Een explosie van vreugde

Nooit heeft verdediger Sjaak Polak harder gelopen als gisteravond naar het vak met de supporters van FC Twente, nadat hij de laatste strafschop in het bekerduel met Vitesse benutte. Met zijn kapitale treffer vanaf elf meter bezorgde de 25-jarige linksback zijn club alsnog een plaatsbewijs voor de UEFA Cup, die het in de nationale competitie allang had verspeeld. ,,Voor mijn gevoel kon ik na honderdtwintig slopende minuten niet meer lopen'', jubelde Polak. ,,Maar de ontlading was zo groot dat ik zelfs schrok van de waanzinnige sprint die ik er toch nog uit wist te persen. Zo hard loop ik echt nooit meer.''

Voor zijn gevoel ontplofte Polak letterlijk van vreugde, toen hij de bal drie kwartier voor middernacht beheerst langs Vitesse-doelman Zoetebier schoof. ,,De overwinning van PSV op Heerenveen gaf ons een geweldige impuls'', vertelde Polak. ,,We zeiden tegen elkaar dat we aan één overwinning voldoende hadden om een rotseizoen te doen vergeten.''

Maar de apotheose van een serie strafschoppen had Polak nooit durven bedenken. Als laatste meldde hij zich bij scheidsrechter Bossen, bij een stand van 3-3 . ,,Ik realiseerde me plotseling dat ik een half jaar geleden bij Excelsior nog gewoon een anonieme verdediger in de eerste divisie was'', vertelde de Hagenaar.

En uitgerekend in zijn laatste optreden voor de Rotterdamse eerste-divisieclub miste Polak een strafschop in de bekerwedstrijd tegen AZ. ,,Ik heb die penalty slecht genomen'', zei hij lachend. ,,Ik had last van kramp en mijn concentratie had te lijden onder het idee dat ik mijn laatste wedstrijd voor Excelsior speelde.''

Kort daarvoor had Polak openlijk gesolliciteerd naar een club in de eredivisie, na een verblijf van vier jaar bij Excelsior. ,,En nu schiet ik mijn nieuwe club naar de UEFA Cup'', sprak Polak hoofdschuddend. ,,Het kan vreemd lopen in het voetbal.''

Bewust had Polak zich door Twente-trainer Rutten als laatste in de rij strafschopnemers laten opnemen. ,,Hoe arrogant het ook klinkt, ik voelde geen enkele spanning, terwijl toch Europees voetbal op het spel stond. Ik wandelde naar de stip en hield mezelf voor dat ik maar één optie had. Die bal moest achter de keeper. Ik wist voor welke hoek Zoetebier zou kiezen, de doelmannen schrijven tegenwoordig alles op. Gelukkig pakte hij de bal niet.''