Stijlvol Zürcher Ballett weinig avontuurlijk

Gastprogrammering Muziektheater, die de bespeling van dit theater naast de twee huisgezelschappen samenstelt, streeft naar een gevarieerd danspakket. Daar hoort neoklassiek ballet bij. Vorig seizoen was Uwe Scholtz Leipzig Ballett te gast. Nu het door de Zwitserse choreograaf Heinz Spoerli geleide Zürcher Ballett; een internationaal gezelschap, zowel qua samenstelling van het danserstableau, achtendertig in getal, als wat betreft het repertoire. Dat laatste varieert van sprookjesballetten tot werk van Jirí Kylián, William Forsythe en Hans van Manen. En telt ook balletten van Spoerli zelf.

Het Zürcher Ballett is voor het eerst in Nederland te zien. Gedanst wordt Spoerli's ..und mied den Wind (1999), een anderhalf uur durend muziekballet op Bachs Suites voor cellosolo. Van deze zes suites koos Spoerli de nummers 1, 4 en 5 uit. Claudius Herrmann speelt die ter plekke op zijn vier eeuwen oude instrument, wat goed klinkt. Bovendien accentueert dat live spel dat het hier gaat om een echt muziekballet. De cohesie tussen dans en spel moet optimaal zijn, wil de dans de structuur in de muziek en de emoties die eruit klinken ook daadwerkelijk zichtbaar maken.

Nu klinken uit deze Bachsuites bar weinig gevoelens - de suites bestaan uit reeksen barokdansen. Waarschijnlijk bang dat dit voor zijn ballet te kaal zou uitpakken, verbond Spoerli aan de drie suites een thema: dat van natuurelementen: aarde, water en vuur. Voor het vierde natuurelement wind was geen ruimte meer. Vandaar de titel ..und mied den Wind. Hij liet dat luchtige element gewoon weg waaien.

Dat toegevoegde thema komt vooral tot uitdrukking in de vormgeving. Het ballet opent met Aarde op suite nr. 1. De kleding is dan lichtbruin en zachtgroen en het achterdoek is roodbruin belicht. In Water (op suite nr. 4) overheerst lichtblauw en in Vuur op de vijfde suite is de kleur rood. Hoe ook anders.

Fraai en stijlvol is de vormgeving, maar tegelijkertijd weinig inventief of avontuurlijk. Nu blijkt dat esthetisch verantwoorde maar nogal brave op te gaan voor het gehele ballet, dat één lange ketting van duetten en trio's is, met daartussen een enkele solo, een kwartet, en een groepsdeel ter afwisseling.

Kortom een keurig, volgens de regels van het twintigste-eeuws neoklassieke ballet geconstrueerde choreografie. Met acrobatische tilwerk à la Béjart, met verwrongen extreme balletposes van Forsythe, met robuuste sprongen die typerend zijn voor het vroegere werk van Kylián en met - overheersend - de neoklassieke vormtaal van Van Manen.

Spoerli heeft het meer dan eens toegegeven; een pregnante Spoerli-signatuur bezit zijn dans niet. Wat niet wegneemt dat hij wel een vakkundig maker is. Dat blijkt ook uit dit ballet. Hij weet aardig tegenwicht te bieden aan de eenvormigheid van de suites die volgens eenzelfde stramien zijn opgebouwd. De duetten op de veel langzamer sarabandedelen springen eruit - hoewel ook die aan bloedeloosheid lijden - evenals de daarop volgende snelle delen met speelse dansen. Dat luchtige en dansante werkt aanstekelijk.

Het beste in zijn geheel is het slotdeel Vuur dat spectaculair is vormgegeven. Door dat op het podium een grote cirkel staan die vlam vat na met een dramatisch gebaar te zijn aangestoken. De vlammetjes geven dit een levendig aanzien en van de weeromstuit krijgt de dans een bijna ritueel en dramatisch karakter. De duetten - vooral een sterk mannenduet - zijn hier feller en vuriger dan ervoor. Alsof de dansers in dit laatste deel pas goed zijn opgewarmd.

Toch werd ook ervoor al duidelijk dat de dansers van Zürcher Ballett kwaliteit te bieden hebben, zeker de solisten onder hen: Lara Radda, Karine Seneca, Yen Han en de Nederlandse Ilja Louwen, en van de mannen Michael Revie, Francois Petit, Federico Bonelli en Jens Weber. Die maken dat uiteindelijk niet het laatste woord aan Bachs cellomuziek is, maar toch nog aan de dans.

Voorstelling: Und mied den Wind door het Zürcher Ballett. Choreografie: Heinz Spoerli. Muziek: Bach, suites voor cellosolo. Spel: Claudius Herrmann. Gezien: 13/4 in Muziektheater Amsterdam. Aldaar: 14 en 15/4 (zo. matinee). Inl. (020) 551 8135 of www.gastprogrammering.nl.

    • Isabella Lanz