Deelraad

Wat nou weer? Het hoofd van het Bureau Integriteit van de gemeente Amsterdam moet aftreden wegens te nauwe vriendschapsbanden met een verdachte. Gelukkig schijnt de integriteit van het Bureau Integriteit niet in het geding te zijn.

Een week eerder waren het de vervalste paspoorten die in het stadsdeel Amsterdam-Zuidoost werden afgegeven aan cocaïnesmokkelaars. En daarvoor? Ik herinner me dat er een keer bij het Grondbedrijf opeens honderden miljoenen spoorloos waren verdwenen. Bij het Vervoersbedrijf ging het personeel zelf in zaken met op het werk gestolen spullen. Ze liepen tegen de lamp, er werd vervolgens niets gedaan en de eerlijke werknemers die geklaagd hadden, moesten ontslag nemen omdat hun positie op de werkplek onhoudbaar was geworden.

Twee jaar geleden gaf de Parooljournalist Jos Verlaan een overzicht in zijn boek Chaos aan de Amstel, maar de ontwikkelingen gaan zo snel dat er allang weer plaats is voor een nieuwe bijgewerkte druk.

De Amsterdammer recht de rug, hij mompelt opgewekt `En dan, het had zoveel erger kunnen zijn' en hij verbaast zich over het wonder dat de stad nog zo mooi overeind staat. Maar het gevoel dat hij goed bestuurd wordt heeft hij niet.

Toen een jaar of tien geleden de Amsterdamse deelraden werden ingesteld, las ik ergens dat er voortaan voor alle actieve Amsterdamse leden van de PvdA een baan als deelraadslid of hoger beschikbaar was. Ergens anders was sprake van 85 procent van de actieve leden. Hoe dan ook, het beeld van de lokale democratie als sociale werkplaats voor minder begaafde politici werd er hard ingehamerd.

Een paar maanden geleden leverde ik een bijdrage aan de lokale democratie door met handtekeningenlijsten rond te gaan voor het referendum dat een deelraad voor de binnenstad wil tegenhouden. Het was een prettig gevoel dat de twee vorige burgemeesters van Amsterdam aan mijn kant stonden. Die wilden de binnenstadsdeelraad niet omdat ze verstand van stadsbestuur hebben. Ik had dat niet, maar ik dacht aan buitenlandse steden die veel groter zijn dan Amsterdam en op het eerste gezicht beter bestuurd worden. Als de deelraden zo mooi waren, waarom bestonden ze daar dan niet?

Het was verbazend hoe makkelijk het ging. Niemand zei: ,,Het gaat nu zo slecht, met een deelraad kan het alleen maar beter worden.'' Er waren er die even bang waren dat ik een verwilderde democraat was die hun juist een deelraad wilde aansmeren, maar als ze door hadden dat het omgekeerd was, gaven ze meteen hun handtekening. Niemand, letterlijk niemand weigerde.

Vorige week viel een pamflet in de bus van het Comité Gelijke Rechten voor de Binnenstad. Het comité vind het oneerlijk dat de binnenstadsbewoners nog geen deelraad hebben en de andere Amsterdammers wel. Dat de meerderheid van de binnenstadsbewoners die deelraad niet wil, maakt voor het comité niet uit. De stad is missiegebied waar de democratie verspreid moet worden, ook als die niet welkom is.

De tegenstand tegen de binnenstadsdeelraad komt volgens het comité van de Kamer van Koophandel en andere belangengroepen. Dat is onaardig tegen brave handtekeningenjagers als ik en Ed van Thijn, die met zijn gezag als oud-burgemeester duizenden handtekeningen binnenhaalde. Ik zal hem niet gauw vergeven hoe hij indertijd met een brok in de keel de schrijver W.F. Hermans tot ongewenst persoon verklaarde, maar dit leek me een mooie onbaatzuchtige actie van hem. Volgens de leden van het Comité Gelijke Rechten voor de Binnenstad (wie zijn dat eigenlijk?) is hij slechts een manipulant in dienst van de Kamer van Koophandel geweest.

Over acht dagen wordt er gestemd. De tegenstanders van de deelraad zullen in de meerderheid zijn, maar ze zullen het toch niet halen, omdat de opkomst te laag zal zijn geweest. Zo zal het met ieder referendum in Amsterdam gaan.

De stadsbestuurders begrijpen dat ze een referendum nooit echt kunnen winnen. Voor de vorm moeten ze een beetje doen alsof ze daarnaar streven, maar niet te hard, want dan jagen ze de opkomst omhoog en dat is nu net wat ze niet gebruiken kunnen.

Het is begrijpelijk en juist dat er een hoge opkomst geëist wordt om een besluit van de gemeenteraad per referendum nietig te verklaren. Maar als de drempel zo hoog is dat het vrijwel zeker is dat hij in de praktijk nooit gehaald zal worden, ontstaat er behoefte aan een Comité tegen Democratische Kraaltjes en Spiegeltjes dat als eerste en enige daad een referendum organiseert om de zinloos geworden Amsterdamse referenda af te schaffen. Helaas is dat formeel niet mogelijk.

Ik kwam Huib van Dis tegen die me indertijd op handtekeningenjacht had gestuurd, en ik vroeg: ,,Is er nog hoop, dokter?''

,,Als jij straks gaat stemmen wel. En er over schrijven kan ook geen kwaad. Zal ik je wat informatiemateriaal bezorgen?''

Niet te enthousiast reageren. Je wil als columnist niet de indruk wekken dat je je te makkelijk om een boodschap laat sturen. Maar ook niet te onverschillig, want ik wil dat materiaal wel hebben.

,,Ik stop het in je bus.'' Hij gaf me een goedkeurend schouderklopje en ging zijns weegs, want het zijn drukke dagen voor hem.

Gisteren lag het pakket dat mij de argumenten bij mijn intuïtieve standpunt moest leveren in de bus. Het waren tien identieke pamfletten met steeds dezelfde tekst, een artikel dat Geert Mak in NRC Handelsblad had geschreven.

Dat mocht werkelijk een compliment voor onze krant genoemd worden. Of het ook een compliment voor mij was dat ik geacht werd een artikel pas na tien, of eigenlijk elf keer lezen te snappen, kon betwijfeld worden.

Het was in ieder geval een teken dat Huib in zijn maanden als actievoerder een vakman was geworden, die beseft dat voor iedere politicus de herhaling het essentiële middel tot succes is.

    • Hans Ree