JAMAICA

Phileas Fogg deed het in 80 dagen, het Jamaicaaanse bobsleeteam in 80 wedstrij-

den. De Achterpagina gaat in 80 hits de wereld rond. Aflevering 42: het Jamaica van de niet-Jamaicanen.

Zo somber als het beeld is dat Bob Marley in zijn nummers schetst van Jamaica, zo vrolijk zijn de liedjes van niet-Jamaicanen over dit eiland. In 1982 danste Doris D & The Pins, de Penny de Jager en haar ballet van de jaren tachtig, `Jamaica' naar de zeventiende plaats van de Top 40. Eerder was de Amerikaan Tom Browne door het eiland geïnspireerd geraakt tot het funky trompetnummer `Funkin' For Jamaica', dat lange tijd niet van draaitafels van de dj's in de Nederlandse discotheken was te branden en niet alleen in 1981 een hit werd maar ook nog eens in 1992.

In bijna alle hits van niet-Jamaicaanse popzangers is Jamaica het eiland van zon en liefde. Al in 1957 zette de Amerikaanse zanger Harry Belafonte hiervoor de toon met zijn `Jamaica Farewell'. Hij is van Maine naar Mexico geweest, zo zingt Belafonte in dit gezellige lied, maar nergens was het zo fijn als op Jamaica. Er wordt gelachen, de meisjes dansen, de zon schijnt, op de markt verkopen vrouwen rijst en zoute vis en natuurlijk is er ook de rum. Belafonte toont zich in het refrein dan ook bedroefd over zijn vertrek uit Jamaica: ,,But I'm sad to say, I'm on my way / I had to leave a little girl in Kingston town.'

`Kingston Town', de nummer 11-hit uit 1990 van de Engelse reggae-groep UB 40, is bijna een herhaling van Belafonte's `Jamaica Farewell'. ,,Oh Kingston Town, the place I long to be / If I had the whole world I would give it away / Just to see the girls at play.' Apotheose van de vrolijke nummers over Jamaica is `Sun Of Jamaica' van de Goombay Dance Band, een Duits kwartet dat gebruik wilde maken van de tanende populariteit van het ook al Duitse Boney M.

Net als `Farewell Jamaica' en `Kingston Town' getuigt dit liedje van een diep verlangen naar Jamaica. Bij de Goombay Dance Band gaat dit verlangen terug tot de jeugd van de zanger, toen hij de film `Mutiny of the Bounty' zag met Marlon Brando in de hoofdrol. En net als Harry Belafonte en UB 40 hebben de leden van de Goombay Dance Band heimwee naar Jamaica, nadat ze het hebben bezocht.

Ook Marvin Gaye's `Third World Girl' van zijn succesrijke comeback-elpee Midnight Love uit 1982 begint met de gebruikelijke lof op de zon, bloemen, bergen en stranden van Jamaica. Zelfs de Jamaicaanse regen kan Gaye bekoren. Maar Gaye was niet voor niets een maatschappijkritische soulzanger: halverwege neemt het lied een plotselinge wending en maakt Gaye melding van de komst van een messiaanse figuur: ,,Comes a man with a plan to renew the world / Up in Rasta land / Hungry boys and girls / He lived up to his part / And he died with a cause in his heart.'

Hoewel Gaye het nummer `Third World Girl' noemde, kan de `man with a plan to renew the world' niemand anders zijn dan Bob Marley, Jamaica's grootste reggaester en nationale held met messiaanse allure die een jaar eerder was overleden. Deze onverwachte ode aan Bob Marley is des te vreemder, omdat Gaye in de rest van het nummer een `Jamaica Lady' bezingt en besluit met de curieuze regels: ,,You be my first, my second, my third world girl / Peas and rice / They are awful nice / But not as nice as you.'

Veel minder raadselachtig dan Gaye's Third World Girl is `Dreadlock Holiday', de nummer 1-hit van de Engelse groep 10 CC uit 1978. Het is het enige nummer van niet-Jamaicanen dat louter negatief is over Jamaica, al maken de 10 CC-ers er wel iets grappigs van. `Dreadlock Holiday', dat muzikaal de vorm kreeg van uiterst beschaafde reggae, is een verslag van een beroving van een vakantieganger op Jamaica. Op straat lopend, wordt de ik-figuur belaagd door `brothers from the gutter' die zijn zilveren ketting opeisen. Als het verweer van de ik-figuur dat de ketting een geschenk is van zijn moeder vergeefs blijkt, roept hij wanhopig uit: ,,And I say, I don't like Reggae, oh no, I love it.'

Terug in zijn hotel wordt de ik-figuur vervolgens belaagd door een vrouw die haar `harvest' aanbiedt. ,,And if you try it, you'll like it and wallow in a Dreadlock holiday', voegt ze hieraan toe. Hierop reageert de ik-figuur zoals bijna alle niet-Jamaicaanse zangers die Jamaica hebben bezongen en zingt: ,,And I say, don't like Jamaica, oh no, I love her.'

    • Bernard Hulsman