Schatgraver Thaksin krijgt het lid op de neus

Nog maar een week geleden was hij de nationale held van Thailand. Nu is hij keihard van zijn voetstuk gevallen. Senator Chaowarin Latthasaksiri beloofde zijn land dat de nationale schuld in één klap kon worden afgelost en dat er dan nog genoeg over zou zijn om de almaar zwakker wordende economie een stevige impuls te geven. Hoe? Met de grootste gouden schat ooit gevonden, hield Chaowarin jarenlang vol.

Zes jaar geleden bracht de senator een bezoek aan de Li Chia-grot in de bossen in het westen van Thailand. Hij stuitte op een oude boeddhistische monnik die hem vertelde hoe hij ruim 50 jaar geleden twee wagons volgeladen met goud en een gedemonteerd vliegtuig met een locomotief en al de grot in zag rijden. Het was goud uit Birma, geroofd door het terugtrekkende Japanse leger dat het in de Li Chia-grot in veiligheid bracht. Samurai met zwaarden begeleidden de trein en pleegden daarna hara kiri, wist de monnik.

Eerst geloofde de senator hem en zes jaar later de helft van Thailand inclusief de Thaise premier Thaksin Shinawatra. Het verhaal was inmiddels wel wat bijgesteld: in de stalen kisten die in de grot zouden liggen, zat geen echt goud maar Amerikaanse staatsobligaties van 1934 met een totale waarde van 25 miljard dollar, exclusief de 4 procent rente die de Amerikaanse bank aan de houders van de bankpapieren zou moeten betalen. Chaowarin liet één ervan aan Thaksin zien. Die was blij als een kind: ,,Broer Chaowarin, als deze dingen echt zijn, heb jij de natie gered.'' De premier herhaalde dit later in het openbaar.

Had Thaksin maar even op de website van de Amerikaanse regering gekeken. Die waarschuwen voor de `1934-bonds', die ook al in de Filippijnen waren opgedoken en zo vals bleken als een Vermeer van Van Meegeren.

Geen schat dus, zo bleek gisteren. Nu heeft Thaksin een probleem. Het hele land staat in vuur en vlam sinds hij Chaowarin serieus nam. Nu lijdt hij pijnlijk gezichtverlies, een zwaarwegend probleem in Azië.

Ook haalde de gezaghebbende Asian Wall Street Journal naar Thaksin uit, omdat hij er geen seconde aan had gedacht de rechtmatige eigenaar van het goud te zoeken, maar de opbrengt linea recta in de staatskas wilde storten. Bovendien heeft de afgelopen januari aangetreden premier zijn kiezers gedwongen de harde realiteit onder ogen te zien: de economie is zo zwak dat die het goud hard nodig had.

Het goud mag dan een droom zijn, die zwakke economie is de harde Thaise realiteit.