VEB stuurt brandbrief aan premier

De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) heeft een brandbrief naar premier Kok gestuurd waarin zij vraagt om wettelijke maatregelen tegen ,,exhibitionische zelfverrijking'' van managers van bedrijven.

In de brief grijpt de vereniging terug op een uitspraak van premier Kok die sommige optieregelingen in het bedrijfsleven in 1997 al ,,exhibitionistische zelfverrijking'' noemde. In reactie daarop is de overheid toen met belastingmaatregelen en de eis van een grotere transparantie ten aanzien van opties van bestuurders gekomen. Volgens de VEB heeft dat nauwelijks enig effect gehad.

De VEB constateert dat sommige ondernemingen worden gezien als vehikels waaraan men waarde kan onttrekken zonder dat sprake hoeft te zijn van een redelijke verhouding tot de prestatie en/of parallelle belangen met aandeelhouders. De VEB noemt dit ,,zeer ernstig'' vanwege de ,,negatieve effecten op het ondernemingsbestuur, de enorme schade voor aandeelhouders en de aantasting van het vertrouwen in de top van het bedrijfsleven.''

Als voorbeelden worden in de brief de optieregelingen bij telecombedrijf Versatel en kabelbedrijf UPC genoemd. Ondanks ,,zeer omvangrijke verliezen'' en een dalende beurskoers kreeg de top van Versatel onlangs opties met een uitoefenprijs van 2 eurocent toegekend. Op die manier kunnen de bestuurders, ondanks het koersverlies (87 euro in 2000, 4,36 euro nu), ,,aanzienlijke winsten'' op de nieuwe opties verzilveren. Een woordvoerder van Versatel werpt tegen dat het zonder die optieregeling ,,moeilijker is om internationaal topmanagement voor langere tijd aan Nederlandse ondernemingen te binden.''

Ook UPC moet het ontgelden. Ondanks een verlies van twee miljard euro en een koersdaling van 94 procent ,,werden de vaste beloning en het optiepakket van het management aanzienlijk uitgebreid'', schrijft de VEB.

Om de door de VEB geschetste problemen aan te pakken zou de omvang van de optieregelingen volgens de vereniging beperkt moeten worden en zou wettelijk moeten worden vastgelegd dat de aandeelhoudersvergadering de regelingen goedkeurt.