Goedgunstig geportioneerd

Een dolende rugzak in het oostelijke deel van de Amsterdamse binnenstad is meestal op zoek naar de goedkope slaapaccommodatie van het jongerencentrum Arena. Tevergeefs sinds enige tijd, want Arena transformeert zich tot een middenklasse hotel. Voor de rugzaktoeristen is het een verlies, maar voor de gemiddelde bezoeker kan Amsterdam best wat uitbreiding gebruiken van het aanbod aan redelijk geprijsde kamers. Met de inzet van een beschilderde tram, straatreclame en een internetsite onder het motto `Under construction, at your service' afficheert Arena zich als een aantrekkelijk hotel. De foto's van het interieur zien er veelbelovend uit. De ruimtes kenmerken zich door een esthetische soberheid en zijn ingetogen gemeubileerd met designklassiekers uit de jaren zestig, waaraan namen als Eames, Visser en Gispen zijn verbonden.

Het hotel Arena zit in een voormalig weeshuis, het Sint Elizabeth Gesticht, gebouwd in 1890. Het complex herbergt nu drie functies, naast het hotel en café-restaurant Alfresco is in de voormalige, uitbundig gedecoreerde kapel Club Arena gehuisvest. In het weekend treden er dj's op en, laat schutspatroon Elisabeth het niet horen, fungeert de kapel als danceclub of salsalounge.

De typisch rooms-katholieke instituutsarchitectuur is nog goed te ervaren, al is het gebouw door de jaren heen op sommige plaatsen ook behoorlijk verminkt. De monumentale gangen en de majestueuze trappenhuizen met grote granieten, fraai bewerkte trappen zijn indrukwekkend. Onze kamer valt daarbij ondanks de type-aanduiding `double room large' een beetje in het niet. Het is een gestapelde suite. Beneden is er behalve een zeer eenvoudige douchecel met wastafel en een aparte wc, een kleine zitruimte met twee stoelen, een tafeltje en een tv. Het vooroordeel dat je in een designstoel niet een avond lekker achterover naar de televisie kunt kijken, wordt ook in dit geval bevestigd. Een trapje voert naar de entresol waar twee royale bedden krap bemeten staan.

Voert in het hotel het moderne, koele minimalisme de boventoon, café-restaurant Alfresco is nog uitbundig bruin. De ambiance is lawaaierig en rommelig, maar geanimeerd. De sfeer heeft meer iets van een studentensociëteit annex eetcafé dan van een hotelrestaurant. Vermoedelijk niet helemaal waar toeristen voor naar Amsterdam komen, maar ze voegen zich toch moeiteloos in het geheel. Het publiek is breed van samenstelling. Laat-in-de-twintigers hebben de overhand, verder zijn er wat yuppige en wat artistiek ogende buurtbewoners en toeristen van alle leeftijden en allerlei slag. We zien in onze onmiddellijke omgeving twee heftig bierhijsende Zuid-Europese jonge vrouwen, doorgewinterde Nederlandse echtparen, een groep vakantievierende middelbare vrouwen die we als Oost-Europees inschatten, een Zweedse handelsreiziger met een sombere Bergmanfilm-blik en een SBS6-echtpaar in lichtgevend trainingspak.

In een deel van de ruimte zijn de tafeltjes met wit linnen en servetten gedekt. Op de kaart staan gerechten uit onder meer de Italiaanse, Franse, Engelse, Peruviaanse en Caraïbische keuken. Van Provençaalse gegrilde vis tot op suikerriet gegrilde garnalen, van trifle tot een `sorbet' van ijs, vruchten, siroop en 7up. De keuken heeft in elk geval een eigen stijl. Zo'n eigen stijl, dat de gasten aan verschillende tafels om ons heen bij het serveren van de gerechten zich afvragen of dat nu is wat ze hebben besteld. Soms moet de kok eraan te pas komen om ze te overtuigen. De stijl van koken is creatief rustiek. De gerechten zijn niet zeer verfijnd, maar `back to basics' met enige originaliteit, goedgunstig geportioneerd en veelal geserveerd in grote, witte ovenschalen. Het meest opvallend is de royale en gevarieerde aanwezigheid van zeer grof gesneden, in de oven geroosterde groenten. Dat is met enig vernuft gedaan, want alle groenten zijn precies beetgaar, terwijl de bereidingstijd toch moet verschillen. De eetervaringen zijn gemengd. De ceviche, een gerecht uit Peru van in citroensap gemarineerde vis, bekoort helemaal niet. De frieten en de trifle zijn uitstekend. De rest – aardappel-rucolasoep, zeewolf, pepertournedos en vruchtensoep – kan er best mee door. Al is er bij elk gerecht wel een kritische noot te plaatsen. Zo hadden in de aardappel-rucolasoep de rode peper en de knoflook best wat prominenter aanwezig mogen zijn. De Oriëntaalse vruchtensoep met citroengras, steranijs, vanille en mango lijkt me een ideaal gerecht voor een warme zomeravond, maar is wat minder passend in een koele maand maart. Met ƒ90 p.p. voor drie gangen à la carte inclusief een vriendelijke fles Cabernet Sauvignon uit Navarra, koffie en aperitief is de prijs redelijk. En waar krijg je er voor die prijs nog zo'n fraai paarsgekleurde truffelaardappelsalade bij?

Als we om een uur of tien onze kamer opzoeken, lijkt de gezelligheid in Alfresco nog lang niet ten einde te lopen. We hebben er geen last van, dankzij de binnenhoven heerst in het hotelgedeelte nog steeds de serene rust van Elizabeth. De overnachting zonder ontbijt kost 225 gulden wegens de verbouwing, normaal 275 gulden. Ook in de middenklasse blijft Amsterdam tot de Europese top vijf van de hoogste hotelprijzen behoren. Er moet tegenwoordig veel geld zitten in die rugzakken.