Van het Fins naar het Ests, Grieks, Pools en terug

Elf werktalen kent de huidige Europese Unie. Nieuwe lidstaten brengen nieuwe talen mee en navenant meer misverstanden. `Brugtalen' bieden mogelijk uitkomst.

Uit de mond van de gezette Zweedse premier Göran Persson klinkt een hoge vrouwenstem en de zwartharige Griekse Eurocommissaris Anna Diamantopoulou spreekt als een man. Een parlementariër stemt tegen een motie, hoewel hij voor wilde stemmen. Slechts enkele Europarlementariërs begrijpen de grap van een spreker direct, anderen lachen met vertraging en velen hebben niets leuks gehoord. Iemand verzoekt om hem in het Engels duidelijk te maken wat hij door een koptelefoon in zijn eigen taal niet heeft begrepen.

Het gebruik van elf werktalen leidt in het Europees Parlement tot veel merkwaardige situaties. Daaraan veranderen inspanningen van tolken weinig. Die moeten een Finse spreker in de tien andere talen van de Europese Unie vertalen. Reageert een Spanjaard daarop, dan moet die ook weer in tien andere talen te horen zijn. Dat levert 110 vertaalcombinaties en vele misverstanden op. Als de huidige EU van 15 landen uitbreidt tot 27 landen, komen er 20 officiële talen, 380 vertaalcombinaties en nog meer misverstanden.

Een van de problemen wordt een gebrek aan tolken voor sommige taalcombinaties. Er zijn onvoldoende tolken die bijvoorbeeld uit het Lets in het Grieks kunnen vertalen. De huidige tolken in het Europees Parlement hebben voorgesteld om een systeem met brugtalen in te voeren. Dat wordt nu al gebruikt voor het Fins en het Zweeds. Uit die talen wordt eerst naar het Engels, Frans of Duits vertaald en daarna verder naar de andere EU-talen. Een nadeel van dit systeem is dat het risico van vertaalfouten twee keer zo groot wordt. Bovendien hoort een Europarlementariër een spreker met grote vertraging in vertaling door zijn koptelefoon.

,,Iemand enkele seconden later horen is niet erg'', zegt de Finse socialistische Europarlementariër Ritta Myller. ,,Maar het aantal vergissingen hangt erg af van de kwaliteit van de tolken'', voegt ze eraan toe. Toch denkt ze dat het Europees Parlement voor het systeem met brugtalen kiest als het later dit jaar over de toekomstige talenorganisatie beslist.

Veel Europarlementariërs zijn bereid om in vergaderingen van parlementaire commissies het tolken te gaan beperken. Het vertalen van documenten in alle talen staat niet ter discussie. Overal in het Europees Parlement in twintig talen tolken schept een enorm ruimteprobleem vanwege het grote aantal benodigde tolkencabines. ,,Maar uit democratisch oogpunt zijn talen heel belangrijk'', zegt de Nederlandse CDA-Europarlementariër Maria Martens.

Europarlementariërs moeten in ieder geval overal hun eigen taal kunnen spreken. Dan kunnen ze eventueel in een andere taal luisteren. Van een volksvertegenwoordiger kan niet gevraagd worden dat hij verplicht een vreemde taal leert. Maar in de praktijk kan iemand niet in het Europees Parlement functioneren als hij slechts een taal kent, tekent de Duitse christen-democraat Ingo Friedrich aan. Hij heeft als Europarlementariër cursussen Frans en Engels genomen.

Martens vindt dat in plenaire vergaderingen van het Europees Parlement in elk geval in alle talen moet worden getolkt. Bezoekers uit de EU-lidstaten moeten een debat in hun eigen taal kunnen aanhoren, meent zij. De Franse socialist Bernard Poignant vindt ook dat aan het aantal talen in het Europees Parlement geen beperkingen opgelegd kunnen worden. ,,Maar er ontstaat ook een groot probleem waarvoor ik geen oplossing weet'', zegt hij. ,,De al bestaande neiging in het Europees Parlement om niet te debatteren maar monologen te houden zal door het tolken met gebruik van brugtalen worden versterkt.''

De Vlaamse christen-democratische Europarlementariër Marianne Thyssen denkt dat de ,,steriele kant van de debatten'' in het Europees Parlement niet alleen met de vele talen heeft te maken. ,,Het is ook een gevolg van de organisatie. Vooraf staat al vast wie er hoe lang praat. Er is geen ruimte voor interrupties'', zegt ze. Maar andere Europarlementariërs zeggen dat interrupties moeilijk zijn als er dikwijls gezegd moet worden : ik weet niet hoe ik vertaald ben, maar ik heb dit willen zeggen.

,,Er is hier nooit een levendig debat. Dat betreur ik'', zegt de Duitse christen-democraat Markus Ferber. Hij vindt dat in de EU na de uitbreiding Europarlementariërs alle talen moeten kunnen spreken, maar op uitzonderingen na slechts in het Engels, Frans, Duits, Spaans, Italiaans en Pools vertaald moeten worden. ,,Wie alleen zijn moedertaal spreekt, kan hier praktisch niets uitvoeren'', zegt hij. Hij vertelt dat bij avondvergaderingen nu soms meer tolken dan Europarlementariërs aanwezig zijn.

Vooruitlopend op de discussie over de talenorganisatie die later dit jaar in het Europees Parlement worden gehouden, voeren Nederlandse tolken op het ogenblik ,,een privé-oorlogje'' met D66 Europarlementariër Lousewies van der Laan en de PvdA'er Michiel van Hulten, vertelt Ben van Leeuwen, tolk in het Europees Parlement. Hij ergert zich samen met zijn collega's aan Europarlementariërs die hun eigen taal niet spreken. Van der Laan en Van Hulten spreken dikwijls Engels. De Nederlandse tolken boycotten hen door hen niet in het Nederlands te vertalen.

De Vlaamse Europarlementariër Thyssen zegt dat ze ,,glimlacht'' om Nederlanders die Engels spreken. ,,Het is een gemiste kans als je niet je eigen taal spreekt. Je praat in het Europees Parlement niet alleen tegen een collega, een Eurocommissaris of een minister, maar ook tegen je achterban die op de bezoekersplaatsen kan zitten'', zegt ze. Tijdens kleinere bijeenkomsten spreken Europarlementariërs uit kleinere taalgebieden geregeld een vreemde taal. ,,Ik was vroeger fundamentalistischer. Ik vond dat alles in je eigen taal moest,'' zegt GroenLinks Europarlementariër Kathelijn Buitenweg. Maar ze is praktischer geworden. Ze spreekt in de Groene fractie en in commissies niet altijd meer Nederlands.

Ze weet geen ideale oplossing. In plenaire vergaderingen heeft zij moeite met de stemmen van de mannen die dikwijls vrouwelijke sprekers en de vrouwen die mannelijke sprekers tolken. ,,Ik word gek van die blikken stemmen van tolken'', zegt ze. ,,Bij stemmingen is het ook lastig. Als het in het Frans, Duits of Engels gaat, luister ik gewoon naar de voorzitter. Maar in het Portugees kan ik de getallen niet volgen. Dan luister ik door mijn koptelefoon naar de vertaling. Maar tegen de tijd dat de tolk `voor' heeft gezegd en ik mijn hand opsteek, realiseer ik mij: o jee, ik stem voor de tegenpartij, ik loop achter en stem `tegen'.''

    • Ben van der Velden