,,Het voelt een beetje als thuiskomen. De directheid van de Rotterdammers spreekt me aan. Ik kreeg iemand aan de lijn die klaagde over een vertaald artikel waarin geen enkele spatie stond. Hij zei: Wat zijn jullie aan het `janjurken' zeg. Leuke uitdrukking! Ik heb dat uitgezocht en die man verteld hoe dat is gekomen. Zonder het overigens goed te praten bleek dat door een onnauwkeurigheid in het computerprogramma te komen.''

De lezersredacteur wil ook uitleg gaan geven over de dagelijkse krantenpraktijk. In het krantenartikel waarin Haak bij zijn krant werd geïntroduceerd zei hij dat ,,de burger mondiger is geworden en het verdient om serieuzer genomen te worden''. Die taak wil hij op zich nemen.