HERMANS

`Een gouden markt', `zelf uw broek ophouden', `proberen de markt te pakken', `earning capacity': `Hermans maakt zich er sterk voor'. Aan het woord is niet de oprichter van een supermarktketen, maar zijn naamgenoot de minister van Onderwijs (`Onderwijs is een gouden markt', W&O, 31 maart). Niet alleen wordt het wetenschappelijk onderwijs in handelstermen besproken, ook het taalgebruik is dat van de standwerker, maar wel een internationale standwerker.

`Internationalisering'. Alsof dat in Zoetermeer is uitgevonden. De (exacte) wetenschap is al eeuwenlang minstens zo internationaal als de handel. Van mijn collega's (emeriti) hoogleraren is vrijwel iedereen langere tijd in het buitenland geweest, soms als student, soms na de studietijd. En niet alleen in de VS, maar in Duitsland, Engeland, Frankrijk, België, Italië of Portugal. Zelf heb ik destijds artikelen gepubliceerd met collega's in de VS, Canada, Frankrijk, België, Zweden, Denemarken, Hongarije, Australië en Japan.

De officiële internationalisering heeft tot gevolg dat op allerlei universiteiten een soort steenkolen-Engels wordt gesproken, zowel door docenten als studenten, een omstandigheid die de niet-triviale communicatie ernstig belemmert. Internationalisering is prachtig, maar niet in het lagerejaars onderwijs.

Het `marktdenken' heeft wel zijn werk gedaan in de exacte wetenschappen; daarvoor is nog maar weinig belangstelling, De `calculerende' student leert liever `managen' en praatjesmaken dan wiskunde of de natuurkunde, dat `betaalt' ook beter. Dit is een westers (kapitalistisch?) probleem. In de VS worden de wiskundetijdschriften volgeschreven door Chinezen en Indiërs, die, anders dan Hermans hoopt, helemaal niet naar China of India teruggaan. De Nederlandse aio's in de wiskunde komen voor een aanzienlijk deel uit Oost-Europa of Azië. Ook dezen gaan maar voor een klein deel terug naar hun vaderland.