Wachten op iets anders

Dansen in La Gaîté, lunchen in Pschorr en feesten in Nighttown. Het Schielandhuis toont een overzicht van 100 jaar Uitgaan in Rotterdam.

Naast zijn Grand Théâtre in Rotterdam, op de hoek van de Pompenburgsingel en de Gedempte Karnemelkhaven, opende de bioscoopmagnaat Abraham Tuschinski in 1924 de nachtclub La Gaîté. Daar gingen de voetjes van de hele fine fleur van de vloer. Natuurlijk zouden de Hoogeweegens, de De Monchy's, de Van Beuningens en de rest van de Rotterdamse elite er niet over piekeren een jood als Tuschinski toe te laten tot hun tennis- of hun roeivereniging, maar naar La Gaîté kwamen ze graag. Al duurde het niet lang. ,,Wat scheelt eraan?'' vroeg Tuschinski zich af in zijn memoires. ,,Het antwoord is heel eenvoudig: het is de Rotterdamse mentaliteit, die vindt dat het nu welletjes is. Men heeft maandenlang gedanst – het lokaal kunnen ze wel uittekenen – het nieuwtje is eraf en nu is het wachten op weer iets anders.''

Zo'n verhaal is op de Uitgaan in Rotterdam, in het Historisch Museum in het Schielandshuis, niet te horen. Daar is het feest, en daar past geen wanklank. Liever suggereren de samenstellers dat Rotterdam honderd jaar lang de leukste en de mooiste, de schitterendste en de meest somptueuze uitgaansgelegenheden heeft gehad. Van de eerste bioscopen van Tuschinski, die overigens alleen in Amsterdam zijn eigen naam op de gevel zette, tot de Eksit en de Nighttown van later en de Hollywood en Waterfront van nu. En dat is gelukt; er is een bonte uitstalling gemaakt vol glitter en glans, die niet alleen het heden met het verleden verbindt, maar de bezoeker ook een beetje lichtvoetig maakt. Buiten, gedompeld in het verkeerslawaai van de Coolsingel, liep ik nog geruime tijd wat wijsjes te neuriën die op de tentoonstelling flardsgewijs voorbijkomen.

Wie het museum via de hoofdingang betreedt, staat meteen voor zo'n dubbele, gecapitonneerde deur die vermaak belooft. Die deur geeft toegang tot een ruime zaal met roodpluchen stoeltjes, afkomstig uit de oude Thalia-bioscoop en hier en daar nog voorzien van de bijpassende kauwgomsporen. Verder is het er een beetje kaal, en de foto's aan de muren hangen iets te keurig ingelijst in het gelid. Maar ze verwijzen naar wat we elders heel wat levendiger te zien zullen krijgen. Op het filmdoek draait een vrolijk gemonteerde compilatie van vertier door de hele eeuw heen – een ongelooflijk oubollig clipje van het populaire dansorkest The Ramblers uit de jaren twintig, revuedansmeiden met blote benen onder grote zwembroeken op een dak aan de Coolsingel, nozems op motorfietsen, de sax van Piet le Blanc, een gabber in extase, hiphop op het Afrikaanderplein en veel meer.

In de stijlkamers hiernaast is in slaapkamerkasten en slaapkamerkastladen een fantasievolle uitstalling gemaakt van de accessoires die de uitgaanders in de loop der jaren hebben gedragen. Ook hier ontbreekt de chronologie, en daardoor valt op hoe onbekommerd de modes tegenwoordig door elkaar lopen: die dassen en hoedjes en brillen en andere parafernalia van vroeger zouden de hedendaagse party-ganger allerminst misstaan. Hetzelfde geldt trouwens voor de kleding die onder de hanenbalken van het Schielandshuis in mooi rood en blauw licht te pronken staat.

Intussen gaat de meeste tijd heen op de zolder, want daar komt het uitgaan pas goed tot leven. Hier de grote lichtspot van de oude schouwburg en een echte kassamachine met rollen toegangskaartjes, daar een tingeltangel-piano uit de vooroorlogse bioscoop, lounge-kussens uit de jaren zestig, vijf peperbussen waarin toepasselijke geluidsfragmenten weerklinken, en overal videoschermen met bewegend beeld van een stad in beweging. Het wachten was steeds weer op iets anders, en dat is hier aanstekelijk geïllustreerd.

Uitgaan in Rotterdam: t/m 6 jan, Historisch Museum Rotterdam, Korte Hoogstraat 31, tel. 010-2176767, www.hmr.rotterdam.nl. Di t/m vr 10-17u, za/zo 11-17u. Toegang ƒ6.

    • Henk van Gelder