ERFTERMEN

Wie zijn eerste stappen zet op het gebied van erven, loopt al snel tegen allerlei niet-alledaagse termen en regelingen op. De materie is ingewikkeld, maar de basis is eenvoudig.

Erflater degene die is overleden en enig bezit (geld, goederen en/of schulden) achterlaat.

Erfgenaam Iemand die de hele erfenis of een deel daarvan krijgt. De erfgenaam heeft recht op (een deel van) de bezittingen, maar is ook aansprakelijk voor (een deel van) de schulden die mogelijk onderdeel zijn van de erfenis.

Kindsdeel Wanneer er geen testament is, wordt de erfenis verdeeld op grond van wettelijke regels. Uitgangspunt daarbij is dat alleen familieleden erven. De wet verdeelt de mogelijke erfgenamen in vier groepen. Pas als in een groep géén familielid aanwezig is, komen personen uit de daaropvolgende groep als erfgenaam in aanmerking. Groep 1 bestaat uit de echtgenoot en de afstammelingen: kinderen of (achter)kleinkinderen. De erfenis wordt in gelijke stukken verdeeld tussen de overblijvende partner en de kinderen, de zogeheten `kindsdelen'. Vaak wordt gezegd dat de partner `de helft plus een kindsdeel' krijgt; dit is verkeerd geformuleerd: de partner heeft al recht op de helft van de boedel (wanneer er tenminste in gemeenschap van goederen is getrouwd).

Groep 2 bestaat uit de ouders en de broers en zusters van de erflater, met hun afstammelingen. Groep 3 zijn de grootouders; andere familieleden (tot en met de zesde graad) vormen groep 4.

Legitieme portie Dit is het gedeelte van het erfdeel dat het kind niet per testament kan worden ontnomen. In nieuw erfrecht wordt de legitieme portie de helft van het kindsdeel. Nu is de legitieme portie afhankelijk van het aantal kinderen (bij één kind 1/2 van het kindsdeel, bij twee kinderen 2/3, bij drie of meer kinderen 3/4).

Alleen kinderen (en eventueel hun kinderen bij plaatsvervulling) hebben recht op een legitieme portie. Door een wetswijziging bestaat sinds 1 januari 1996 dit voorrecht niet meer voor ouders en grootouders. Broers en zusters en ook de echtgenoot hadden hier al geen recht op.

Legataris Iemand aan wie in een testament een legaat is toegekend, krijgt een bepaald goed of een vastgesteld geldbedrag. Het kan gaan om een huis, maar ook om een sieraad of ander voorwerp met (emotionele) waarde. Erfgenamen zijn verplicht het legaat af te geven.

Testament Notariële akte waarin iemand verklaart wat hij wil dat met zijn nalatenschap moet gebeuren. Wanneer er geen testament is, geldt het wettelijke erfrecht.

Codicil Hierin kan een beperkt aantal regelingen voor na het overlijden worden vastgelegd. Zo'n verklaring moet eigenhandig zijn geschreven en zijn voorzien van datum en handtekening.

bron: Koninklijke Notariële Broederschap, Consumentenbond