Aan dierenwelzijn valt te verdienen

Kees van Lede is over twee weken tien jaar aan Akzo Nobel verbonden. Een verffabriek, een chemiebedrijf maar nu vooral een farmaconcern. Aan gezondheid van mens en dier wordt grof verdiend. ,,We zitten in deze business om dieren gezond te maken, niet om ze af te slachten.''

De gekkekoeienziekte, de varkenspest en de mond- en klauwzeer maken het ook voor de buitenwereld duidelijk: de gezondheidszorg voor dieren is een onstuimige groeimarkt. ,,Ik mag wel zeggen dat wij de mogelijkheden op veterinair gebied eerder gezien hebben dan andere bedrijven. Omdat ook de financiële wereld de diergezondheid als tweederangs beschouwde lagen de prijzen voor veterinaire bedrijven lager dan voor farmabedrijven en daar hebben we van geprofiteerd.''

Bestuursvoorzitter Kees van Lede van Akzo Nobel koestert dochter Intervet (nummer drie in de dierengeneeskundige wereldmarkt met een omzet van 1 miljard euro) als nooit tevoren en hij ziet zijn gelijk dagelijks in de krantenkoppen bevestigd. Niet alleen aan het welzijn van mensen, maar ook aan dat van dieren is een goede boterham te verdienen. ,,In toenemende mate zijn er raakvlakken. Allereerst heb je voor gezonde voeding voor de mens ook gezonde beesten nodig en verder kunnen biotechnologische innovaties op veterinair gebied steeds vaker van nut zijn op het menselijke vlak.''

Natuurlijk is de mond- en klauwzeer niet het prettigste moment om je gelijk te halen. Dat beseft Van Lede als geen ander. En rond de discussie over het mkz-vaccin heeft hij lang zijn mond gehouden. ,,Je argumenten moeten wel zuiver zijn omdat je er natuurlijk ook geld aan verdient'', stelt hij. Zowel op het vlak van de vaccins tegen de besmettelijke ziekten, waar de boeren om schreeuwen, als op het gebied van testen kan Intervet een mooie slag slaan. Alleen de politiek in Brussel en Den Haag moet dan wel meewerken. ,,In het najaar hopen we groen licht te krijgen van de autoriteiten om de mkz-test te gaan verkopen: die testen zouden de beleidsmakers op andere gedachten moeten brengen.''

Want, zegt Van Lede, op het moment dat via een bloedproef (,,een paar euro plus een redelijke marge voor ons'') kan worden aangetoond dat dieren vrij zijn van mond- en klauwzeer, hebben landen als Amerika en Japan geen argumenten meer om de export tegen te houden. En dan zou ook het enten van de beesten minder problematisch worden omdat de test het verschil `ziet' tussen gevaccineerde en geïnfecteerde dieren. ,,Dan hoeven geënte beesten ook niet meer te worden afgemaakt. We zijn in deze business om dieren gezond te maken, niet om ze af te slachten. Iedereen praat over het lot van de boeren met dat ruimen, maar dierenartsen maken ook vreselijke dingen mee.''

Dat Akzo Nobel zo actief is in dierengeneeskunde is, zoals zo vaak, niet alleen een gevolg van strategie, maar ook van toeval. Dat is ook af te leiden aan de vestigingsplaats van Intervet, Boxmeer. ,,Daar zat een veevoederbedrijf met een dierenarts die zich gespecialiseerd had in de gezondheid van kippen. Gezonde kippen eten namelijk beter. Die activiteiten groeiden zo hard dat het bedrijf ze aan ons heeft verkocht. Consumptie van kippen, daarvan hangt de hele wereld af. Daarna zijn we groter en groter geworden.''

De winstgroei van de divisie Pharma vorig jaar steeg het resultaat met een derde tot 772 miljoen euro is niet alleen aan Intervet te danken. Ook de Amerikaanse activiteiten van Organon groeien omstuimig. Remeron, het medicijn tegen depressie, was daarvan het toppunt. ,,Zestig procent van de anti-depressiva in de wereld wordt in de Verenigde Staten geslikt. Dan moet je als land toch wel superdepressief zijn. Amerikanen verklaren zich niet alleen sneller depressief hetgeen zonder twijfel ook naar Nederland zal overwaaien maar ze gaan ook veel gemakkelijker met pillen om.'' Inmiddels heeft Akzo Nobel 1.500 artsenbezoekers rondlopen om het humeur van de Amerikanen wat te verbeteren. Een aantal jaren geleden waren dat er nog maar 300. Spannend wordt het moment dat de lucratieve marktbescherming op Remeron wegvalt. Dat gebeurt volgend jaar. ,,Niemand kan zeggen wat er dan gebeurt. De komst van zogeheten generieke (merkloze, red.) medicijnen kan een dramatisch effect hebben, maar ook meevallen. We kunnen de effecten eerst bekijken bij het concurrerende middel Prozac van Eli Lilly. Dat verliest aan het eind van het jaar zijn marktbescherming.''

Dat farmabedrijven een slecht imago krijgen door krampachtig vast te houden aan hun patenten gelooft Van Lede niet. Ook niet op het moment dat daardoor de prijzen voor medicijnen tegen aids in Afrika hoog worden gehouden. ,,Op het moment dat je de patenten loslaat, gooi je het kind met het badwater weg. Bedrijven steken soms wel 500 miljoen dollar in de ontwikkeling van een medicijn en moeten dan vaak nog eens tien jaar wachten tot het een succes wordt. Zonder patenten is een bedrijf niet meer bereid dergelijke risicos te nemen. En wat dat imagoprobleem betreft: elke branche heeft zijn imagoproblemen. Dat geldt voor de chemie, maar ook voor een bank met een mislukte beursintroductie, of voor de landbouw dat door mond- en klauwzeer is besmet.''

    • Marcel aan de Brugh
    • Erik van der Walle